Akkoord over schuldbetaling van Rusland

PARIJS, 3 APRIL. De "Club van Parijs', waarin Westerse crediteuren-landen zich heeft verenigd, heeft gisteren met Rusland overeenstemming bereikt over betalingsuitstel voor 15 miljard dollar aan aflossing en rente, die dit jaar was verschuldigd. Hierdoor krijgt het land meer ruimte voor economische hervormingen.

Het akkoord komt aan de vooravond van de topontmoeting tussen de Amerikaanse president Clinton en zijn Russische ambtenoot Jeltsin dit weekeinde in Vancouver. De Amerikaanse minister van financiën, Lloyd Bentsen, verwelkomde het akkoord als “de eerste stap in een multilateraal proces ter ondersteuning van de krachten voor democratie en economische hervorming in Rusland.” Volgens hem helpt de overeenkomst Rusland om weer toegang te krijgen tot geld voor de aanschaf van voedsel en kapitaalgoederen.

De Club van Parijs spreekt in zijn verklaring de verwachting uit dat andere crediteuren Rusland op een soortgelijke manier tegemoetkomen. De overeenkomst heeft betrekking op een deel van Russische buitenlandse schuld van 80 miljard dollar, die van de voormalige Sovjet-Unie werd overgenomen.

Moskou krijgt vijf jaar plus een aflossingsvrije periode van vijf jaar om de 15 miljard dollar te betalen. Van schuld van 80 miljard dollar is Moskou bijna 55 miljard dollar verschuldigd aan Westerse regeringen en ruim 25 miljard dollar aan commerciële banken. Het overleg werd opgehouden door de vraag hoeveel Rusland kon betalen en door een conflict tussen Rusland en Oekraïne over de vraag wie verantwoordelijk is voor de afwikkeling van de schuld.

De crediteuren-landen onderstrepen de noodzaak van snelle economische hervormingen in Rusland om in aanmerking te komen voor een krediet van het Internationale Monetaire Fond (IMF). Zij verklaarden zich in principe bereid ook te kijken naar de betalingsverplichtingen van Rusland in 1994. De crediteuren-landen spraken zich uit voor “een actieve financiële en economische relatie met de Russische Federatie in 1993”. Met het nu gesloten akkoord wordt volgens waarnemers de weg geëffend naar steun door de zeven grootste industielanden (G-7) die later deze maand op ministersniveau bijeenkomen. (Reuter, AP, AFP)