Verzekeraar Amev moet inbinden met kappen van Woud

GROESBEEK, 3 APRIL. De Utrechtse levensverzekeringsmaatschappij Amev moet inbinden bij het kappen van bomen in het Nederrijks Woud tussen Groesbeek en Berg en Dal achter Nijmegen. In het 140 hectare grote bos, eigendom van de maatschappij, zou bijna een kwart van het geboomte worden geveld voor verkoop aan een houthandelaar, maar na een gesprek met vertegenwoordigers van het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij heeft Amev haar plannen noodgedwongen bijgesteld, zodat er aanzienlijk minder bomen tegen de grond gaan.

“We hebben bakzeil gehaald”, erkent ir. H. van Medenbach, rentmeester bij Amev-vastgoed, de afdeling die ook elders in Nederland bos exploiteert als beleggingsobject. “Omdat we geen ruzie met de overheid willen, zijn we akkoord gegaan met een minder zware vorm van uitdunnen, al verschillen we daarover van mening met het ministerie. Wij geloven dat het bos zich na een dergelijke ingreep op natuurlijke wijze herstelt.”

De stap terug van Amev is te beschouwen als een overwinning voor de regionale natuur- en milieubeweging. Onder aanvoering van de Werkgroep Milieubeheer voor het Stadsgewest Nijmegen en de Vereniging Das en Boom was fel geageerd tegen een rigoreuze aantasting van het Nederrijks Woud, dat bekend staat om zijn rijkdom aan vogels en fraaie vergezichten. Ook de gemeente Groesbeek had grote bezwaren tegen de voorgenomen kap.

Van verscheidene kanten is alarm geslagen bij het Arnhemse consulentschap Natuur, Bos, Landschap en Fauna (NBLF) van het ministerie. Daarop heeft NBLF, samen met de Algemene Inspectiedienst (AID) van het departement, een onderzoek ter plaatse ingesteld. Steekproefsgewijs telden zij het aantal gebleste bomen: bomen waarbij een stukje van de schors is weggehakt ten teken dat ze te zijner tijd tegen de grond moeten. Dat aantal was veel groter dan krachtens de Boswet is toegestaan.

Wat volgens de Amev een kwestie van uitdunnen was, bleek in diverse percelen neer te komen op "vellen'. “En vellen moet worden gemeld bij het ministerie”, zegt consulent M. Ronden van NBLF. “De rijksoverheid kijkt dan of er sprake is van een ernstige aantasting van natuur- en landschapsschoon en kan de eigenaar een kapverbod opleggen. Maar dat gebeurt niet zo vaak, meestal moet de eigenaar het bewuste oppervlak binnen drie jaar opnieuw beplanten, wat een vrij kostbare aangelegenheid is.”

De Amev heeft geen melding gemaakt van vellen. Als ze desondanks het werk volgens plan zou uitvoeren, riskeert ze volgens Ronden een proces-verbaal van de AID wegens illegale kap. “Daarom is gisteren ook de Arnhemse officier van justitie even komen kijken”, aldus de consulent, “maar hij is weer vertrokken, toen hij hoorde dat Amev met ons tot een vergelijk was gekomen.”

Dit vergelijk houdt in dat de verschillende partijen volgende week samen het bos intrekken om een reeks bomen van de ondergang te redden die op de nominatie staan te verdwijnen. Daarvoor krijgen die bomen boven de bles een geverfde stip ten teken dat ze moeten blijven staan. Zo wordt de klok teruggedraaid. In het bos bevinden zich drie dassenburchten. Daar zal volgens Amev-rentmeester Van Medenbach in het geheel niet worden gedund, nadat de vereniging Das en Boom daar dringend om had verzocht.

Het Nederrijks Woud, gelegen op een stuwwal vlakbij de Duitse grens, is sinds begin 1989 eigendom van de Amev, die het destijds overnam van de stichting Hollyden. Daarin participeren onder anderen de erven Jurgens (van de margarine), die hier vroeger veelvuldig op jacht gingen. Sinds halverwege de jaren zestig staat het bos open voor publiek.

Van Medenbach typeert het terrein als “multifunctioneel” met de nadruk op houtproduktie: “Die levert tenslotte geld op.” Over de plannen om juist nu, zoals hij het noemt, “fors te gaan dunnen”, zegt de rentmeester: “Die plannen komen voort uit signalen, eind vorig jaar, dat de houtprijs zou kelderen door de invoer van grote partijen hout tegen afbraakprijzen uit Oost-Europa en Scandinavië. Daarom hebben we in in februari een contract gesloten met Willemsen Naaldhout bv in Beuningen voor afname van de nog te kappen bomen. "Verkoop op stam' noemen we dat. Daarmee zijn we de ontwikkelingen net voor geweest, want sindsdien is de houtprijs inderdaad met tientallen procenten gezakt.”

Door de interventie van het ministerie zal Willemsen minder hout krijgen dan was afgesproken. “Maar daar heeft hij alle begrip voor”, aldus Van Medenbach, “we doen al jaren zaken met elkaar.”

Tegelijk is bij het "groene front' in de regio de onrust over de boomkap enigszins geluwd. K. Vandepoel uit Nijmegen, secretaris van de in 1970 opgerichte Werkgroep Milieubeheer, toont zich “redelijk tevreden” met de afspraken tussen Amev en departement. Een dag vóór het vergelijk getuigt hij nog van grote zorg, temeer omdat het Nederrijks Woud deel uitmaakt van de ecologische hoofdstructuur, het netwerk van natuurgebieden en half-natuurlijke terreinen dat Nederland moet overspannen. Vandepoel: “Het Nederrijks Woud is hier rondom Nijmegen een belangrijke schakel in het geheel. Als zo'n bos om redenen van produktie wordt geveld, breekt de hele ketting.”

Waarom de Amev bereid bleek in te binden, is voor hem geen vraag: “De kosten hebben ongetwijfeld de doorslag gegeven. Bij kappen volgens de Boswet zou de Amev een groot oppervlak opnieuw moeten beplanten en dat zou de maatschappij zeker drie ton kosten.”