VN beginnen aan massa-evacuatie uit Srebrenica

SARAJEVO, 6 APRIL. Een VN-konvooi met hulpgoederen voor Srebrenica, dat is voorbestemd om met vluchtelingen uit de stad te vertrekken, is vanochtend kort vastgelopen aan de Servisch-Bosnische grens; de Serviërs weigerden het konvooi door te laten met het argument dat ze te weinig soldaten beschikbaar hebben om de lading van het konvooi te controleren. Later mocht het verder.

De VN willen vanaf vandaag ondanks verzet van de plaatselijke moslim-commandanten proberen elke dag rond 1.500 vluchtelingen uit de door de Serviërs belegerde stad Srebrenica in Oost-Bosnië te evacueren. De VN-organisatie voor vluchtelingenhulp UNHCR stelt zich ten doel op zo kort mogelijke termijn tien- tot vijftienduizend mensen uit Srebrenica te evacueren, niet alleen gezien de noodsituatie in de stad, maar ook met het oog op de mogelijkheid van nieuw geweld. De Bosnische Serviërs die Srebrenica omsingelen hebben gedreigd de stad binnen twee dagen in te nemen.

José Maria Mendiluce, de speciale afgezant van de UNHCR, zei gisteren dat de toestand in en rondom Srebrenica “niet bemoedigend is”. Er zijn berichten over schendingen van het staakt-het-vuren in de omgeving en “de frontlijn wordt door de Serviërs langzaam maar zeker aangetrokken”. De huidige bevolking van Srebrenica, zei hij, kan, wat er ook gebeurt, niet in de stad blijven. De stad telde oorspronkelijk negenduizend inwoners. Dat aantal is door de toevloed van vluchtelingen uit de omgeving aangezwollen tot 20.000 à 30.000 mensen. In de directe omgeving verblijven nog eens dertigduizend vluchtelingen, de meesten onder zeer moeilijke omstandigheden.

Volgens Mendiluce zullen alleen vluchtelingen worden geëvacueerd, mensen die al eens of zelfs twee keer uit hun woonplaats zijn verdreven. De oorspronkelijke bewoners van Srebrenica, zei hij, moeten in de stad blijven. Een andere woordvoerder van de UNHCR, John McMillan, zei gisteren in Sarajevo dat de UNHCR zich om die reden niet schuldig maakt aan medewerking aan het (Servische) beleid van de "etnische zuivering', zoals de moslim-commandanten van Srebrenica zeggen.

Pag.5: "Wapenembargo Bosnië opheffen'

De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, heeft gisteren gezegd dat de VS op een nog te bepalen moment bij de internationale gemeenschap zullen ijveren voor een opheffing van het wapenembargo tegen Bosnië. “Ik wil er geen tijdslimiet op zetten, maar het gaat niet om maanden”, aldus Christopher. Lord Owen, de EG-bemiddelaar in de Joegoslavië-conferentie, verklaarde zich direct tegen het Amerikaanse plan en zei dat de oplossing moet worden gezocht in hernieuwde druk op Joegoslavië (Servië en Montenegro). Volgens Owen zijn de Bosnische Serviërs, die blijven weigeren het vredesplan voor Bosnië te aanvaarden, volledig afhankelijk van Servië. “Laten we daar geen illusies over hebben. Als Belgrado besluit dat (de oorlog) moet stoppen en dat (de Bosnische Serviërs) een vredesregeling moeten ondertekenen, dan hèbben we een vredesregeling”, aldus Owen.

De Veiligheidsraad van de VN heeft een beslissing over nieuwe sancties tegen Joegoslavië een week uitgesteld. (Reuter, AP, AFP)

Onze correspondent in Brussel voegt hieraan toe: De EG dreigt Joegoslavië met een “totaal isolement” als de Serviërs zich blijven verzetten tegen het vredesakkoord. Gisteren besloten de twaalf ministers van buitenlandse zaken de druk op Belgrado via de VN zoveel mogelijk op te voeren. De lidstaten dreigen alle doorvoer via het grondgebied van Servië en Montenegro te verbieden. Ook zijn ze bereid beslag te leggen op alle tegoeden van bedrijven uit Servië en Montenegro. Lord Owen hield de ministers voor dat “de duimschroeven moeten worden aangedraaid”. Volgens Owen is de Servische leider Milosevic alleen in beweging te krijgen als er “aanhoudend druk” op hem wordt uitgeoefend. Volgens minister Kooijmans “geniet Milosevic nog te veel van het diplomatieke bezoek en de uitnodigingen van de groten der aarde”. Nederland is voorstander van het sluiten van alle diplomatieke vestigingen in Belgrado. Kooijmans: “Er is voor Milosevic dan niemand meer om mee te praten, behalve de co-voorzitters”.