De vergeving van een vader bracht de IRA niet tot inkeer

LONDEN, 10 APRIL. Iedereen in Groot-Brittannië, laat staan in Ierland, kent Gordon Wilson. Hij is een van die symbolen van hoop en verzoening die naar vrede hunkerende mensen uitzicht lijken te bieden op een toekomst zonder sectarische verbittering en terroristisch geweld.

Gordon Wilson was tot 11 november 1987 een anonieme zakenman uit Enniskillen, een toeristenplaatsje in het hart van het merengebied dat Ulster en de Republiek Ierland scheidt. De IRA, het Ierse Republikeinse Leger, koos Enniskillen en de jaarlijkse dodenherdenking daar als object voor een bomaanslag. Waarom is nooit duidelijk geworden, want er was geen militaire kapel en geen afvaardiging van de gehate Noordierse politie. Elf mensen kwamen op die zondagmorgen om, onder wie Wilsons dochter Marie.

De manier waarop Gordon Wilson vertelde over de laatste momenten van zijn dochter (“I love you very much Daddy”, terwijl ze in het donker onder het puin zijn hand vasthield) en de bijna bovenmenselijke vergevingsgezindheid die hij ten toon spreidde jegens de daders van de aanslag, maakten dat zijn persoon en zijn lijden in de ziel gegrifd werden van televisiekijkers over de hele wereld. Kort geleden werd Gordon Wilson, voor Dublin een protestant van gene zijde van de grens, uitgenodigd om zitting te nemen in de Ierse Senaat. Zijn eerste rede behelsde een oproep tot het vinden van een oplossing voor de Ierse kwestie, opdat er een eind zou komen aan “het zinloos geweld” dat op het eiland sinds het begin van de troebelen al meer dan 3.000 levens heeft geëist.

Deze zelfde Gordon Wilson deed eergisteren gedesillusioneerd verslag van zijn ontmoeting met de moordenaars van zijn dochter. Na de aanslag in Warrington, Engeland, waarbij Tim Parry van 11 en Jonathan Ball van 3 het leven verloren door IRA-bommen in de prullenbakken van de belangrijkste winkelstraat, liet Gordon Wilson weten dat hij “als de vader van Marie, niets meer” een rechtstreekse ontmoeting met de IRA wilde om ze te overtuigen van de zinloosheid van hun gewelddadige actie.

Dat initiatief werd hem al bij voorbaat kwalijk genomen door loyalistische politici, die hem verweten dat hij op die manier een platform creëerde voor de IRA. En er waren in Enniskillen ook andere slachtoffers en nabestaanden, die van het begin af aan beklemtoonden dat de vergevingsgezindheid van Gordon Wilson zeker hun capaciteit tot verzoening te boven ging.

Wilsons ontmoeting met de IRA, afgelopen woensdag, de dag dat in Warrington de slachtoffers officiëel werden herdacht, heeft hem in zijn eigen woonplaats om die reden ook nog eens in het isolement gebracht.

Eergisteren zag Wilson zich gedwongen op een haastig gearrangeerde persconferentie zijn verslag te doen van zijn treffen met twee IRA-vertegenwoordigers, nadat de IRA al eerder met een positieve verklaring daarover was naar buiten gekomen. Twee uur had die ontmoeting geduurd. De man en de vrouw die namens de IRA spraken, hadden Wilson een papier overhandigd waarin de organisatie haar medeleven uitsprak met de dood van zijn dochter.

Wilson hield hun voor, zei hij, hoe groot het lijden is dat de acties van de IRA veroorzaken. “Ze leken niet geraakt. Het werd me al heel vroeg duidelijk dat er geen verandering in hun opstelling zou komen. Misschien was het naïef van me om te denken dat de IRA, alleen omdat ik het vroeg, zou veranderen. Daar moet ik mee leren leven.”

Wilson, het boek dat hij over zijn dochter en zijn verlangen naar vergeving heeft geschreven al die tijd stevig in zijn hand geklemd, had moeite zijn emoties te bedwingen. “Het lijkt me dat hun positie in steen gesneden is. Niets wat ik zei heeft hen maar een centimeter van hun stuk gebracht. Ik heb niet het gevoel dat ik iets heb bereikt.”