Zo'n 330 scholen fuseren tot 112

ZOETERMEER, 14 APRIL. Met ingang van komend schooljaar zullen 328 scholen voor voortgezet onderwijs fuseren tot 112 grote scholen. Dit heeft het ministerie van onderwijs bekend gemaakt.

Bijna de helft (55) van de fusiescholen worden brede scholengemeenschappen, waarin alle vormen van voortgezet onderwijs, van VBO tot VWO, zijn vertegenwoordigd. Dit betekent meer dan een verdubbeling van het aantal brede scholengemeenschappen: in totaal zullen er volgend jaar 103 zijn, de afgelopen drie jaar kwamen 34 tot stand. Verder ontstaan er volgend schooljaar 37 scholen die VBO, MAVO en HAVO zullen aanbieden en 13 scholen voor MAVO, HAVO en VWO. De overige zijn fusies tussen VBO-scholen of MAVO-scholen onderling.

Van de betrokken scholen zouden 117 (36 procent) zonder fusie zijn opgeheven omdat ze minder dan de wettelijke opheffingsnorm van 240 leerlingen tellen. De opheffingsnorm werd vorig jaar verhoogd in het kader van de invoering van de wet op de basisvorming.

Om te voorkomen dat landelijke gebieden hierdoor zouden worden "ontschoold', werd tegelijkertijd de mogelijkheid geboden om bij fusies, onder bepaalde omstandigheden, fuserende scholen bij wijze van dependance open te houden. Vijftig scholengemeenschappen hebben nu toestemming gekregen om bij hun fusie in totaal 106 dependances in stand te houden. In deze dependances zal alleen de basisvorming worden gegeven, zodat na twee of drie jaar de leerlingen naar de hoofdvestiging zullen moeten gaan om hun opleiding af te maken.

Bij een derde van de fusies zijn twee of meer denominaties betrokken. 21 scholen zullen door de fusies van bijzonder openbaar worden, vrijwel allemaal algemeen bijzondere. Drie scholen veranderen door de fusies van openbaar in algemeen bijzonder. Van de 112 gefuseerde scholen zullen er 34 openbaar zijn, 28 rooms katholiek, 25 protestants-christelijk, 13 interconfessioneel (katholiek/protestants), acht algemeen bijzonder, twee reformatorisch en twee samenwerkingsscholen (waarin bijzonder en openbaar onderwijs samenwerken).