Liever Pasen verzetten dan US Masters op bosbaan van Augusta

ROTTERDAM, 7 APRIL. Vroeger zou het ondenkbaar zijn geweest dat de US Masters in het paasweekeinde werd gespeeld. Toen de status van het toernooi gaandeweg toenam, kreeg het een vaste datum op de kalender en al spoedig gebeurde het dat de tweede week van april samenviel met Pasen. Feestdagen waren toen nog heilig en sport stond op het tweede plan. Clifford Roberts, in die dagen de onkreukbare organisator van de Masters, sprak de legendarische woorden: “Maar dan verzetten we Pasen toch.”

Het toernooi werd een week opgeschoven, maar de opmerking van Roberts sprak boekdelen over het aanzien van de Masters. Inmiddels doet sport niet meer onder voor bezinning en is de Masterstitel, samen met die van het Britse Open, door de jaren de meest gewilde titel in de golfsport geworden.

De US Masters, het eerste grand-slamtoernooi op de golfkalender, begint morgen al op de baan van de Augusta National Golf Club in de staat Georgia. Maar de praktijk wil dat het eigenlijke toernooi pas aan aanvang neemt op zondagmiddag, wanneer de spelers aan de laatste negen holes beginnen. De 63 holes daarvoor is het een kwestie van geduld en gaat het om het rangschikken in het klassement. Meestal is dan een groepje van tien, twaalf spelers ontstaan met een onderling verschil van vier slagen. Al deze spelers hebben nog evenveel kans om te winnen wanneer zij aan de laatste negen holes beginnen.

De geschiedenis heeft geleerd dat de leider van dat moment meestal niet wint. Menige speler van naam heeft in het verleden bewezen de last van de favorietenrol in de beslissende fase niet aan te kunnen. Er staat dan zo veel belang en prestige op het spel, dat het hart het gaat overnemen van de techniek. Vaak heeft de uiteindelijke kampioen in dat stadium een paar slagen achterstand. Hij heeft niets te verliezen en kan aanvallend spelen, terwijl de leider ongewild de neiging heeft de veilige weg te volgen en te vaak een blik werpt op de borden die op iedere hole het scoreverloop bijhouden. Curtis Strange, Severiano Ballesteros, Tom Kite en Greg Norman zijn enkele voorbeelden van topspelers die zich, vaak in riante positie, in het recente verleden op de laatste holes hebben vergallopeerd. Ballesteros sloeg in 1986 zijn bal in het water op de vijftiende hole, wat Jack Nicklaus de gelegenheid gaf de Spanjaard voorbij te gaan en zo op 46-jarige leeftijd de oudste Masterskampioen aller tijden te worden. Nicklaus speelde dat jaar de laatste negen holes in 6 onder par en haalde behalve Ballesteros nog zeven andere concurrenten in.

De druk waarmee de leiders op zondagmiddag te maken krijgen, wordt nog extra in de hand gewerkt door de moeilijkheidsgraad van de holes. Bobby Jones, de enige golfer die ooit in een jaar de vier grand-slamtoernooien wist te winnen (1930), heeft de baan van Augusta National in de beginjaren dertig met grote visie aangelegd. Alle spelers hebben een diep respect voor de baan, ook al zijn zij ieder jaar weer het slachtoffer van de strategisch ontworpen holes. Waterhindernissen, schuinliggende fairways, razendsnelle greens en lastige pinposities kunnen alleen met een combinatie van technisch vermogen en tactisch inzicht beteugeld worden.

Bijna alle holes in de tweede helft van het parkoers staan garant voor drama. Weet de speler in de laatste twee uur van zijn ronde rampspoed te vermijden dan stijgen zijn kansen aanzienlijk. De zestiende hole is een par-3 van 155 meter met een grote vijver voor de green. Hoewel de eerste spelers hier pas om half twee doorkomen, zijn de tribunes rond de green al om elf uur volgepakt. De vijftiende is een lange hole met eveneens water voor de green. Op deze holes zal het zondagmiddag allemaal gaan gebeuren.

Maar het is vooral de twaalfde hole die in het verleden voor veel spelers het toernooi heeft bedorven. Met slechts 142 meter is het de kortste hole van de baan, maar ook relatief de moeilijkste. De hole is het bewijs dat lengte en golf niet alles zegt. Voor de green kabbelt een brede beek, tussen het water en de green ligt een gapende bunker en achter de green liggen nog eens twee bunkers. Van daar uit gloort opnieuw het water, want de contouren van het terrein lopen meedogenloos richting water. De green is smal in de breedte en biedt weinig speling voor de bal om op te landen. Wat deze hole extra moeilijk maakt, is de factor wind.

Augusta National is een bosbaan en tussen hoge bomen is moeilijk te bepalen waar de wind vandaan komt en hoe sterk deze is. De hole ligt in een open gedeelte met bomen er om heen en juist daar dwarrelt de wind onophoudelijk. De keuze van de juiste stok is hier van levensbelang, want het verschil tussen een ijzer-7 en een ijzer-8 kan water betekenen of een van de bumpers achter de green. De spelers hebben geleerd om de windrichting te bepalen door naar de vlag op de elfde hole te kijken.

Maar dan nog blijft de afslag op de twaalfde hole de grootste gok van de Masters. Nicklaus sloeg er twee jaar geleden twee ballen in het water en maakte een zeven. Tom Weiskopf sloeg er in 1980 vijf ballen tussen de vissen en maakte een dertien. Toch was dezelfde beek vorig jaar de redding van Fred Couples. Zijn bal bleef vijftien centimeter boven de rand van de beek in het gras liggen. De par-3, die toen nog een formaliteit was, gaf hem het vertrouwen om de volgende hindernissen te omzeilen.