Oranje blijft na zege op de Denen in race

EINDHOVEN, 3 APRIL. Het Nederlands ijshockeyteam is bij het WK voor B-landen één overwinning verwijderd van het olympisch kwalificatietoernooi. Oranje schakelde gisteren in de zesde wedstrijd in Eindhoven concurrent Denemarken uit. Dat ging wel moeizaam, 6-4. In de spectaculaire laatste periode (1-3) verspeelde de thuisploeg bijna nog de royale marge.

Morgen in de zware, afsluitende wedstrijd tegen de laatste belager Polen, dat eerder op de dag met 7-1 van Japan won, valt de beslissing over de tweede plaats. Koploper Groot-Brittannië lijkt gezien het simpele programma (Roemenië, China) voor beide landen niet meer te achterhalen.

De eerste twee Europese teams van het B-WK mogen in de nazomer met drie andere landen (de kampioen van C-groep, de degradant uit de A-groep en de winnaar van de Azië-beker) strijden om het twaalfde en laatste startbewijs voor de Olympische Winterspelen in Lillehammer.

Het duel met Denemarken, waarvan vorig jaar in Oostenrijk met 8-0 werd gewonnen, stond voor Nederland in het teken van de revanche. De ploeg van bondscoach Larry van Wieren had na de midweekse nederlaag tegen Groot-Brittannië iets goed te maken. In fysiek en mentaal opzicht vertoonde Oranje weinig gebreken. Technisch en taktisch ging echter opnieuw het nodige fout bij Nederland, dat na elf dagen nog altijd zoekt naar het juiste ritme.

Van Wieren had in zijn basisteam een opvallende wijziging aangebracht. Niet Marcel Nijland, de uitblinker van het enerverende duel met Groot-Brittannië, maar Chad Kambeitz verdedigde het Oranje-doel. Laatstgenoemde had furieus gereageerd op zijn bijrol in de topper tegen de Britten. Van Wieren gunde de kleine sluitpost van Rotterdam wijselijk een nieuwe kans, ook al omdat de jeugdige Nijland enige rust verdiende.

Kambeitz deed tegen de Denen in en uit zijn doel goed werk. Niettemin kiest Van Wieren voor het duel met Polen vrijwel zeker weer voor de doelman van Geleen. In de eerste periode (2-0) haalde Nederland een dikke voldoende voor inzet en vechtlust. De meeste persoonlijke duels met de agressieve Denen werden op kracht en karakter gewonnen. Oranje scoorde dankzij Speel en Herckenrath. Topschutter Livingston deed bij beide treffers het voorbereidende werk. Het tweede doelpunt van Nederland kwam tot stand met één man minder - Bouckaert zat op de strafbank.

In de tweede periode (3-1) kreeg de strijd een grimmig karakter. De Denen, wanhopig vechtend voor hun laatste kans, toonden zich slechte verliezers en zochten voortdurend ruzie. Met moeite kon Van Wieren zijn geïrriteerde spelers in bedwang houden.

Denemarken was kort na de hervatting via Nielsen eveneens succesvol bij een numerieke minderheid, met dank aan de falende verdediger De Vries. Amper een halve minuut later bracht Speel uit powerplay de marge weer op twee treffers. De volgende doelpunten van Berteling en Geesink vielen eveneens in overtal-situaties. Over dat belangrijke onderdeel had Van Wieren in de tweede periode weinig te klagen.

In de derde periode (1-3) verloor Nederland de greep op de wedstrijd. Het aandringende Denemarken bleef zich misdragen en grossierde in tijdstraffen. Het onrustige Oranje verzuimde de ruimte te benutten en liet zich door het Deense geweld te veel provoceren. Het Deense offensief resulteerde in treffers van True, Nielsen en Aalborg. Twee minuten voor tijd stelde Hartogs de vijfde overwinning voor Nederland veilig.