Neem de tijd

Om bij stil te staan: H L Meijster, geb 12 aug 1790, overl 10 sept 1880.

Een respectabel man, dat staat wel vast. Hij kreeg de grootste steen van allemaal. Een onafzienbaar dekbed van arduin. Ze moeten paarden hebben gebruikt om hem op zijn plaats te leggen. En toch gaapt er een gat. Op je hurken kijk je recht de kelder in. Je kunt er makkelijk doorheen.

Eerst was het een bolwerk op de vestingwal, hoog boven een boog in de gracht. Nog hoger reiken nu de beuke- en kastanjebomen, de voortdurende zang van een tjiftjaf, de plotselinge roffel van een grote bonte specht.

Sinds 1828 wordt er begraven hier. Maar het meeste is van onze eeuw, zij het ook van voor de oorlog. En het meeste is allang niet leesbaar meer. Namen, data, bijbelteksten uitgewist. Neem de tijd, laat het regenen en de rest gaat vanzelf, het hardste steen wordt zand.

De staande stenen zijn gestruikeld in hun vlucht, verzakt, gekanteld of geknakt. De liggende gebarsten, bedekt met wollig mos of witte, gele, koortsig ingevreten zweren. Een stortvloed van verval en het gevoel: wat heerlijk om te zijn.

De doden liggen goed. Ze zijn volledig op de hoogte van de eeuwigheid. Dat het maar een woord is. Dat het niet veel langer duurt dan dat wat we vergankelijk noemen. Niets om je zorgen te maken.