Kans op nieuwe sancties laat Servië koud

BELGRADO, 7 APRIL. Duizenden mensen staan elke dag in Belgrado in de rij, in een meestal vergeefse poging hun kapitaaltje uit failliet gaande banken te redden. De regering, die kampt met een inflatie van meer dan 250 procent in de afgelopen maand, voert vandaag het bankbiljet van 100.000 dinar in. Maar van grote politieke druk op de Servische leiding om haar beleid inzake Bosnië te wijzigen - de gedachte achter de sancties tegen Servië en Montenegro - lijkt geen sprake.

Zelfs het vooruitzicht van verscherping van de embargo's, nu de Serviërs in Bosnië het vredesplan van Vance en Owen niet willen ondertekenen, lijkt geen enkel effect te gaan sorteren, aldus binnen- en buitenlandse waarnemers in de Servische hoofdstad.

De Joegoslavische regering, waarin de dienst voornamelijk wordt uitgemaakt door volgelingen van de Servische president, Slobodan Milosevic, ondervindt zelfs steun van de anders zo roerige Servische oppositie: de kaart van Vance en Owen met de territoriale opdeling van Bosnië is voor de Serviërs in haar huidige vorm volstrekt onaanvaardbaar.

President Milosevic, die eerder dit jaar nog met succes door Owen en Vance werd ingeschakeld om de Bosnische Serviërs althans met het principe van een in autonome provincies opgedeeld Bosnië-Herzegovina te laten instemmen, geeft nu niet thuis. “Vermoedelijk is het niet zo”, meent een diplomatieke bron, “dat Milosevic de Serviërs in Bosnië de wet zou kunnen voorschrijven, zelfs al zou hij dat willen.”

Maar of hij dat zou willen, is zeer de vraag, en in de ogen van de meeste waarnemers zelfs onwaarschijnlijk. Het bezoek van de Griekse premier, Mitsotakis, aan Belgrado - waarvan sommigen een bemiddelende werking hadden verwacht - heeft gisteren voor zover bekend geen nieuwe gezichtspunten opgeleverd.

Binnenkort komt de Russische onderminister van buitenlandse zaken Tsjoerkin in de Joegoslavische hoofdstad langs, vermoedelijk om de Serviërs te bewegen met de kaart van Vance en Owen in te stemmen. Zijn kansen op succes zijn klein.

Milosevic hoopt vermoedelijk, aldus Joegoslavische journalisten, dat de Russische president, Jeltsin, later deze maand zijn referendum verliest en dat Moskou daarna een meer pro-Servische koers zal varen.

Een ander perspectief is nog de suggestie van de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, dat de kaart van Vance en Owen met enkele bijstellingen voor de Serviërs acceptabel kan worden gemaakt en dat het parlement van de Serviërs in Bosnië alsnog tot betere gedachten komt.

Pag.5: VS willen vredesplan aanpassen

Volgens bronnen in Belgrado zouden de Serviërs de door hen in Noord-Bosnië gewenste oost-west-corridor kunnen krijgen. Die zou de door hen in Kroatië en West-Bosnië veroverde gebieden verbinden met Servië. Ter compensatie zouden de moslims dan een corridor naar de Adriatische zee krijgen.

Zonder een territoriale verbinding tussen de beide "Krajina's' in Bosnië en Kroatië en Servië lijkt de kaart geen kans op Servische instemming te maken. “De prijs, verscherping van de sancties tegen Servië en verdieping van de economische malaise, is men kennelijk bereid te betalen”, aldus een diplomaat. “Wellicht is dat de uitkomst van een berekening: geïsoleerde Servische gebieden in Bosnië en Kroatië zouden economisch en anderszins steeds verder verzwakken, terwijl na de oorlog Kroatië en de moslims steeds sterker zouden worden. Aldus zouden die gebieden over een paar jaar alsnog verloren gaan. Dan maar beter dat leed nu, schijnt men te denken”.

Leed is er zeker, ook zonder verscherping van de sancties. De enkele privé-banken, die met extreem hoge renten (tot vijftien procent per maand op depots in harde valuta) de afgelopen maanden veel Serviërs in leven hielden, zijn daarmee inmiddels opgehouden. Eén zo'n bank, Jugoskandik, is immers inmiddels geheel gesloten. Eigenaar Jezdimir Vasiljevic, bekend als organisator van het schaakduel Fischer-Spasski vorig jaar, is naar het buitenland gevlucht - de rekeninghouders kunnen verder naar hun centen fluiten.

De grootste bank van dit type, Dafiment (genoemd naar de vrouwelijke eigenaar, Dafina Milanovic), lijkt in grote moeilijkheden te verkeren. De rente is teruggebracht en de mogelijkheden tot het opnemen van spaargelden zijn ernstig gelimiteerd, hetgeen dagelijks tot chaotische taferelen voor de kantoren leidt, als duizenden proberen naar binnen te komen om hun geld op te eisen. Een schietpartij met dodelijke afloop bij het hoofdkantoor van Dafiment eerder deze week, kennelijk tussen verschillende groepen bankbewakers, completeert het panische beeld.

Naar verluidt zijn de moeilijkheden van Dafiment deels het gevolg van het feit dat enkele grote investeerders in de bank, met verbindingen in de Servische overheid - in ieder geval niet het soort lieden dat voor een loket in de rij hoeft te staan - zijn geld heeft teruggetrokken. Belgrado ritselt van de geruchten over betrokkenheid op hoog niveau bij frauduleuze machinaties, mede naar aanleiding van de arrestatie van de Joegoslavische minister voor handel en toerisme vorige maand. Tekenend - maar onbevestigd - is de anekdote over hoe de politie deze minister, Velimir Mihailovic, tot een bekentenis zou hebben gebracht: men zou hem in de gevangenis hebben wijsgemaakt dat er een staatsgreep was geweest en dat president Milosevic was afgezet.

Tegelijkertijd geldt Milosevic zelf voor bijna alle Serviërs als een onkreukbaar politicus, voor velen de "laatste der rechtvaardigen'. Zijn steun aan het harde standpunt van de Bosnische Serviërs levert hem van de democratische oppositie geen kritiek op, terwijl zijn machtige rivalen in het extreem-nationalistische kamp onmiddellijk van de situatie gebruik zouden maken, als Milosevic de schijn zou wekken druk van het buitenland uitverkoop van Servische belangen te houden. “Iemand als Vojislav Seselj zou vermoedelijk niet aarzelen Milosevic kan als verrader aan de schandpaal te nagelen”, aldus een waarnemer.