Hard werkende rocker Springsteen mist zijn vroegere magie

Concert: Bruce Springsteen. Bezetting: Shane Fontayne (gitaar), Tommy Sims (bas), Zachary Alford (drums), Roy Bittan (toetsen), Crystal Taliefero (zang, gitaar, percussie), Bobby King, Gia Ciambotti, Carol Dennis, Cleo Kennedy en Angel Rogers (zang). Gehoord: 4/4 Westfalenhalle, Dortmund. Herhaling: 19 en 20/4 Ahoy, Rotterdam.

Kan het werkelijk waar zijn dat Bruce Springsteen zijn beste tijd heeft gehad? In Dortmund, tijdens de tournee die hem binnenkort voor twee concerten naar Ahoy in Rotterdam brengt, slaagde de grootste rocker van de jaren tachtig er niet in om de magie van weleer op te roepen. Hoewel de 43-jarige Springsteen voor zijn doen optreedt in betrekkelijk kleine zalen, ontbrak het nu juist aan de intimiteit die hij in zijn gloriedagen in een vol voetbalstadion kon oproepen.

Aan een te hoog voorspelbaarheidsgehalte lag het niet, want The Boss nam in de afgelopen jaren alle risico's die een wereldster van zijn kaliber kan nemen. Allereerst stuurde hij zijn beproefde E Street Band naar huis, na meer dan vijftien jaar trouwe dienst. De ferme beat van drummer Max Weinberg en de clownerieën met "Big Man" Clarence Clemons moesten het veld ruimen voor een betrekkelijk onsamenhangende groep sessiemuzikanten, waarin toetsenman Roy Bittan als enige oudgediende figureert. Vorig jaar verschenen twee nieuwe Springsteen-cd's: het zwaar op de hand klinkende rockalbum Human Touch en het minder gekunstelde Lucky Town.

Het getuigt niet alleen van durf, maar ook van een zekere overmoed dat Springsteen bij zijn huidige tournee vooral put uit het nieuwe songmateriaal. Niet alleen stelt hij zijn oude fans teleur door de al te beperkte aandacht voor zijn verleden, maar de recente songs kunnen niet tippen aan de brille van "Born To Run' of "The River'. Als Bruce Springsteen zich naar aanleiding van huwelijk en vaderschap een nieuw imago heeft willen aanmeten, heeft hij de beproefde pose niet van zich af kunnen schudden. Nog altijd doet hij zich voor als de stoere jongen van de straat die, rollend met zijn spierballen en zwaaiend met zijn gitaar, de boel op stelten komt zetten. Het doet ongeloofwaardig aan, want in zijn teksten toont de oudere en introspectievere zanger een heel ander gezicht.

"It takes a leap of faith to get things going,' zingt een tot inkeer gekomen Springsteen op Lucky Town. "In your heart you must trust.' Het blinde vertrouwen in de fans kwam hem in Dortmund bijna duur te staan, want na een snoekduik in het publiek moest hij worden ontzet door zijn lijfwachten, om aan de grijpgrage handen te ontkomen. Het concert begon sober, met een drietal akoestische nummers die feilloos lieten horen hoe de jonge Springsteen ooit beïnvloed werd door de folkzanger Bob Dylan. De verstaanbaarheid van de teksten werd ernstig gehinderd door de abominabele geluidsversterking in de galmende hal. Het geluid van een kapotte transistorradio hield de volle twee en een half uur aan, ondanks de imposante computerschermen bij de mengtafel.

Als gewoonlijk werd het een marathonconcert, zij het dat de uitputtingsslag halverwege werd onderbroken door een massagepauze. Met de Byrds-achtige countryrock van "Lucky Town' en een gospelversie van Jimmy Cliffs "Many Rivers To Cross' probeerde Springsteen onverwachte wegen in te slaan. Met wisselend succes, net zoals een duet met achtergrondzanger Bobby King het voorbeeld van het soulduo Sam & Dave niet kon doen vergeten. Pas bij het indringende "Atlantic City' ging er een verlossende zucht van herkenning door de zaal. Na een overmaat aan eentonige nummers kwam ook de schelle mondharmonica-intro van "The River' als een verademing, zij het dat de bloedstollende intensiteit van het origineel ver te zoeken was. Springsteen maakte er een kampvuurlied van, waarbij iedereen naar hartelust met de aanstekers kon zwaaien. Een opzettelijk lelijk gespeelde versie van het Amerikaanse volkslied mondde uit in "Born In The USA', dat door het Duitse publiek slaafs werd meegebruld.

Zoals het er nu voor staat, ontbreekt de magie in Springsteens eens zo meeslepende muziek. Hij is nog altijd een hard werkende rocker, maar zijn huidige show is inwisselbaar met die van mindere goden als Southside Johnny of Little Steven. Voor iemand die ooit de toekomst van de rock & roll op zijn schouders heeft gedragen, is dat niet goed genoeg.