Kleine banken: wij worden door de "grote drie' weggeveegd; Grote bedrijven hebben sociaal overleg in ijzeren greep

ROTTERDAM, 14 APRIL. De kleine ondernemingen binnen het bankbedrijf zien de huidige strijd rond de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) met lede ogen aan. Het is vooral de strijd van de "grote drie' tegen de vakbonden. De kleinere banken betalen hun contributie aan de werkgeversvereniging, maar worden nauwelijks gehoord. “Bij een stemming worden wij getalsmatig weggeveegd", zegt onderdirecteur J.F.M. van Gool van Staal Bankiers.

Het overleg voor een nieuwe CAO voor de 110.000 werknemers in het bankbedrijf wordt morgen hervat. Onder druk van werkonderbrekingen, die vandaag bij bankfilialen in het Noorden en bij de Postbank in Arnhem beginnen, deden de werkgevers gistermiddag alsnog een uitnodiging de deur uit aan de vakbonden. De compensatie van de verlaagde uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid (WAO) zal ook morgen het belangrijkste obstakel vormen. De bonden eisen een bijdrage van de werkgevers in de reparatie van het zogeheten WAO-gat, de banken weigeren dit.

Voor deze week hadden de vakorganisaties acties gepland bij de Rabobank, ABN Amro en de ING Bank. Niet voor niets wilden de bonden de drie grote instellingen treffen. Zj hebben immers 80 procent van de markt in handen, zj hebben de belangrijkste stem binnen de werkgeversvereniging voor het bankbedrijf (WGVB) en zj zitten in de onderhandelingsdelegatie voor de CAO. Op ruime afstand worden ze gevolgd door een beperkt aantal middelgrote banken. En daar weer achter aan een groot scala aan kleine banken, veelal gespecialiseerd of filialen van buitenlandse moeders.

Al deze banken vallen onder één CAO. Een overeenkomst die geldt zowel voor de 48.000 werknemers van de ING Bank als voor de 25 personeelsleden van de Triodosbank. De afgelopen jaren leidde dat al tot moeilijkheden. De "grote drie' en de bonden namen afspraken in de CAO op, die voor de kleinere banken onbetaalbaar of praktisch onuitvoerbaar bleken.

Zo werd op basis van het functieclassificatiesysteem de arbeid van mensen op een bepaald niveau ingeschaald. “Daardoor loop ik te vaak tegen rugnummers op. Mensen kunnen ander werk niet opvangen, omdat ze een hoger of lager rugnummer hebben”, aldus Van Gool. Ook directeur drs. W. Mak van Swiss Bank hekelt het functieclassificatiesysteem. “Ik heb geen nummers en vakjes in dienst, maar mensen. Bovendien verricht het personeel soms wel acht verschillende functies. Zelf ben ik bij wijze van spreken op één dag hoofd van de postkamer en onderhandelaar op regeringsniveau.”

Ook zeggen de kleinere banken - met verhoudingsgewijs veel hoger opgeleide specialisten in dienst - vaak moeite te hebben met de afgesproken loonstijging. Van Gool: “Wij hebben geen kantorennet met lager administratief personeel in dienst”. Een loonsverhoging in procenten kan dan ook hard aantikken, zegt hij. Behalve de loonsverhoging zoals die in de CAO is afgesproken, kennen de meeste kleine banken ook nog een eigen beloningssysteem. “En deze schalen groeien ook vrolijk door.”

Op het gebied van de secundaire arbeidsvoorwaarden lopen de kleinere banken ook tegen hindernissen aan. Kinderopvang is te betalen, maar als de betreffende specialiste zestien weken met zwangerschapsverlof gaat, kan de werkgever niet even een uitzendbureau bellen. Woordvoerder P. Schevernels van de VSB Bank: “Je moet inventief zijn. Bij kleinere banken is sprake van grotere loyaliteit, van de zaken op elkaar afstemmen”.

Toch blijven de kleinere banken aangesloten bij de WGVB. Alleen Swiss Bank heeft gekozen voor een eigen "huis-CAO'. Dat leidde tot een conlfict over het algemeen verbindend-verklaren van de bank-CAO met minister De Vries (sociale zaken). Hij vond dat Swiss Bank onder de regels van de algemene bank-CAO moest vallen. Swiss Bank vond van niet en liet zich vervolgens registreren als effecten- en kredietinstelling, waarvoor de bank-CAO niet geldt. Zowel directeur Mak als zijn personeel noemen de bank-CAO een korset.

De overige banken hebben zich bij de situatie neergelegd. “We hebben nu eenmaal niet veel te vertellen, dat is een fact of life”, aldus Schevernels van de VSB bank. De ondernemingen beseffen dat ze (te) weinig kennis in huis hebben om zelf met de vakbonden te onderhandelen. Bovendien willen ze geen slechtere arbeidsvoorwaarden bieden dan de grote banken.

Maar de onderhuidse spanning blijft. Neem het ziekteverzuim. De bankwerkgevers zijn bereid aan reparatie van het WAO-gat (op kosten van de werknemers) mee te werken op voorwaarde dat de bovenwettelijke uitkering bij ziekte wordt verlaagd. Maar daarmee komt de prikkel op de verkeerde plaats te liggen, zegt Van Gool van Staal Bankiers. Want waarom zou je de werknemers bij Staal Bankiers (ziekteverzuim 2 procent) moeten staffen met een lagere uitkering om de kosten bij ING Bank (ziekteverzuim 8 procent) te drukken, zo vraagt hij zich af. Maar hij vertrouwt erop dat andere grote banken met een laag ziekteverzuim hierover hun stem verheffen. “Als wij dat doen, is het toch David tegen Goliath en ik vrees dat het steentje in dit geval zijn doel mist”, aldus Van Gool.