Rentedaling in Europa gaat langzaam maar zeker

ROTTERDAM, 5 APRIL. Ook na een half jaar van forse rentedaling blijft de rentetrend neerwaarts gericht.

Langzamerhand kunnen de financiële markten gaan wennen aan renteniveau's die we sinds het midden van de jaren zestig niet meer hebben gezien. Achtergrond vormt in beginsel de neergaande conjunctuur, met name in Europa. Het vorige week verschenen halfjaarlijkse rapport van het Internationaal Monetair Fonds bijvoorbeeld voorziet een nog sterkere groeivertraging in de grote industrielanden dan eerst werd aangenomen. Het IMF gaat er zelfs van uit dat de Duitse economie zal krimpen. Volgens het rapport zal het vooralsnog hoge inflatietempo in Duitsland snel kunnen afnemen, nu de Duitse economie op een recessie afstevent, de recente loonakkoorden gematigd zijn en de geldgroei eveneens binnen de toegestane beleidsmarges blijft. De mogelijkheden voor een duidelijke, verdere rentedaling (in Duitsland, en daarmee in de rest van Europa) blijven derhalve volgens het IMF aanwezig. Ook Bundesbank directeur Hesse had vorige week herhaald, dat er nog ruimte is voor verdere, kleine stapsgewijze renteverlagingen. Afgelopen donderdag hield de Bundesbank de officiële tarieven echter onveranderd, hetgeen een kleine terugval op de Duitse en daarmee ook Nederlandse obligatiemarkten tot gevolg had. Kennelijk was op de rentemarkten de wens te veel de vader van de gedachte geworden. Slechts de repo rate, dat is het geldmarkttarief waarmee de Duitse centrale bank de korte rentes stuurt, werd verlaagd, maar deze verlaging was miniem.

Op de Nederlandse obligatiemarkt kon de Minister van Financiën in dit sentiment toch nog 950 miljoen gulden met de laatste 30-jarige staatslening binnenhalen. Tezamen met de eerdere twee tranches, komt de totaal opbrengst van deze lening op 5,5 miljard gulden. Met de nog komende tranches zal de Minister mikken op een totaal bedrag van 10 miljard gulden . Dergelijke jumboleningen dragen bij aan een betere verhandelbaarheid van de lening, en daarmee dus aan de liquiditeit van de guldensmarkt als geheel.

Internationale obligatiemarkten

Met name in Nederland en Duitsland waren de obligatiemarkten de laatste maanden al vooruit gelopen op de verruiming van het Duitse monetaire beleid. Recentelijk zijn de landen met de wat zwakkere valuta aan een inhaalrace bezig. Nu de spanningen in het EMS nog wel aanwezig zijn, maar in veel mindere mate dan tijdens de valutaire stormen van eind vorig jaar, konden Denemarken, Spanje en Frankrijk hun rentetarieven verder verlagen. Met name beleggingen in Deense obligaties hebben afgelopen maand een zeer hoog rendement opgeleverd. Van een dalende rentetrend was niet, of beter nog niet, sprake in België. Niet alleen politieke zorgen maken beleggers kopschuw, maar vooral het feit dat de regering viel over begrotingsperikelen. Het lijkt er op dat België er niet slaagt de overheidsfinanciën op orde te krijgen. Een uit de hand lopende staatsschuld wordt door internationale beleggers als een belangrijke risicofactor gezien, en komt daardoor vrijwel altijd tot uitdrukking in een hogere risicopremie in de rente.

De genoemde verdere verruiming van het Duitse monetaire beleid zou heel wat landen zeer goed uitkomen. In steeds meer Europese landen is sprake van een onrustbarende stijging van de werkloosheid. Door sommige beleggers wordt het niet uitgesloten dat bijvoorbeeld Spanje zal kiezen voor een stimulerende economische politiek, onder meer een beleid van renteverlagingen, daarmee de valutaire discipline van het EMS opofferend. In aanloop op de Franse verkiezingen deed zich eveneens de vraag voor hoe lang de Franse monetaire autoriteiten bereid zijn de franc met relatief hoge rentetarieven en kostbare valutainterventies te verdedigen. De Franse economie heeft een grote behoefte aan lagere rentes, zeker gezien de ook daar zeer hoge werkloosheid.

De nieuwe regering in Parijs, vorige week geïnstalleerd, benadrukte evenwel dat onverkort zal worden vastgehouden aan het franc fort beleid. Verrassenderwijs maakte zij tevens bekend de Franse centrale bank te willen verzelfstandigen (slechts in een beperkt aantal landen, waaronder Nederland, is de centrale bank onafhankelijk van de politiek). Een dergelijke maatregel zal zeker kunnen bijdragen aan het vertrouwensherstel van de Franse munt. Indien de Duitse renteverlaging dan doorzet, kan de Franse franc definitief uit de gevarenzone kunnen komen. Handhaving van de Franse franc/Duitse mark pariteit vormt nu eenmaal de sleutel tot het behoud van het EMS en daarmee tot de verdere monetaire eenwording in Europa.

Bron: Institute for Research and Investment Services, Joint Venture Rabobank/Robeco