Jury wilde meer non-fictie op lijstje; AKO nominaties afspiegeling van actuele literatuur

AMSTERDAM, 1 APRIL. Voor de AKO Literatuurprijs 1993 zijn genomineerd De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch, Het grote verlangen van Marcel Möring, Heren van de thee van Hella Haasse, De wijde blik van Willem Jan Otten, Kerst en andere liefdesverhalen van Kristien Hemmerechts en Het verkoolde alfabet van Paul de Wispelaere. Dat is gisteren in Amsterdam bekend gemaakt. De titels komen niet als een verrassing. Vooral de romans van Mulisch en Möring worden al geruime tijd als grote kanshebbers voor Nederlands bekendste literaire prijs getipt.

ALS HET AAN DE JURY VAN DE AKO-PRIJS HAD GELEGEN HAD HET LIJSTJE ER echter heel anders uit gezien. Dan hadden er in ieder geval Cees Nootebooms De omweg naar Santiago, Rudy Kousbroeks Het Oostindisch kampsyndroom, en De jacht op proteus van Piet Meeuse op gestaan. Volgens juryvoorzitter Mark Eyskens behoorden deze alle drie tot de beste boeken die in 1992 in Nederland en Vlaanderen zijn verschenen. Dat ze toch niet zijn genomineerd is te wijten aan het reglement. Dat bepaalt sinds vorig jaar dat er onder de zes nominaties alleen bij hoge uitzondering een werk van literaire non-fictie mag voorkomen. Volgens één van de juryleden was het de jury zelfs expliciet verboden om meer dan één non-fictiewerk voor te dragen. Uiteindelijk werd dit Het verkoolde alfabet van Paul de Wispelaere.

Over de uiteindelijke selectie van de zes heeft nog lang onzekerheid geheerst. Op de laatste juryvergadering waren behalve de hiervoor genoemde non-fictieboeken nog altijd twaalf romans en verhalenbundels in de race. In uitgeverskringen circuleerde eind vorige week een lijstje waarop naast de nu genomineerden nog stonden: De staart van Patricia de Martelaere, De echo van de raaf van Guido van Heulendonk, Ontaarde moeders van Renate Dorrestein, Cicerone van Atte Jongstra, De laatste tyfoon van Graa Boomsma, en Vuur en Zijde van Doeschka Meijsing.

De uiteindelijke selectie geeft uiterlijk een goede afspiegeling van de stand van zaken in de Nederlandstalige literatuur. De boeken zijn afkomstig van zes verschillende uitgevers. Twee van de zes genomineerden zijn Vlaams, er zijn twee vrouwen bij, de leeftijden variëren van 35 tot 75, en tegenover beproefde schrijvers als Mulisch, Haasse en De Wispelaere staat een nieuwkomer als Marcel Möring (1957) die pas drie jaar geleden zijn eerste boek publiceerde.

In de jury (Mark Eyskens, Marja Brouwers, Anthony Mertens, Anne Marie Musschoot, Wim Vogel) hebben de achtergronden van de auteurs echter geen rol gespeeld. Volgens één van de Nederlandse juryleden is er ook geen Vlaamse lobby aan het werk geweest. De Belgische ex-premier Mark Eyskens zou zich zelfs zeer sterk voor de Harry Mulisch hebben uitgesproken.

Tijdens de presentatie van de zes genomineerden gistermiddag in de Amsterdamse Rode Hoed stond de winnaar nog niet vast. Gisteravond is de jury, naar men aanneemt, voor de laatste keer bijeen gekomen om te beslissen naar wie de vijftigduizend gulden gaat. Zijn naam zal traditiegetrouw op 11 mei bekend worden gemaakt tijdens een rechtstreeks door de televisie uitgezonden gala-diner in het Amstel Hotel.

Naar wordt verwacht zullen er volgend jaar twee particulier gesponsorde literatuurprijzen zijn. Vorige maand werd bekend dat het bestuur van de Stichting AKO-prijs op zoek is naar een andere sponsor en naamgever. Tegelijkertijd wil de directie van de boekhandelsketen AKO doorgaan met de succesvolle prijs. AKO-directeur Dreesmann liet vorige week weten ver gevorderd te zijn met een nieuw bestuur. Beide partijen zijn het er inmiddels over eens dat er in Nederland ruimte is voor twee prijzen, en men zal zich inspannen om elkaar niet in de wielen te rijden. Nadere mededelingen zullen worden gedaan na het bekend worden van de winnaar van dit jaar. Welke van de twee het meeste geld over heeft voor een prijswinnaar zal tot op dat moment moeten worden afgewacht.