De Australische droom van hoofdredacteur Wabe Roskam

Met ergernis laat Wabe Roskam mij een gefaxte kopie van een column van Boudewijn Büch uit de Vara Gids zien. “Jammer dat de Vara, die toch altijd voor de gewone mensen opkwam, zo'n zielig stukje afdrukt”, zegt de redacteur van de Dutch Australian Weekly. Hij wil enkele citaten van Büch in de volgende editie meenemen en tegelijk een krachtig persoonlijk weerwoord afdrukken tegen de stelling van de schrijver dat Nederlandse emigranten in Australië “om van te kokhalzen zijn” en “tot de meest mislukte bevolkingsgroep in Australië behoren”.

“Natuurlijk is het zo dat er veel eenvoudige Nederlanders naar Australië zijn geëmigreerd”, zegt Roskam. “Niet iedereen is financieel geslaagd, maar geld is niet het enige dat telt. Dit land heeft veel Nederlanders kansen gegeven die ze in hun eigen land nooit hadden gekregen.” De 35-jarige Roskam past zelf in dat profiel. Na een carrière van 15 jaar als marinier (“mijn grijs verleden”, zegt hij, wijzend op de foto van het fregat Witte de With in zijn kantoor in Sydney) maakt hij nu in zijn eentje de Dutch Australian Weekly, het blad voor de Nederlandse gemeenschap in Australië, die op een kwart miljoen personen wordt geschat. Hoewel Weekly genaamd, komt de ”redelijk dikke' krant wegens de hoge verzendkosten eens per veertien dagen uit.

Roskam maakt zijn eigen Australische droom waar. In de twee jaar dat hij de Weekly bestiert, is de oplage van 3.500 naar 9.000 exemplaren gestegen. De ex-Bolswarder erkent dat hij voor de positie van hoofdredacteur geen passende opleiding heeft. “Ik werkte wel eens voor een stadsradio in Nederland en voor de amateurradio op marineschepen, maar afgezien van werk voor de scheepskrant heb ik geen enkele ervaring als schrijvend journalist. Dat er in de Weekly af en toe een spel- of stijlfout wordt afgedrukt, moet de lezer maar voor lief nemen.”

Het 24 pagina's tellende blad ziet er met zijn magazine-formaat aantrekkelijk uit. De rood-wit-blauwe band op de voorpagina maakt de krant goed herkenbaar in de losse-verkooprekken van de etnische pers, die in het multiculturele Australië floreert. Op sommige verkooppunten in Sydney liggen tientallen verschillende Australische kranten in vreemde talen op lezers te wachten.

Met het beëindigen van de Nederlandse emigratie naar Australië leek een stille verdwijning van de Weekly onvermijdelijk en twee jaar geleden was de krant op sterven na dood. “De Weekly bevatte uitsluitend knipsels uit Nederlandse kranten, zag er saai uit en verloor jaarlijks honderden lezers. Het leek alsof het blad niet meer in zijn eigen toekomst geloofde.” Roskam, in 1989 door een liefdesaffaire naar Australië gekomen, ging dat aan het hart - “misschien door mijn vaderlandsliefde” - en hij probeerde er iets van te maken. “Dat lukt aardig, we draaien nu quitte en er zit commercieel nog toekomst in. De advertenties lopen ook goed, al kost het veel energie ze te werven.”

De krant probeert het Nederlandse nieuws af te stemmen op de belangstelling van de emigranten, die vaak al tientallen jaren in Australië wonen. “De details van de Nederlandse politiek zijn voor hen niet meer van belang. Er zijn hier veel mensen die in het leger of de marine hebben gezeten of die de oorlog bewust hebben meegemaakt. Berichten over verzetsmonumenten en het koninklijk huis neem ik zoveel mogelijk mee”, zegt Roskam.

De lezers geven Roskam ook waardevolle tips. Roskam: “Onlangs zag een Nederlander Anton Geesink op straat lopen. Hij was hier voor het Internationaal Olympisch Comité, omdat Sydney kandidaat voor de Spelen van 2000 is. Via een telefoontje naar het plaatselijke Olympische Comité had ik toen weer een mooi Nederlands-Australisch verhaal.”

Roskam werkt samen met het Nederlands persbureau van Leo Touw, terwijl hij ook Nederlandse persberichten samenvat en bewerkt. Ook de Nederlandse emigranten zelf tonen journalistiek initiatief. Zo bracht de krant onlangs vol trots een exclusief interview met Toon Hermans, in Nederland gemaakt door emigrant John Windus. In een vraaggesprek had Hermans eens verklaard dat succes niet belangrijk was, zolang je maar deed wat je voelde dat je moest doen. Windus zat drie maanden later op de boot naar Australië.

De krant brengt nu ook nieuws van de Nederlandse gemeenschappen in Australië, in correspondentenrubrieken zoals ”Melbourne Melange' en ”Dit en dat en nog wat uit Perth'. “Die rubrieken zijn niet van het hoogste journalistieke gehalte, maar ze worden met enthousiasme gemaakt en met grote belangstelling gelezen. Ze zijn essentieel voor het succes van de krant”, meent Roskam.

Die formule zal later dit jaar mogelijk worden voortgezet door nauwe samenwerking met de ”Windmill Post' in Nieuw Zeeland. “Vanwege de afname van de migratie is het groeipotentieel natuurlijk niet oneindig. Samenwerking met Nieuw Zeeland betekent dat we het aantal lezers kunnen uitbreiden door in een groter gebied af te zetten.” Roskam denkt er over een aantal pagina's in het Engels te gaan brengen, om ook de Nederlanders van de tweede en derde generatie te bereiken. “Door deze initiatieven kunnen we een dikkere en betere krant gaan maken”, aldus de hoofdredacteur.

De advertenties zijn onder meer afkomstig van reisbureaus die vliegretours naar Amsterdam aanprijzen, en Nederlandse winkels waar kandijkoek en rode kool in de aanbieding zijn. Er wordt ook geadverteerd door twee restaurants die in heuse Nederlandse molens zijn ondergebracht. En ”Oma's Pancake Restaurant' in de buurt van Melbourne biedt de lezer tegen vertoon van de uitgeknipte advertentie een speciale korting aan: ”Twee spekpannekoeken halen, een betalen!'