Half miljoen Britten blijft bij volkstelling zoek

Een half miljoen Britten zijn en blijven zoek, dit ondanks verwoede pogingen om ze op te sporen. De volkstelling die in 1991 gehouden werd en uitsluitsel had moeten geven over het lot van vele honderdduizenden vermiste personen, voornamelijk jonge mannen tussen de twintig en de dertig jaar oud, heeft het mysterie niet kunnen ophelderen.

Bij de volkstelling werden in Engeland en Wales 50.383.000 mensen geregistreerd. Als je echter de cijfers van de vorige volkstelling, die van 1981, doortrekt, rekening houdend met beschikbare gegevens over geboorte, sterfte en migratie, dan hadden dat er ruim 570.000 meer moeten zijn.

De kwestie van de zoekgeraakte Britten is niet van louter academisch belang. Rijkssubsidies die naar de regionale councils worden overgeheveld, worden berekend aan de hand van het aantal inwoners. Als er zoveel mensen zoek zijn rijzen er twijfels over de gerechtvaardigde verdeling van de geldstroom. Voorlopig gaan de beleidsmakers er maar van uit dat de weglopers gelijkelijk oer het land zijn verdeeld.

De volkstelling van 1981 wordt als betrouwbaar beschouwd. Sindsdien zijn er kennelijk honderdduizenden jongemannen in drommen gestorven of geëmigreerd, of de cijfers uit 1991 kloppen eenvoudig niet. In eerste instantie ontbraken bij de jongste volkstelling zelfs 1,7 miljoen mensen, een deel daarvan werd alsnog opgespoord. Ruim 700.000 mensen hadden de formulieren niet igevuld, bijna 300.000 andere formulieren waren slecht ingevuld of verkeerd terechtgekomen in niet bewoonde huizen. (New Scientist)