Moedeloosheid door goed Belgisch-Italiaans wielerhuwelijk; Overmacht leidt tot sprintzege Cipollini in Gent-Wevelgem

WEVELGEM, 8 APRIL. Deze drukke wielermaand logeert de professionele ploeg GB-MG in Waregem, in een pand dat als hotel dienst deed tot de Beaulieu-groep het aankocht voor privé-gebruik. Het is geen toeval dat de rennersformatie in de betonblok langs de snelweg Gent-Kortrijk is ondergebracht, want ze onderhoudt nauwe banden met de eigenaar. Financieel directeur Noël Demeulenaere van de tapijt-gigant Beau lieu is immers de geestelijke vader van het race-team, dat dit nog prille seizoen met kop en schouders boven de concurrentie uitsteekt: het haalde al dertien overwinningen binnen, waarvan die van Johan Museeuw afgelopen zondag in de Ronde van Vlaanderen de meest indrukwekkende was. Maar ook de superieure sprinttriomf van Mario Cipollini gisteren in Gent-Wevelgem sprak zeer tot de verbeelding.

GB is een Belgisch warenhuis met 18.000 werknemers, MG een groot Italiaans kledingbedrijf van sweaters en polo's. Demeulenaere, tevens de baas van het sponsor-adviesbureau ASS, bracht beide geldschieters aan het einde van 1991 samen. In Italië, maar ook elders in Zuid-Europa, heet de ploeg MG-GB, in de Westeuropese wedstrijden GB-MG. Ploegleider Patrick Lefevere vertelt dat het budget per jaar ruim 6,5 miljoen gulden bedraagt, hetgeen volgens Demeulenaere betekent dat beide concerns “prachtige waar voor hun geld” krijgen. “Vergeet niet”, verduidelijkt hij, “dat er nog zes co-sponsors in de kosten bijdragen. De wielersport kan zo heel interessant zijn als reclamemiddel.”

Hij onderstreept dat met cijfers van de Omloop Het Volk, de eerste grote wedstrijd van het seizoen in West-Europa. “De grote naam GB op de shirts kwam die zaterdag in totaal veertien minuten in beeld op de Vlaamse televisie. Dat is niet mis, zeker niet als men bedenkt dat de VTM 220.000 frank (12.000 gulden, red.) per spotje van dertig seconden rekent. Museeuw en Cipollini hebben met hun recente successen voor nog grotere revenuen gezorgd.”

Het Belgisch-Italiaanse "huwelijk' mocht in 1992 al goed genoemd worden, dit jaar verloopt het nog soepeler. En dat is met name de verdienste van de brave nieuweling Museeuw. Lefevere: “Johan heeft een natuurlijke charme, iets ontwapenends. Soms zijn er niet veel woorden nodig om elkaar te vinden. Hij had snel iets met Cipollini, ook door zijn opstelling. In de Ronde van de Middellandse Zee en later in Parijs-Nice cijferde Museeuw - toch ook een supersnelle man - zich herhaaldelijk voor hem weg toen de finish in zicht kwam. Cipollini waardeerde dat enorm, het ijs was gebroken en hij was bereid geregeld wat terug te doen. De sfeer in de ploeg kon niet meer kapot.”

De concurrentie wordt moedeloos van het overwicht dat de formatie-Lefevere demonstreert. Ook gisteren: wie de film van Gent-Wevelgem terugdraait kan zien hoe Ludwig Willems op 66 km van de finish de wedstrijd opende. Hoe dezelfde Belg van GB-MG latere alléén doorging toen zijn medevluchters Danny Nelissen, Peter Farazijn en Christian Henn in een afdaling met gladde kasseien onderuit gleden, hoe hij door een viertal (met ploegmaat Franco Ballerini) werd ingelopen, maar ook hoe de zeven (!) volgelingen van Lefevere tenslotte de massasprint volledig naar hun hand zetten. Dat was een schoolvoorbeeld van klassewerk. Cipollini werd in hoge snelheid kilometers lang perfect gelanceerd en ging naar eigen zeggen “in een fauteuil” naar de zege.

Als het om de spurt gaat is de ploeg-Lefevere onverslaanbaar, maar ze kan méér. Dat toonde Museeuw al in “Vlaanderen”. “Ook Ballerini kan in de klassiekers soleren”, meent de teambaas. “In Vlaanderen zat hij met de pedalen te spelen, mocht hij niets doen omdat Museeuw alleen weg was. Hij was een gevangene van onze tactiek, maar anders ... Het jaar '92 was voor Franco niet goed. Door tegenslagen en een allergie kreeg hij een mentale opdoffer. Nu staat hij er weer, let maar op.”

Lefevere durft ook stuntwerk te voorspellen van zijn opmerkelijke garde in de grote etappewedstrijden. Hij wijst dan met name op Franco Chioccioli en Franco Vona. De eerste won vorig jaar een rit in de Tour èn de Ronde van Italië. “Vona was de openbaring van de Giro”, zegt hij, “en hij werd tweede in de Tour-bergritten naar Sestrières en Alpe d'Huez. Die laatbloeier van 28 werd zesde in het eindklassement van de Giro en elfde in de Tour. Ook van Cipollini verwacht ik veel in Frankrijk, als het om de dagprijzen gaat. Hij is pas 26 jaar. Soms reageert hij te emotioneel zoals iedereen kon zien in Milaan - Sanremo, toen hij na die chaos aan de streep zijn fiets door de achterruit van de koersdirecteur gooide. Hij heeft de naam een playboy te zijn, maar hij is op zijn tijd ook heel serieus bezig.”

Trainer en pr-man Roger de Vlaeminck van GB-MG is daar niet geheel van overtuigd. “Die Cipollini”, zei hij gisteren aan de meet, “is echt de beste van allemaal op de kasseien. Hij gaat als een danseres over die stenen heen. Werkelijk, komende zondag zou hij ook Parijs-Roubaix kunnen winnen. Maar dan moet hij nu, na het opfrissen, meteen weer op zijn fiets springen om een kilometer of veertig, vijftig bij te trainen. En daar voelt hij niets voor. Dat zit er niet meer in. Kan hij niet opbrengen. Jammer. Hij wil nu zo snel mogelijk naar Waregem, naar het centrum van Beaulieu. Om te eten, naar huis te bellen en dan te slapen.”