Hindernissen in Gothenburg zijn aan vervanging toe; Ratina Z wint wereldbeker

GOTHENBURG, 13 APRIL. De wereldbeker voor springruiters is gisteren voor de vierde achtereenvolgende keer gewonnen door een Europese ruiter. Maar dat was niet voor de derde maal de Engelsman John Whitaker. Zijn befaamde paard Milton had naaste rivaal Ratina Z van Ludger Beerbaum op meer dan een springfout achterstand gezet, maar ging in de tweede manche onverwacht dramatisch in de fout, waardoor Ratina Z alsnog won.

John Whitaker zat er na afloop bij als een ander na een nachtje zwaar doorzakken. Gewend aan verliezen, zal hij nooit raken. Of het lawaai en de flitslichten van de jonge Zweedse fans Milton van slag hadden gebracht? “Elk excuus is goed”, was Whitakers reactie.

De Nederlandse inbreng was in de slotfase minimaal. De enige kleur kwam van de paarden met een Nederlands accent. Milton is naar wordt aangenomen een nakomeling van de hengst Marius. Ratina Z is verwekt op Stal Zangersheide van Leon Melchior en hielp Piet Raymakers aan goud en zilver in Barcelona. Direct daarna verhuisde de merrie voor veel geld naar Beieren onder hoede van Ludger Beerbaum.

Duizenden jonge, vrouwelijke Zweedse fans zorgden met flitslicht voor een lasershow toen de Britse combinatie op superieure wijze door de ring ging en over de loodzware hindernissen: soepel, zwevend, vlekkeloos. Tot een foutloos eerste rondje waren verder alleen de Amerikaanse Susan Hotchinson en Beerbaum in staat. De rest trapte in elk geval één en meestal meer balken in het rond; zes ruiters, onder wie Raymakers en Skelton, haalden het einde niet; één (de Zweed Eriksson) verdwaalde onderweg.

Het schrikbewind van parcoursontwerper Paul Weier zaaide ontzag en maar net geen dood en verderf. Het bouwmateriaal is in Gothenburg aan vervanging toe. De balken lagen vaak zo vast in de beugels dat alleen de hele stellage omkon, wat voor gevaarlijke valpartijen zorgde. Piet Raymakers hield het daarom snel voor gezien. Tops, die zaterdag zijn kansen verloren zag gaan door een gebroken neusband waardoor Abbeville moeilijker te controleren viel, en Lansink reden nog wel door naar de roemloze zeventiende en achttiende plaats. Raymakers foeterde op het parcours: “Wanneer het vijf centimeter lager is en 20 smaller, krijg je heus ook een goede winnaar en vallen wij niet allemaal dood, maar houden we een paard over dat ook volgende week nog loopt. Vergelijk het maar met de 100 meter sprint. In de finale moeten de gewalificeerde atleten toch ook geen 110 meter afleggen.”