De badge

Steeds meer mensen krijgen de kans zich extra gewaardeerd te voelen. Oorzaak: de badge. De waarde die aan de badge wordt verleend, vond zijn oorsprong in de sportwereld. Officials gingen het als herkenningsteken gebruiken om hun bestuursfunctie aan te duiden en om zich te onderscheiden van de beoefenaars. Het dragen van een badge werd synoniem aan het dragen van gezag. Zo was het tenminste. De achting voor de badge in de sportwereld is de laatste jaren gedaald en officials worden bobo's genoemd.

Inmiddels heeft de badge zich een plaats veroverd in het bedrijfsleven. Veel grote bedrijven hebben, meestal uit veiligheidsoverwegingen, voor hun werknemers en bezoekers het dragen van een identiteitsbewijs verplicht gesteld. De badges die daarvoor gebruikt worden, zijn er in vele vormen. De laatste in mijn bezit is van het type creditcard. Het is een hard plastic houdertje met clip, waarop aan de achterkant staat: “Dit is tevens uw electromagnetische portemonnaie.” Na opname van een bedrag in een geldautomaat dient de kaart ook als betaalmiddel voor koffie, thee en tussendoortjes uit de Kantinette. In andere bedrijven kan de werknemer met de kaart deuren openen en sluiten.

Mensen kunnen zich door het bezit van zo'n badge op verschillende manieren anders, of belangrijk voelen. De chef die ze uitreikt, bijvoorbeeld. Hij doet hardnekkige pogingen je te laten voelen dat je er trots op moet zijn. Mocht hij je daarvan kunnen overtuigen, dan weet hij zichzelf in rangorde gestegen. Dan is hij opgeklommen tot chef van een bedrijf waar de werknemers een badge dragen.

De uitreiking van mijn badge ging gepaard met een betoog dat er op neerkwam dat ik het ding moest koesteren als ware het een zegelring. Een slechte vergelijking, want dat is het laatste wat ik wil, een zegelring. Op eventueel verlies van de badge volgt nog net geen ontslag.

Bij alle ingangen van het gebouw en bij iedere liftuitgang zit een veiligheidsbeambte. Gekleed in een zwart uniform tast hij met strenge blik het lichaam van de passant af op zoek naar de badge. Hij heeft macht en hij weet het. Hij kan iemand de toegang ontzeggen. Dat is op z'n minst merkwaardig, want hiërarchisch staat hij nergens in het bedrijf. Hij is slechts ingehuurd.

De badge moet altijd zichtbaar gedragen worden. Sommigen voeren dit tijdens het lunchuur door tot op straat en in de broodjeswinkel. Zij die de meeste waarde hechten aan een badge hebben deze bevestigd op de revers van het jasje. Zij willen graag ergens bijhoren en voor vol worden aangezien. De broekriem is al anders. Deze dragers willen zich distantiëren van de anderen, maar gaan daarin nog niet zo ver als degenen die het ding in de zak houden en zo de uniformen hun taak gunnen.

Als iedereen een badge draagt, wordt belangrijkheid genivelleerd. Werknemers uit de hogere echelons gaan er vanuit dat ze te herkennen zijn zonder zo'n dwingend pasje. Voor hen zou de pasjesplicht een verlies in aanzien betekenen. Om die reden wordt het topkader dan ook meestal ontzien. In het bedrijfsleven is de waarde van de badge dus omgekeerd evenredig aan de oorspronkelijke bedoeling ervan. Toch dragen diezelfde topmensen een badge wanneer ze op zondagmiddag te gast zijn in een sponsorbox bij het concours hippique.

“All animals are equal, but some are more equal than others”, schreef George Orwell in zijn boek Animal Farm. Altijd zullen er mensen zijn die zich belangrijker willen voelen dan anderen. Maar ze krijgen het steeds moeilijker om dat te tonen. Aanzien wordt tegenwoordig snel achterhaald. Vaak door materiële zaken, soms is uiterlijk vertoon al voldoende. Dankzij de rage van het joggen werd het trainingspak vrijetijdskleding. Iedereen is nu topsporter, niemand hoeft nog onder te doen voor Gullit. Mensen die op wintersport gingen toen het nog exclusief was, pronkten in april nog met de ski-imperiaal op de auto. Nu bijna iedereen over hetzelfde kan beschikken, is er niets meer dat nog indruk maakt, behalve macht.

Ooit is de badge geïntroduceerd als een insigne waarmee iemand zich op grond van een bepaalde bekwaamheid kon onderscheiden van anderen. Inmiddels is het plastic kaartje alom aanwezig en staat de exclusiviteit ervan op de helling. Al worden ze oormerken genoemd, zelfs koeien zijn er al mee uitgerust. Ik ben bang dat we weer iets nieuws moeten verzinnen.