Dow Jones moet zwaar inleveren

NEW YORK, 3 APRIL. Vrees voor inflatie, tegenvallende werkgelegenheidcijfers in maart en sombere verwachtingen van Philip Morris joegen de Dow Jones gisteren omlaag. Philip Morris was goed voor 32 van de ruim 68 punten verlies. Het industrieel gemiddelde van de dertig belangrijkste fondsen eindigde op 3370,81 bij een handelsvolume van 323 miljoen aandelen.

De werkgelegenheid in de Verenigde Staten is volgens het Bureau of Labor Statistics vorige maand met 22.000 banen gedaald, maar het werkloosheidspercentage is op 7 procent blijven staan. Na de groei van het aantal banen in februari, met maar liefst 367.000, was de verwachting dat het werkloosheidspercentage gelijk zou blijven, maar dat de werkgelegenheid toch iets zou groeien. Teleurstellend was echter dat het gemiddeld uurloon met 5 cent is gestegen, wat wijst op een groei van de inflatie. “Op jaarbasis kom ik nu op een inflatiecijfer dat naar de 4 procent gaat”, aldus Elliott Platt, econoom bij Donaldson Lufkin & Jenrette. “De algemene verwachting was 3 procent. Dat is iets om goed in de gaten te houden.” Obligatie- en aandelenmarkt reageerden onmiddellijk en eindigden in mineur.

Belangrijkste boosdoener was echter Philip Morris, producent van onder meer Marlboro. De sigaretten- en voedingsmiddelenfabrikant maakte gisteren bekend dat de resultaten over het eerste kwartaal beneden de verwachtingen zullen zijn. Tevens verwacht Philip Morris 40 procent minder winst te boeken in de VS. Het aandeel kelderde met 23 procent tot 49 1/2 dollar, voordat de handel werd stopgezet vanwege een mechanisch defect. Het aandeel sleepte in zijn val ook concurrent RJR Nabisco mee.