Twee jaar gevangenis geëist voor frauderende gemeente-ambtenaar

ROTTERDAM, 9 APRIL. Twee jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf eiste officier van justitie mr. A.H. van Wijk gisteren voor Rotterdamse rechtbank tegen een 33-jarige ambtenaar uit die stad wegens malversaties met gegevens uit het bevolkingsregister. De man werkte sinds 1984 bij de afdeling Migratie en Vestiging van het Rotterdamse bevolkingsregister en is inmiddels ontslagen.

Hij heeft bekend dat hij twee - in Suriname woonachtige - kinderen van zijn broer had ingeschreven in het bevolkingsregister. Tevens vulde hij voor familieleden en kennissen valse verhuisberichten in, of maakte eerdere verhuizingen ongedaan. Zodoende kon aanspraak op kinderbijslag, woningen, verblijfsvergunningen en uitkeringen worden gemaakt. De verdachte heeft op deze manier “voor een aanzienlijk bedrag schade aan de gemeenschap toegebracht”, aldus de officier van justitie. Hij kon ongestraft knoeien met de gegevens omdat hij toegang had tot het computersysteem van het register. Wijzigingen die daarin worden aangebracht zijn naderhand niet terug te vinden.

De zaak kwam maart vorig jaar aan het rollen toen de politie een man aanhield die in het bezit was van officiële documenten uit het stadhuis. In zijn agenda kwam de naam van de verdachte veelvuldig voor. Tegelijkertijd ontving de politie een anonieme brief waarin beschuldigingen aan het adres van de verdachte werden geuit. De politie besloot daarop de telefoon van de man thuis en op zijn werk af te luisteren.

De verdachte was volgens de officier van justitie ook behulpzaam bij het sluiten van schijnhuwelijken. Zo stelde hij zijn nicht voor te trouwen met een Nederlandse man om zodoende een verblijfsvergunning te bemachtigen. “Een vreemde raad uit de mond van een gemeente-ambtenaar”, aldus rechtbank-president mr. J. van der Grinten. Bij een huiszoeking vond de politie in het huis van de man persoonskaarten, verhuiskaarten en blanco uittreksels voorzien van een stempel "leges betaald'. Hij beweerde dat hij deze formulieren had gebruikt als cursusmateriaal.

De advocaat van de verdachte, mr. D.Moszkowicz, meende dat de eis van twee jaar “te hoog gegrepen was” en vroeg vrijspraak voor het merendeel van de ten laste gelegde feiten. “Mijn cliënt handelde alleen om zijn naaste familieleden te helpen”, aldus Moszkowicz.

De uitspraak is op 22 april.