Sjaloom

John Berger, "Sering en Vlag' pagina 50: “Hij opende woorden zoals hij oesters opende.”

Niet dat ik dat boek wil aanbevelen - alleen maar dat ik zit te lezen als de bel gaat.

Er staan twee meisjes voor de deur, twee meisjes van een jaar of acht. Ze hebben aangebeld en zijn twee passen achteruit gegaan. Ze staan daar in kabouterjasjes. Omdat de ene knapper is, is de andere dapperder. Ze zegt: “We willen een liedje voor u zingen.”

“Waarom?”

“Zomaar.”

“Nou, vooruit dan maar”, zeg ik.

Het is een liedje dat begint en eindigt met sjaloom en ik kan niet anders zeggen: ze zingen het schattig. De weergaloze ernst van meisjes die een liedje zingen!

“Waar hebben jullie dat zo mooi geleerd?”

“Op school, meneer.”

“En wat is het voor een liedje?”

“Een joods liedje”, zegt de één.

“Uit Israel”, zegt de ander.

“Sjaloom betekent vrede”, zegt de eerste weer.

“Maar jullie zijn geen joodse meisjes wel?”

Dat vinden ze grappig. Nee, joods, natuurlijk niet, arabisch eerder, Marokkaans.

Zomaar een middag in april. Ik kijk naar links, ik kijk naar rechts, een straatje in de zon, geen spoor van oorlog hier.