Neus zeer geschikt voor meten luchtkwaliteit

Steeds vaker wordt de moderne kantoormens geteisterd door het Sick Building Syndrome.

In veel gevallen lukt het echter niet om de klachten met fysische of chemische meetapparatuur te staven. Gesteund door een EG-subsidie van bijna twee miljoen gulden gaan tien landen nu deelnemen aan een internationaal onderzoeksprojekt, gecoördineerd door TNO, waarbij men de luchtkwaliteit in gebouwen zal beoordelen volgens in Denemarken ontwikkelde maatstaven, de zogenaamde olf-waarden. Volgens dr.ir. Philomena M. Bluyssen van TNO-Bouw zal daarbij gebruik worden gemaakt van het geëigende instrument om klachten over de luchtkwaliteit in gebouwen te staven: de menselijke neus.

Getrainde panels zullen de kantoorlucht opsnuiven en hun waardeoordeel geven. Volgens de deskundigen betekent het werken met zulke panels een behoorlijke vooruitgang vergeleken met het ondervragen van mensen op de werkplek. Daarbij kunnen namelijk allerlei psycho-sociale factoren, zoals de relaties tussen collega's, de enquêteresultaten benvloeden.

De bronsterkte van luchtverontreiniging wordt uitgedrukt in olf, de waargenomen luchtkwaliteit in decipol. Door de olf-waarden van materialen en onderdelen bij elkaar op te tellen kan de totale verontreiniging in een gebouw worden opgeteld. Fysisch-chemische analyses blijven nodig om de aanwezigheid van ongezonde stoffen als radon en asbest aan te tonen, het werk van de panels heeft een toegevoegde waarde. TNO-Bouw bekijkt of het mogelijk is om een olf-catalogus samen te stellen ten behoeve van architecten, constructeurs, ventilatiedeskundigen, beheerders en gebruikers. Verwacht wordt dat de eerste getraine panels over een jaar op pad gaan. (Persbericht TNO)