Strijden om vrijheid in een boksring

Gezelschap: De Rotterdamse Dansgroep Produktie: Nailed, choreografie, regie en kostuums: Käthy Gosschalk. Muziek: Ludwig van Beethoven. Toneelbeeld: Peter de Kimp. Licht: Henk van der Geest. Teksten: Mia Meijer. Gezien: 31 maart Kleine Zaal Rotterdamse Schouwburg. Daar ook 1, 2 en 3 april. 9 en 10 april Amsterdam, 17 Amersfoort, 24 Eindhoven, 28 april t/m 1 mei Den Haag.

Het is een goed initiatief van De Rotterdamse Dansgroep een succesvol werk uit het verleden opnieuw op het repertoire te nemen, hoewel dat in de Nederlandse moderne danswereld vaak als zwakte gezien wordt. Daar is men dikwijls te bang voor het opbouwen van een traditie. Er is natuurlijk ook moed voor nodig, je weet immers niet of een creatie bestand is tegen de tijd, zeker niet tegen een tijdperk waarin zich zoveel vernieuwende zaken hebben voorgedaan.

De produktie waar het hier om gaat, Nailed, werd bijna negen jaar geleden gemaakt door Käthy Gosschalk, artistiek leidster van Werkcentrum Dans, de voorloper van De Rotterdamse Dansgroep, waar zij diezelfde functie bekleedt. Het was een van haar meest overtuigende en sterkste choreografieën, met een gedurfd gebruik van teksten en een expositie van naakte bovenlichamen van vrouwen. In een boksring staat een met rasterwerk beklede kooi waarin zes vrouwen en vijf mannen met elkaar en zichzelf een gevecht aangaan om vrijheid en het behoud van eigen identiteit.

De indruk die Nailed toen maakte, is wat afgezwakt, maar ik blijf het een opmerkelijk werk vinden dat nog steeds zeggingskracht heeft, al had de beginscène wat korter gemogen. De dansers, die met fel roodomrande ogen en rood besmeurde monden in een lange rij staan opgesteld, spreken en schreeuwen staccato korte zinnen, terwijl gezichten in grimassen vertrekken en handen grijpen naar het eigen of andermans hoofd. De zeggingskracht zit echter in de compactheid van het goed geconstrueerde bewegingsmateriaal en de helderheid van het statement dat gemaakt wordt: een individu zoekt naar vrijheid, wil niet monddood gemaakt worden door een groepsgebeuren, terwijl tegelijkertijd die groep een houvast is.

Het verschil tussen de sexen wordt eerst opgeheven doordat zowel de mannen als de vrouwen zich van de zwarte bovenkleding ontdoen. Daarna echter splitsen zij zich op. De mannen manifesteren zich gekleed in een kort zwart broekje als macho worstelaars die zich in een gestileerd gevecht keren tegen de eenling die zich niet wil conformeren, terwijl de vrouwen zich letterlijk afzijdig opstellen. Hier miste ik enigszins de kracht en broeierigheid die dit onderdeel destijds uitstraalde en vond ik het conflict tussen individu en groep minder pregnant naar voren komen. Het fragment waarin de meisjes nu in vuurrode korte speelpakjes gestoken het machteloze lamlendige leven van vrouwen laten zien die tot niets anders dan behagen gedoemd blijken, is daarentegen ook nu weer schrijnend in de onbewogenheid waarmee hun lichamen in en over de touwen hangen en de kwasi-vrolijke hupsjes waarmee ze zich amuseren.

Magnifique is opnieuw de laatste solo van een vrouw (Anne Affourtit), die de aanvankelijk harmonische, simpele armbewegingen hoe langer hoe verkrampter gaat uitvoeren en er als het ware in verstikt. Tenslotte spreekt zij de prachtige drietalige eindtekst van Mia Meijer uit. Een poëtische, bijtende klacht van een stem die gehoord wil worden, die blijft vasthouden aan eigenheid die weigert met de mond van een ander te spreken. De dansers vertolkten Nailed met een grote geladenheid en ook dat maakte het weerzien de moeite waard.