“Als er Russen tussen willen, dan geef je ze een duw”

Dit kan harder, Ned.3, 20.19-20.57u.

Woedend was hij toen Mart Smeets, tijdens de wereldkampioenschappen wielrennen in 1990, neerbuigend sneerde over het damesrennen. Nog kwaaier werd hij toen de sportverslaggever over wielrenster Manon de Rooy opmerkte: “Ach kijk nou, traantjes op de wangen. Ze is zeker teleurgesteld.” Daarop besloot regisseur Leendert Pot, zelf amateur-B renner, een documentaire te maken over het dameswielrennen met Manon de Rooy in de hoofrol.

Het resultaat, Dit kan harder, is een mooi en betrokken portret dat zelfs voor een leek op wielrengebied interessant is. De fysieke inspanning van het wedstrijdrennen is haast voelbaar. Door de indringende manier van filmen, met veel close-ups, en vooral door het geluid van hijgende wielrensters krijgt de kijker de indruk zelf aan de beproeving mee te doen. Want deelnemen aan de nationale selectie is afzien, zo maakt Manon de Rooy wat klagerig duidelijk: altijd op dieet, nooit eens laat naar bed en geen tijd voor sociale contacten. Ze is dan ook onlangs uit de kernploeg gestapt “om een normaal leven op te bouwen”.

Dit kan harder laat De Rooy zien in het gevecht om als eerste over de eindstreep te gaan, aangemoedigd door de toeschouwers langs de weg. Maar ook een trainende De Rooy die ploetert door een vlak en druilerig landschap; een poetsende De Rooy, die op haar Amsterdamse balkon haar racefiets met een afwasborstel schoonmaakt en een uitgeputte De Rooy, die net over de finishlijn is gekomen en haar toegesnelde ouders afkat omdat ze niets te drinken voor haar hebben. “Dat weet je toch!”

Behalve Manon de Rooy, die de documentaire beschouwt als afscheidscadeautje van haar wielercarrière, komen ook vader Bob en trainer Piet Hoekstra aan het woord. “'t Schijnt dat jij berg-op kan, daar zit ik om te springen.” Met die woorden nodigde Hoekstra haar in 1989 uit voor de kernploeg. Vader De Rooy had zelf graag top-sporter willen worden - maar ja, daar was vlak na de oorlog geen geld voor. Trots zegt hij over zijn dochter: “Dat ze dat kan, dat is leuk om te zien.”

In zijn opzet aan te tonen dat damesrennen niet een slap aftreksel is van het mannenrennen, is Leendert Pot geslaagd. “Het is niet een sport voor watjes”, constateert trainer Hoekstra die De Rooy ooit sommeerde met een gescheurde enkelband de wedstrijd uit te rijden. Hij instrueert zijn damesteam met adviezen als: “Mochten de Russen er tussen willen, dan geef je ze gewoon een duw.”

Als leek blijf je na afloop wel zitten met de vraag: Wat is nu eigenlijk het leuke van het top-wielrennen? Wat zijn al die ontberingen waard? De Rooy geeft daarop in de documentaire één keer terloops het antwoord: “De kick, dat is het afzien.”