"Whodunnit' in verdeeld raadsdebat

AMSTERDAM, 8 APRIL. Wie klapte vrijdag uit de school over de besloten vergadering van burgemeester en wethouders? Was het de wethouder van financiën, die vervolgens spoorslag richting wintersport vertrok? Was het de wethouder van economische zaken, die het aan de stok had met de burgemeester? Of was het de wethouder van ruimtelijke ordening die nog een oude rekening had te vereffenen?

Een ding werd gisteravond duidelijk tijdens het bijna twee en een half uur durende interpellatiedebat van de Amsterdamse gemeenteraad: de gemeentesecretaris was het niet, want die lag ziek thuis toen er vergaderd werd. Dat komt goed uit, want de Amsterdamse burgemeester Van Thijn maakte gisteren bekend dat de gemeentesecretaris opdracht heeft gekregen tot een “diepgaand onderzoek” naar de identiteit van “het lek”. Onafhankelijk daarvan stapt oppositiepartij CDA vandaag naar Jusitie om een strafrechtelijk onderzoek aan te vragen wegens het schenden van een ambtsgeheim.

Centraal in de politieke Whodunnit die gisteravond ontstond, stond de vraag wie het eerst met de pers had gesproken over de ruzie vrijdag over het plan "Amsterdam naar 2005'. Wethouder Piet Jonker (PvdA) maakte bezwaren tegen de financiële gevolgen van dit plan en kwam daarmee in aanvaring met zijn partijgenoot Van Thijn. Die was juist in zijn nopjes dat de gemeente na talloze vergaderingen eindelijk een blauwdruk op tafel had liggen over de grote projecten die Amsterdam bij het Rijk wil aankaarten. Tijdens een woordenwisseling kreeg Jonker te verstaan dat hij zich bij de plannen moest neerleggen of anders beter kon opstappen.

Afgelopen zaterdag konden verbaasde raadsleden in twee kranten alles over het interne gekibbel lezen, terwijl ze het plan zelf nog niet hadden gezien. “Toen ik zaterdagmorgen de krant opensloeg heb ik een paar woorden geuit die ik hier beter niet kan herhalen”, aldus VVD-fractievoorzitter Anne Lize van der Stoel.

Er moeten zaterdag meer woorden van gelijke strekking zijn gevallen. Burgemeester Van Thijn neemt de zaak dan ook hoog op, zo bleek gisteravond. “Het is ontoelaatbaar dat iemand uit de school is geklapt, juist op een moment dat politieke collegialiteit voorop had moeten staan. Dit is zeer schadelijk voor de stad en voor de collegiale verhoudingen”, aldus Van Thijn. Als het onderzoek is afgerond zal er politiek worden afgerekend, zo maakte de collegevoorzitter duidelijk. Aan de stemming gisteravond in de raad te oordelen kan de dader zijn politieke doodvonnis tegemoet zien.

Oppositiepartij CDA wilde de politieke aanpak niet afwachten en kondigde bij monde van fractievoorzitter Victor Bruins Slot aan vandaag naar het openbaar ministerie te stappen. Dit nadat een motie van het CDA was gestrand, waarin de burgemeester werd uitgenodigd aangifte te doen van het vermoeden van een strafbaar feit (artikel 272 wetboek van strafrecht, schending ambtsgeheimen). Het strafrechtelijk onderzoek dat hij voorstond weerhield de CDA-fractievoorzitter er niet van zelf vast wethouder Jeroen Saris (Groen Links) als de vermoedelijke dader aan te wijzen.

Over de achterliggende reden dat de kwestie over het "lek' uitgroeide tot een belangrijk agendapunt lieten de raadsleden weinig onduidelijkheid bestaan: de onderlinge verhoudingen binnen de collegepartijen PvdA, D66, Groen Links en VVD zijn bedorven. Wethouder Louis Genet (PvdA) meende dat hem “een kunstje is geflikt” door een van zijn collega-wethouders. “Ik ben hier het grootste slachtoffer en voel me ronduit belazerd”, donderde het van achter de bestuurstafel. PvdA-fractievoorzitter Annet de Waart beschuldigde Groen Links en D66 ervan de kwestie af te doen als een PvdA-aangelegenheid. “Ik bespeur meer collegialiteit bij het CDA”, aldus De Waart. “Een zware politieke opmerking”, meende Groen Links fractievoorzitter Leo Platvoet.

Als enige weigerde raadslid Roel van Duijn (Groen Amsterdam) het "lek' serieus te nemen. “Dit is allemaal puur amusement. De burgemeester die met een grafstem een onderzoek aankondigt. En het dreigement om de politie erbij te halen! Wie weet wordt morgen het leger ingezet.”