Hulp VS heeft met hervormingen weinig van doen

“We weten waar we staan. We steunen actief de hervorming, de hervormers en u in Rusland”, zei president Clinton vannacht aan het slot van zijn topontmoeting met de Russische president Boris Jeltsin. En die wist dat, met 1,6 miljard dollar op zak, ook best te waarderen: het Amerikaanse hulppakket, zei hij in zijn antwoord, was “heel groot en wijs”.

Als Clinton met de toegezegde hulp van 1,6 miljard dollar echter werkelijk de bedoeling heeft Jeltsin, de hervormingen en het hervormingsproces te steunen, draait hij zichzelf, en met zichzelf ook de buitenwereld, een rad voor ogen, want de hulp wordt besteed aan zaken die met het hervormingsproces niets te maken hebben: aan onmiddellijke noodhulp, aan graanleveranties en aan de nucleaire ontwapening. Daar wordt weliswaar de wereld veiliger van en daar trekken (naast de Amerikaanse graanboeren) ook de Russische burgers profijt van omdat er letterlijk brood op de plank komt, maar met werkelijke hervormingen heeft de hulp van Vancouver niets te maken: ze heeft niets te maken met de bestrijding van de inflatie, de bestrijding van het begrotingstekort, de prijsliberalisering en de beëindiging van subsidies en ze heeft ook weinig te maken met structurele hervormingen als de privatisering van de industrie en de landbouw. Als die pretentie er al is, dan vooral in de verbale sfeer, de lovende woorden van Bill Clinton en de beleefde dankbetuigingen van Boris Jeltsin.

Waar hervormingen in de Russische economie slagen of falen, gebeurt dat doorgaans aan "de basis', tot op zekere hoogte onafhankelijk van de beslissingen die in het Kremlin worden genomen. In het Kremlin wordt een wettelijk kader geschapen. Dat is een moeizaam proces, waarbij voortdurend wordt geschipperd en waarbij de hervormers op het ogenblik - dat wil zeggen: sinds december, en al helemaal sinds de recente bijeenkomst van het door de conservatieven gedomineerde Volkscongres - zeer forse tegenwind ondervinden.

Maar zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat die tegenwind op korte termijn gaat liggen bestaan er geen garanties. De afgelopen jaren zijn alle mooie plannen van radicale hervormers als Sjatalin en Gaidar in verwaterde vorm (of helemaal niet) terechtgekomen aan de "basis' waar het allemaal moet gebeuren. Ze zijn onderweg van het Kremlin naar de al dan niet verre regio's aangepast, verwaterd of rondweg geblokkeerd, vaak bij herhaling door achtereenvolgens het Russische parlement, de bureaucraten op de ministeries, het plaatselijke bestuur en de managers van grote bedrijven. En als ze niet zij geblokkeerd lopen ze vaak vast op gebrak aan kennis en/of geld. Waar wèl is of wordt hervormd, is dat het resultaat van plaatselijke wijsheid in combinatie met individuele Westerse bedrijven die met concrete investeringen en de noodzakelijke kennis over de brug komen: het St. Petersburg van Anatoli Sobtsjak of het Nizjni Novgorod van de adepten van Grigori Javlinski zijn daar voorbeelden van.

En daar, op die hervormingseilandjes, wordt andersoortige hulp, zelfs van humanitaire aard, met wantrouwen bezien: die hulp, zegt men daar, corrumpeert de ontvangers, ondergraaft de motivering en brengt een gewenningsproces op gang.

Als Westerse hulp al zin heeft, zijn mammoetbedragen eerder taboe dan gewenst, met één uitzondering: het fonds waarmee het Westen de stabilisering van de roebel kan ondersteunen. Zo'n fonds is dringend nodig, omdat geen enkele hervorming zin heeft zolang Rusland een prooi blijft van de hyperinflatie van bijna één procent per dag: pas als de roebel stabiel is, groeit het vertrouwen en pas als het vertrouwen groeit hebben hervormingen een kans. De ministers van de G-7, die over tien dagen in Tokio bijeenkomen om over een hulppakket van wellicht dertig miljard dollar te praten, zouden dat fonds hoog op de agenda moeten zetten.

Maar verder zullen Jeltsin, zijn hervormingsproces en zijn democratie alleen een kans maken met kleinschalige, concrete, gedecentraliseerde hulp, die zoveel mogelijk wordt geconcentreerd op bijstand bij privatisering, de overdracht van kennis - know how van technici, deskundigen en managers -, technische hulp en de inschakeling van het Westerse bedrijfsleven. De 1,6 miljard dollar van Vancouver is nuttig. Maar die hulp heeft minder met de hervormingen te maken dan Clinton en Jeltsin willen doen geloven.