Jeugdtheater Woody Allen over het generatieconflict

Voorstellingen: Lieve Jeléna Sergéjevna door 't Muztheater, vanaf 15 jaar. Tekst: Ljoedmila Rasoemóvskaja. Regie: Suzanne van Lohuizen. Spel: Helen Juurlink, Melline Mollerus e.a. Krakeling, Amsterdam. Inl. 02159-48628. De zwevende gloeilamp door Toneelgroep De Branding, vanaf 15 jaar. Tekst: Woody Allen. Regie: Roland Jurriëns. Spel: Maartje van den Berg, Ada Bouwman e.a. De Vest, Alkmaar. Inl. 020-627.1125.

Het is geen sinecure om jongeren uit vrije wil naar het theater te krijgen. Ik was dan ook perplex om op een willekeurige donderdagavond geheel ingeklemd tussen de "doelgroep' op de banken van de Krakeling te zitten, in afwachting van de dingen die komen zouden. Toen dat om te beginnen een kwartier lang lampenpech bleek te zijn gedroeg men zich als dames en heren. Het Russische stuk dat 't Muztheater vervolgens bracht, werd met aandachtig gesis en gemompel gevolgd. Echt vrolijk kon ik niet worden van Lieve Jeléna Sergéjevna, noch van het idee dat dit het jongerentheater anno 1993 zou moeten zijn.

De avond na hun mislukte examen wiskunde bezoeken leerlingen hun lerares, zogenaamd om haar verjaardag te vieren, maar in feite om haar op steeds onaangenamer wijze te dwingen de cijfers op te trekken. De interessantste en dramatisch sterkste momenten zijn die waar de machtsstrijd tussen de partijen zichtbaar wordt en de verschillende individuën elkaar met bij hun karakter en positie passende middelen onder druk zetten. Die momenten zijn echter schaars en worden overschaduwd door betogen, boodschappen en waarheden als koeien.

Rasoemóvskaja schreef haar stuk aan het begin van de jaren tachtig, met opdracht van de overheid om het bandeloos gedrag van de jeugd aan de kaak te stellen. Toen zij de schuld bij de volwassenen c.q. het systeem leegde, werd opvoering verboden. Momenteel (hoe lang nog?) wordt Lieve Jeléna Sergéjevna met groot succes gespeeld. Binnen onze jeugdtheatercultuur is het vooral niet meer te pruimen dat er zo met de vinger gezwaaid wordt. Bovendien gebeurt dat in zinnen van schokbeton - “Aan het welslagen van jouw biografie twijfel jij niet” - die de spelers soms gedeeltelijk onverstaanbaar wegmoffelen. En wanneer er weer eens iemand losbarst in een vlammend betoog over alcoholisme, werklozen, het milieu, jammerlijk mislukte ouders of hun zich liederlijk misdragende kinderen, dan staan de anderen er bijna letterlijk van te kijken. Zo ongeveer verging het mij ook: ik zat erbij en ik keek ernaar en ik had het gevoel dat dit ver weg en lang geleden was.

Toneelgroep De Branding - een samengaan van De Kompaan en theatergroep Duizel - koos een stuk dat uit ongeveer dezelfde tijd stamt, maar van de andere kant van de wereld afkomstig is. In De zwevende gloeilamp heeft Woody Allen ook het generatieconflict tot onderwerp, maar hij situeert het binnen het gezin, tegen een druilerige jaren vijftigachtergrond. Vader knijpt als oudere jongere de kat in het donker en droomt van de hoofdprijs in de loterij; moeder verdrinkt het verdriet om haar stuk gelopen huwelijk.

In dit milieu van treurige mislukking komen de kinderen nauwelijks aan bod en verschuilen zich in hun eigen dromen. De zoon - het alter ego van de auteur - is een bezeten, maar weinig talentvol goochelaar en brengt daarmee het magische, kinderlijke element in de voorstelling. Allen toont ons de hem zo dierbare schlemielen, die geconfronteerd worden met de ontluistering van de 'American dream'. Hij maakte er bij vlagen geestig teksttoneel van, waar niet alle acteurs even goed en snel mee uit de voeten kunnen. Waarschijnlijk zou zowel Woody Allen als het jeugdig publiek meer recht gedaan worden met bijvoorbeeld Annie Hall of Manhattan in de bioscoopzaal.