Draadjes

Mejuffrouw Van der Oord uit Den Haag vraagt of ik eens over draadjes wil schrijven.

“Veel mensen”, schrijft zij zelf, “verzuimen draadjes garen, nylon, wol en diverse touwtjes in de vuilnisbak te gooien. Ze liggen dus overal op straat, of in de tuin, of langs de waterkant.”

En nu komt het: “Vogels pikken deze draadjes op en brengen ze naar hun nest. Daar raken ze met hun pootjes in de draadjes verstrikt. Deze slingeren zich om hun tenen, kruisgewijs of rondom, en snijden op den duur de zenuwen door.”

In tweeënhalf jaar tijd heeft mejuffrouw Van der Oord 75 duiven gepakt en van draad bevrijd. Van één duifje waren beide pootjes aan elkaar gebonden. Het kostte drie weken om het dier in een vangnet te krijgen.

Zij heeft allerlei instanties en ministeries aangeschreven. Ze heeft een advertentie in de Haagsche Courant laten plaatsen. Ze denkt dat de meeste mensen gewoon niet in de gaten hebben wat er met die draadjes gebeurt.

Goed, dit stukje gaat over draadjes. Dan denk ik in de eerste plaats aan mijn aangenomen grootvader. Die verzamelde draadjes zoals een merel wormen verzamelt. Hij gaf niets om vogels. Hij was arm geweest. In zijn persoonlijke economie werd een draadje niet over het hoofd gezien.