Grontmij-dochter lijdt verlies

Het ingenieursbureau Grontmij heeft bij zijn Belgische dochter Belgroma een verlies geleden van een "half tot een miljoen gulden". Om die reden wordt bij Belgroma voor enkele honderdduizenden guldens een reorganisatie doorgevoerd, die in 1993 zijn vruchten moet afwerpen.

Dit heeft Grontmij vanmorgen bekendgemaakt bij de presentatie van het jaarverslag over 1992. “Het is geen gebrek aan werk, maar een managementsprobleem. Het management wordt op dit moment versterkt”, zei topman J. Reneman. In 1991 leed Grontmij al een verlies van enkele miljoenen guldens op Belgroma, doordat Zaïre niet betaalde.

Begin dit jaar maakte Grontmij de verliesgevende dochter Cooper MacDonald in Groot-Brittannië te hebben opgedoekt. Over de omvang van het verlies wilde Reneman niet meer kwijt dan dat het om “enkele miljoenen guldens” ging. Enkele stafleden en projecten zijn inmiddels overgedragen aan een Brits bureau, terwijl de restanten op dit moment in liquidatie zijn.

Cooper heeft sinds de overname door Grontmij in 1990 verlies geleden, ondanks langdurige reorganisaties. Vorig jaar meldde Grontmij op zoek te zijn naar een partner voor Cooper. Mede door de ernstige recessie op de Britse markt, slaagde Grontmij er niet in om Cooper levensvatbaar te maken.

Dochteronderneming Euroconsult had veel last van de beëindiging van de Nederlandse ontwikkelingshulp aan Indonesië en met een integratie van het bureau BMB. De activiteiten op de vastgoedmarkt vielen tegen, vooral doordat een groot project van dochter Inogem werd uitgesteld.

Eerder dit jaar al meldde Grontmij een winststijging van 13 naar 14 miljoen gulden, bij een gestegen omzet van 451 naar 520 miljoen gulden. Het bedrijfsresultaat daalde van 23,7 naar 23,1 miljoen gulden.

Voor 1993 verwacht Grontmij "een lichte stijging" van de nettowinst. Met behulp van een extern adviesbureau is Grontmij bezig met een decentralisatie van de organisatie, die in 1993 afgerond moet zijn.