Het Dorp van Mies is door de tijd achterhaald

In de jaren zestig was Het Dorp een revolutie in het denken. Een aparte woonwijk voor lichamelijk gehandicapten met inspraak en zelfstandigheid voor de bewoners. Maar de emancipatie schreed voort en de kamertjes werden al snel te klein. Onlangs begon een ingrijpende verbouwing.

ARNHEM, 14 APRIL. Er zijn lichamelijk gehandicapten die vreselijk moeten lachen als iemand beweert dat "hun soort' tegenwoordig in de samenleving is geïntegreerd.

Hilde, 25 jaar oud, wordt naar eigen zeggen nog regelmatig behandeld alsof ze geestelijk gehandicapt is. Onlangs kwam in de stad een onbekende dame op haar af en drukte haar twee kwartjes in de hand: “Koop daar maar een ijsje voor.” Toch is Hilde geboren in een jaar dat de meeste Nederlanders dachten dat de emancipatie van gehandicapten geregeld was. In 1967 namen de eerste bewoners hun intrek in Het Dorp, een aparte woonwijk aan de rand van Arnhem met 400 wooneenheden voor gehandicapten.

Een dorp waar de nadruk op zelfstandig wonen en niet op verzorging lag, betekende toentertijd een omslag in het denken over gehandicapten. Verpleegsters mochten er niet in uniform rondlopen, bewoners kregen inspraak in het reilen en zeilen van de gemeenschap. Het "monument van Mies' heet het in sommige kringen nog steeds, gebouwd van de 22 miljoen aan dubbeltjes en kwartjes die Mies Bouwman tijdens de televisiemarathon "Open Het Dorp' in 1962 bijeen gaarde. “Nederlandse charitas op z'n best”, zegt nu M. van Ditmars, beleidsmedewerker van de Nationale Gehandicaptenraad. “De mensen kwamen naderhand met bussen vol kijken of hun spaarcentjes wel goed besteed waren. Ze liepen overal binnen. Vonden dat ze daar recht op hadden. "Gaat het nu een beetje?', vroegen ze dan.”

Over de integratie van gehandicapten in de samenleving wordt inmiddels anders gedacht dan 31 jaar geleden. Het Dorp is mede door die veranderde inzichten nog steeds enig in zijn soort: met een eigen supermarkt, kapper, benzinestation en dorpshuis en ongeveer 600 personeelsleden. Maar het bestaat nog en dezer dagen is het begin gemaakt met een grootscheepse renovatie van de woonwijk, die de bewoners wat meer leefruimte moet geven. Want 16 vierkante meter (inclusief natte cel) is wat krapjes. “Het is passen en meten”, zegt A. Jeurissen (49), sinds 8 jaar bewoonster van Het Dorp. “Als je erin trekt gaat het nog wel, maar na verloop van tijd liggen je spulletjes tot het plafond opgestapeld.”

Jeurissen zal binnenkort als een van de eersten in de nieuwe woonruimten trekken. Met de renovatie van het complex wordt het aantal wooneenheden teruggebracht van 396 naar 320. De nieuwe eenheden kunnen daardoor tussen de 40 en 45 vierkante meter groot worden, de bewoners krijgen een aparte slaapkamer en als ze willen ook een eigen keukentje. “Het klinkt misschien dwaas”, zegt W. Hardeman, directrice van Het Dorp, “maar tot dusver hadden ze geen een eigen toilet.”

De verbouwing gaat rond de 27 miljoen gulden kosten. Over drie jaar moet ze voltooid zijn. Dan is Het Dorp aangepast aan de eisen van de tijd, zegt Hardeman. Een wachtlijst van gegadigden bewijst dat er ook (weer) behoefte is aan de voorziening. Dat is de afgelopen jaren wel eens anders geweest. In de jaren tachtig kende Het Dorp zelfs leegstand. De wet van de remmende voorsprong had z'n werk gedaan. Wat in 1962 een revolutionair initiatief was, bleek achterhaald. “Er is nu voor lichamelijk gehandicapten in Nederland een ruim scala van woonmogelijkheden”, weet Van Ditmars van de Gehandicaptenraad. “Alleen moet je soms te lang wachten voor je ervoor in aanmerking komt. De spreiding over het land is niet best.”

De bekendste verschijningsvorm van "het nieuwe denken' zijn de Fokus-projekten, waarvan er 39 in het land bestaan. Groepen van 20 woningen voor gehandicapten in bestaande wijken, met de mogelijkheid om 24 uur per dag hulp in te roepen. Als het aan de Gehandicaptenraad ligt wordt elke nieuwe woning in Nederland in principe geschikt voor gehandicapten: "aanpasbaar bouwen' heet dat. In Nieuwegein wordt een hele wijk volgens dat principe ontworpen. Kleinschaligheid is nu het sleutelwoord voor de integratie van lichamelijk gehandicapten. Het Dorp past eigenlijk niet meer in die visie, vindt Van Ditmars. “Het is een monument voor hoe we het nu niet meer zouden doen.”

Toch is bewoonster Jeurissen na de renovatie zeer tevreden over de woonomgeving. Ze roemt de gezelligheid op Het Dorp en de mogelijkheid om je te "ontplooien' bij een van de vele clubs. “En toch heb je ook je privacy als je wilt. Je gaat volledig je eigen gang.” Ook directrice Hardeman vindt dat Het Dorp nog steeds een functie heeft. Vooral na de verbouwing, die nog meer nadruk legt op de gehandicapte als zelfstandig individu. De gezamenlijke "huiskamer' op elke eenheid van negen woningen is bijvoorbeld opgeheven, bewoners worden geacht gewoon op hun kamers te eten. In de doelgroep van Het Dorp bevinden zich wel meer "ernstig gehandicapten' dan in 1962. Hardeman: “De toelatingseis is nog steeds niet de hoeveelheid zorg die iemand nodig heeft, maar of hij inhoud aan z'n eigen leven kan en wil geven.”