Column

Veertig

Duco is de vriend van Mieke en van hem kreeg ik onlangs een prachtig stukje frobelwerk op mijn verjaardag. Hij had mijn hoofd uit een roddelblad geknipt, op het lijf van Overmars geplakt, daar een full colour t-shirt van laten maken en ik moet toegeven: het misstaat Overmars niet.

Van Mariken kreeg ik op diezelfde dag een paar Ajax-bretels, Ajax-sokken had ik al een keer van Thomas gekregen en ik weet niet hoe het kwam, maar afgelopen woensdagochtend vlogen deze kledingstukken automatisch uit de kast. Een rode blouse completeerde het geheel. Toen ik mijn dochter uit de kleuterschool ging halen zag ik diverse moeders wat langer kijken. Eentje vroeg het zelfs gewoon rechtstreeks: "jij bent toch al bijna veertig Youp?'

De hele dag was ik nerveus, het Ajax-Feyenoordgevoel hing op een prettige wijze tussen mij en de wereld. Ik besprak de wedstrijd met Dick van de coffeeshop, met mijn zangleraar Jan, met Betsie van de sigarenwinkel, met wie er niet eens over praten wou, met mensen die niet eens wisten dat de wedstrijd was en eerlijk is eerlijk: niemand was echt gerust op de uitslag.

Ajax was nou niet bepaald in topvorm, de Rotterdammers waren dat wel, Jonk was nog steeds geblesseerd, Feyenoord speelde thuis en blaakte de laatste weken van zelfvertrouwen...

Ondertussen dacht ik: jij bent toch al bijna veertig Youp?

Ruim op tijd reed ik richting Apeldoorn, was niet de enige die dat deed en kwam dus alsnog in een paar files. Om kwart over vijf zat ik stevig voor de televisie van de artiestenfoyer van de plaatselijke schouwburg en gelukkig zat er een Feyenoorder in ons gezelschap. Dan weet je waarvoor je het doet.

De uitslag is bekend, het doelpunt van Bergkamp is dezelfde nacht herhaald in vele jongensdromen en ik sprak onmiddellijk de hoop uit dat Edgar Davids familie van de legendarische Heintje Davids is. Dan komen we namelijk nooit van hem af.

Onmiddellijk belde ik een rondje langs mijn vrienden en smulden we nog even na van de prachtige vernedering. 's Avonds had ik mijn oude vader en mijn kleine broertje in de zaal en de hele pauze vulden we met de 5-0 overwinning. Ik mag dan bijna veertig zijn, mijn vader is de tachtig gepasseerd. Hij genoot dus dubbel.

Feyenoord-Ajax of Ajax-Feyenoord. Daar gaat het om. PSV speelt in dit sprookje niet mee en zal er nooit in mee spelen. Elke Feyenoorder kent de klinkende overwinningen op de Amsterdamse aartsrivaal en wij hebben de nederlagen graag verdrongen. Hoewel een 9-3 voor Feyenoord nog altijd als een houtwurm door mijn hoofd knaagt.

"We werden scheel getikt', bekende John de Wolf, Van Hanegem liet zich niet zien, Van Loen zeurde over een blessure en de rest van de Feyenoorders zat al thuis bij moeder de vrouw achter de vette karbonades terwijl de Ajacieden nog lallend stonden te douchen.

Winnen van Feyenoord is het leukste wat er is en met 5-0 is het nog leuker en daar een stukje over schrijven in de Nieuwe Rotterdamse Courant is nog leuker. Feyenoord zint uiteraard op zoete wraak en volgende maand zal het Olympisch Stadion heerlijk zinderen. Of ik me die dag wederom in het rood wit hul weet ik niet. Dat is het tarten van het lot. En daarbij: ik ben al bijna veertig.