Hockeyers kunnen bikkelen, uitdelen en zelfs incasseren

AMSTELVEEN, 5 APRIL. Tegen HGC kreeg koploper Bloemendaal de zege bijna cadeau. Maar gisteren moest het team van coach Offerman heel diep gaan om tenminste een punt weg te slepen uit het Wagener-stadion. De heimwee naar de lastposten van weleer sloeg binnen een week om in een dankbaar applaus voor de huidige generatie. Amsterdam boog een kansloos lijkende 2-0 achterstand binnen een kwartier om in een 3-2 voorsprong. Het jonge Bloemendaal leek verslagen, maar sleepte alsnog een punt in de wacht dank zij Floris-Jan Bovelander. Die veroverde vijf minuten voor het eindsignaal kostbaar balbezit op het middenveld, zag de daarop volgende strafcorner onreglementair gestopt en verzilverde vervolgens de toegekende strafbal.

De jeugd bleek wel te kunnen bikkelen, uitdelen en incasseren. Amsterdam vocht tevergeefs voor zijn laatste kans. De ploeg staat nog altijd vier punten achter op Bloemendaal, maar kon met opgeheven hoofd de kletsnatte kunstmat verlaten. Of zoals coach Pieter Offerman van de lijstaanvoerder na afloop verwoordde: “De manier waarop hier gestreden is, moet HGC te denken geven.”

De coach kwam als morele overwinnaar uit de gelijke strijd te voorschijn. Met relatief gemakkelijke wedstrijden op het programma, is Bloemendaal de grote favoriet voor de landstitel. HGC liep weliswaar een puntje in door een 6-0 zege op SCHC, maar heeft de traditioneel lastige derby's tegen HCKZ en HDM nog voor de boeg. En Amsterdam heeft de slag eigenlijk voor de winterstop al verloren. “Uit bij Bloemendaal, in december, hebben wij het kampioenschap al verspeeld. Toen waren we beter, maar verloren we met 2-1. Nu waren we aan elkaar gewaagd”, meende de berustende Brenninkmeijer. Hij beseft dat de landstitel van 1976 ook dit jaar geen navolging krijgt bij Amsterdam.

De ploeg krijgt volgend seizoen waarschijnlijk versterking van de bij Kampong overbodige Jacques Brinkman. Met Van den Honert, aanvoerder Rogier van der Wal en de Australiër Graham Reid ontstaat wellicht een middenlinie, die de titelaspiraties rechtvaardigt. Gisteren kwamen de Amsterdammers nog iets te kort. Het razendsnelle Bloemendaalse combinatiespel van het kleine duo Van Westerop - Van Amerongen werd veelal ingeleid door Bovelander. Hij speelt niet eens centraal op het middenveld, maar in de praktijk draait het spel wel om de international.

Bovelander heeft zijn draai ook gevonden bij de vernieuwde strafcorner. Hij scoorde uit de tweede inzet, zag zijn derde op de lijn gestopt door Van den Honert en de vierde in een strafbal omgebogen. Geen slechte score voor de man die zijn stick vanaf dit seizoen niet meer in de nek kan leggen. De specialisten pushen de bal nu richting doel, meestal hoog in de hoek. Taco van den Honert scoorde 1 uit 5 en glimlachte bij het aanhoren van Bovelanders retorische vraag aan bondscoach Oltmans. “Weet je nu wie ze het beste inschiet?” Oltmans vaart wel bij dit luxe probleem. Hij besefte na afloop “dat het nog niet zo slecht gesteld is met het tophockey in Nederland.”

Het duel tussen de nummers één en drie van de ranglijst was meer dan het duel Bovelander - Van den Honert. Op alle fronten waren de messen geslepen. De verzorgers liepen af en aan om de wonden te helen. Scheidsrechter Lathouwers trok slechts eenmaal geel, niet eens voor de beoogde boosdoener. De lankmoedige arbiter zond Smollenaars naar de kant in plaats van de werkelijke overtreder Moolenburgh. Het tempo lag bij vlagen zo hoog, dat balverlies werd ingecalculeerd. Amsterdam gooide er na rust nog een schepje bovenop en bracht de jonge Bloemendaal-verdediging in grote verlegenheid. Erik Jazet is niet de rustgevende factor, die zijn collega-ausputzer Walter Drenth wel is. Zelfs onder een spervuur van aanvallen bleef de Amsterdamse libero letterlijk rechtovereind. Drenths stijl oogt als een hockeyende Beckenbauer: technisch bijna volmaakt, tactisch heel sterk en behept met originele, gewaagde oplossingen.

Drenth wist zich gesterkt door doelman Jesse die schitterende reddingen verrichtte. Alleen bij de tweede goal van Bloemendaal, vlak na rust ging hij niet vrijuit. Jesse werkte een doorstuitende bal niet goed weg en Oene Marseille verzilverde de rebound. Wat de genadeklap had moeten zijn, werd de voorbode van een pakkend slot. Doelpunten van Reid en Van Ede brachten Amsterdam langszij. En Van den Honert leek met de derde goal Bloemendaals tweede seizoensnederlaag in te luiden. Hij vergiste zich, niet als enige, in de enorme veerkracht van Bovelander.