Raadselachtige moord verpakt in levensvragen

Voorstelling: The Art of Living door Cloud Chamber. Concept, choreografie, regie: Ron Bunzl; decor, kostuums: Tom Schenk; lichtontwerp: Bernd Wouthuysen; muziek: collage. Gezien: 1/4 Rotterdamse Schouwburg. Verder: 16 en 17/4 Den Haag. Daarna: landelijk tournee.

Ron Bunzl (1945) maakt totaaltheater: een collage van dans, muziek, gesproken tekst, zang en film. Zijn achtergrond is even gevarieerd. Als achtjarige emigreerde hij van Montevideo naar New York. Studeerde er muziek en beeldende kunst op middelbaar en universitair niveau. Vertrok begin jaren zeventig naar Europa en verdiepte zich vanaf 1977 in de dans. In Amsterdam trad hij voor het eerst op in 1984 met de solo-voorstelling Net/Work. Twee jaar later formeerde hij hier het samenwerkingsverband Cloud Chamber. Daarvan is hij sinds 1990 de enige artistieke motor.

De voorstellingen van Bunzl kraken meestal in hun voegen door de hoeveelheid ideeën die hij erin stopt. Zijn vorig jaar gepresenteerde produktie Borderline Rendezvous verdronk in een wirwar van hoofd- en zijlijnen, die in Amerika overigens werden gewaardeerd als "Europees intellectualisme'. Borderline werd gemaakt in het kader van de Columbus-herdenking en was het eerste deel van The America Trilogy, een drieluik dat ons Europeanen meer inzicht moet verschaffen in de cultuur van de Verenigde Staten. Het nu uitgebrachte The Art of living is het middendeel, het laatste deel, Hotels, staat voor voorjaar 1994 op stapel. Anders dan het eerste deel is The Art of Living een sobere vertelling. Aanvankelijk is er een rechtlijnig detectiveverhaal dat zich afspeelt in het broeierige zuiden van Amerika, maar uiteindelijk krijgt het religieus-mystieke proporties, waarbij het slachtoffer niet zozeer de vermoorde, maar de speurder blijkt te zijn.

Vier verrijdbare huizenblokken en een betongrijs achterdoek (ontwerp Tom Schenk) geven de pleinen en straten aan waar het drama zich voltrekt. Daarboven brandt de zon (lichtontwerp Bernd Wouthuysen) wiens stralen de handeling soms isoleert op een bepaalde plek als een muur of een terras. De personages worden geïntroduceerd onder het gerommel van een naderend onweer. In een sfeer die is doortrokken van verleidelijk en hanig gedrag worden het pistool en de messen vlug getrokken.

Bunzl putte opnieuw inspiratie uit de tekeningen van Saul Steinberg, maar ook uit het verhalenboek 'Walden' van de schrijver Henry David Thoreau en de chaostheorie van Mitchell Feigenbaum. Voorts schreef hij filosofisch getinte teksten, die worden gesproken en gezongen door de Amerikaanse tenor Richard Zook. Daarin worden de (on)bewuste drijfveren van de detective aan de orde gesteld.

Bunzl heeft met de dansers Micheline Gykiere, Eva Sandberger, Susanne Ohmann, Frank Händeler, Guovanni Luquini en de nieuw aangetrokken Marsha Carter (die The Shadow speelt, de sardonisch lachende alter-ego van de detective) een sterke troef in handen. Zij voeren de, soms repetitieve, bewegingscombinaties en de alledaagse handelingen geladen uit op een muziekcollage die veertien composities bevat: van Tom Waits en Randy Newman tot Alfred Schnittke en Igor Stravinsky. Aan hen ligt het niet dat The Art of Living net zo langdradig is als een gedateerde film van Alfred Hitchcock. Bunzl wil zijn dansstuk meerwaarde geven door de ontknoping van het misdrijf te koppelen aan levensvragen. Maar aan zijn 'wereld van verschuivende perspectieven' ontbreekt een samenhangend verhaal en daarmee duidelijkheid.