Spel bassist Workman hoogtepunt van festival

Concerten: SJU Jazz Festival met o.a. het Michiel Borstlap Sextet, het Oliver Lake Trio en de Courtney Pine Acoustic Band. Gehoord: 3/4 Vredenburg, Utrecht. Het Borstlap Sextet is verder te horen: 15/4 Vollebregts, Laren, 18/4 Doelencafé, Rotterdam 9 ('s middags) en Café 1911, Castricum ('s avonds) en 19/4 Dizzy, Rotterdam.

De jazzmuziek is inmiddels zo mondiaal verspreid dat het niet veel meer uitmaakt waar een groep vandaan komt. Dat de Amerikaanse act zaterdag op het SJU Festival toch de aardigste was, was voor een groot deel te danken aan bassist Reggie Workman. Zijn macht over het instrument maakte grote indruk, zijn fantasie leek onbegrensd, zijn sierlijke bewegingen streelden het oog. Zo free and easy met muziek kunnen omgaan, is dat een zaak van goddelijke genade? Of "gewoon' het resultaat van inzet en ervaring?

Ook slagwerker Andrew Cyrille en altsaxofonist Oliver Lake, de formele leider van dit trio, speelden zo goed dat het nauwelijks stoorde dat de muziek harmonisch nogal mager was.

Aan fraaie samenklanken was geen gebrek bij het sextet van Michiel Borstlap. Deze vorig jaar afgestudeerde pianist die inmiddels zelf les geeft aan het Amsterdamse Sweelinck Conservatorium, is zeer getalenteerd, zoals te horen is op Day Off, zijn onlangs verschenen eerste cd. Hij weet een stuk te schrijven met een kop en een staart en is als solist meer dan zo maar bekwaam. Zijn timing is goed, zijn aanslag is licht, er zit voldoende "lucht' in zijn spel.

Dat het in Utrecht geruime tijd duurde tot de zaal op temperatuur was, lag dan ook niet aan zijn technisch niveau, noch aan dat van zijn musici. Eric Vloeimans bijvoorbeeld, in '88 cum laude afgestudeerd, is een trompettist van formaat. Een goede toon, een felle attaque, wat wil men nog meer van een jazztrompettist? Wat men van Borstlap en de zijnen zou wensen is een keuze voor wat minder veilige muziek en wat minder nostalgie naar de glorie van vroeger. Herbie Hancock en Wayne Shorter, de voornaamste inspirators van Borstlap c.s., zijn na hun prachtige platen uit de jaren zestig toch niet voor niets andere wegen ingeslagen?

Bij de Acoustic Band van de Britse saxofonist Courtney Pine sprak het verleden nog luider, niet in de laatste plaats door een flinke dosis toegevoegde galm. Met een lange versie van Thelonious Monks Round Midnight werd de poort geopend waarna er een rondleiding door de jazzhemel volgde. George Adams, Dizzy Gillespie, Art Blakey, welke goede jazzmusicus is er eigenlijk niet dood?

Met Sacrafice, Sacrafice werd een dode geëerd die hoewel ongenoemd toch makkelijk kon worden herkend: saxofonist John Coltrane. Een plechtige thema-introductie, lange solo's van de bandleden en de zaal is rijp voor de eindprediking. Ronkende basnoten en gierende flageoletten overspoelen het publiek als een louterend stortbad. Bassist Reggie Workman, met zijn 55 jaar de oudste musicus van de avond, staat er bij en kijkt er naar. Hij speelde een jaar bij de echte Coltrane. Hij weet zelfs het laatste stuk nog dat hij, december '61, met hem op de plaat zette: It's easy to Remember.