De vingers van pater Beer

Met het woord "vermeend' is volgens mij iets eigenaardigs aan de hand. Ik kende het tot voor kort alleen in de betekenis van "ten onrechte gehouden voor'. Zo heb ik bij uitdrukkingen als "de vermeende dader' en "vermeende fraude' altijd begrepen dat die man ten onrechte voor de dader werd gehouden en die fraude niet had plaatsgevonden. Maar tegenwoordig kom je het woord steeds meer tegen in de betekenis van "verondersteld' en kan de aanduiding "vermeende overvaller' dus zowel betekenen dat de betreffende persoon ten onrechte voor de overvaller werd gehouden als dat wij niet weten, doch wel veronderstellen, dat hij het gedaan heeft.

Die laatste betekenis was nieuw voor mij en ik moet eerlijk bekennen dat ik enige tijd heb aangenomen dat dit woordgebruik onjuist was en zelfs heb overwogen de aandacht van de heer Heldring hiervoor te vragen. Maar gelukkig heb ik dat niet gedaan. Het is namelijk niet fout. Het woordenboek geeft onder "vermeend' beide betekenissen: verondersteld en gewaand. In mijn eigenwijsheid dacht ik vervolgens dat dit weer zo'n voorbeeld was van verkeerd woordgebruik dat, als het maar vaak genoeg gebeurt, ten slotte door de lexicografen wordt goedgekeurd. Maar ook dat is niet zo. Ik bezit toevallig een Van Dale uit 1884 en die geeft eveneens beide betekenissen.

Nu rest mij niets meer dan mokkend vol te houden dat het veel beter zou zijn als het woord maar één betekenis had, zoals ik vroeger dacht. Nu weten wij immers niet waar wij aan toe zijn. Zo hebben wij de laatste weken veel gehoord en gelezen over bisschop Bär en zijn "vermeende homoseksualiteit'. Dat "bisschop Bär' lijkt me trouwens een neologisme. Ik ben geneigd Mgr. Bär te zeggen en niet bisschop Bär, zoals men professor De Gaay Fortman zegt en niet hoogleraar De Gaay Fortman. Ik denk dat het is overgewaaid uit Amerika, waar men ook over Judge Johnson en Ambassador Anderson spreekt. Dit woordgebruik is overigens wel verhelderend want al is iedere bisschop monseigneur, niet iedere monseigneur is bisschop.

Het woord "vermeend' daarentegen werkt alleen maar verwarrend. Want wat bedoelen de mensen die dit schrijven nu eigenlijk? Dat ze het veronderstellen of dat dit ten onrechte verondersteld werd? Dat lijkt me nogal een verschil. Althans dat dacht ik lange tijd, maar toen vielen mij de schellen van de ogen en zag ik de zaak niet meer als in een donkere spiegel maar in een helder licht. Ik realiseerde mij namelijk dat deze vraag er in dit geval niets toe doet. Ik kan mij een discussie voorstellen over homoseksualiteit als een probleem bij de benoeming van onderwijzers, militairen en zangkoorleiders. Ik zeg niet dat het een probleem is, maar ik kan me er iets bij voorstellen. Maar bij een priester is dit nu juist van geen enkele betekenis. Want van tweeën een: of betrokkene schond het celibaat en dan doet het er niet toe of het met mannen of vrouwen was. In beide gevallen is het doodzonde. Of hij schond de gelofte van zuiverheid niet, maar heeft alleen een zekere aanleg of geaardheid. Dat doet er echter niet toe want zelfs de katholieke kerk heeft geen regels over geaardheid, maar alleen over gedrag. De discussie gaat dus eigenlijk over de "vermeende seksualiteit' van Mgr. Bär, kortom over niets.

Daarmee is dit probleem opgelost, maar inmiddels is Mgr. Bär wel weg. Wat mij het meest verbaasd heeft in alles wat hierover geschreven is, is de theorie dat hier een moderne, progressieve bisschop slachtoffer is geworden van een complot van conservatieven. Ik heb de bisschop een aantal malen ontmoet en vond hem een aardig en vriendelijk mens. Ook kreeg ik altijd als hij je een hand gaf de indruk dat hij je in één moeite door ook gelijk maar even zegende, en dat is meegenomen. Maar iets progressiefs heb ik nooit kunnen ontdekken. Eerder gaf hij mij het plezierige gevoel even terug te zijn in het ancien régime. Ik ken niemand die het paars met zo veel verve droeg en het bisschopskruis zo moeiteloos combineerde met de versierselen van de orde van de Nederlandse Leeuw.

Daar zat het progressieve dus niet in, want de progressieve clerus gaat doorgaans gekleed in coltrui en vormvast kostuum en verraadt zich aan ingewijden hoogstens door het dragen van een klein kruisje, zo ongeveer als leden van de rotary doen. Zat het dan in zijn opvattingen of ideeën? Daar kan ik over meepraten want wij zijn één keer samen opgetreden in het televisieprogramma Capitool. Dat was naar aanleiding van de laatste sociale encycliek van de paus. Die encycliek was nogal goed ontvangen, maar de bisschop werd natuurlijk ook ondervraagd over de pauselijke opvattingen over geboortenregeling en de gevolgen daarvan voor de Derde Wereld. Men zou niemand toewensen deze opvattingen te moeten uiteenzetten, laat staan verdedigen. Maar Mgr. Bär deed het met loyaliteit, vriendelijkheid en mildheid en hij sprak er zo duister en zo verheven over dat niemand de goede bedoelingen van de paus - hij zei tot mijn vreugde vaak: de Heilige Vader - in twijfel zou trekken. Maar tegelijkertijd liet hij ook doorschemeren dat men dit alles niet al te letterlijk moest nemen.

Als iemand die zelfs op dit gebied verdedigt wat de paus verkondigt, te progressief is voor katholiek Nederland, dan vraagt men zich af wie er conservatief genoeg is. Zelden is dan ook door de Nederlandse televisie een zo verbijsterend programma uitgezonden als de persconferentie van kardinaal Simonis op zaterdag 20 maart jl. Wie hem en zijn collega onder toezicht van een meneer in een rood jasje - waarschijnlijk de Heilige Geest in de gedaante van een perschef - handenwringend en stamelend de verzamelde pers te woord zag staan, kon alleen maar concluderen dat wat als een klassieke karaktermoord is begonnen als collectieve zelfmoord is geëindigd. Een hardloopwedstrijd van een groep lemmingen is er niets bij.

Wat men Mgr. Bär wel kan verwijten, is dat hij goede smaak heeft, wel eens een schilderijententoonstelling heeft bezocht en zelfs geopend, respect heeft voor tradities, vloeiend Frans spreekt en zich met gemak in beschaafde en geletterde kringen beweegt en dat hij nooit betoogd heeft tegen de kruisraketten natuurlijk. Dat is wel het ergste.

Jan Blokker zag naar aanleiding van deze affaire dolken glinsteren in de kathedraal. Mij kwam een ander beeld voor de geest, niet uit Murder in the Cathedral, maar uit W.F. Hermans' De donkere kamer van Damocles:

Het bloeden moet worden gestelpt! riep pater Beer.

Hij sloeg Osewoudts kamerjas open en knoopte ook het pyjamajasje los. Maar aan de handen van pater Beer zaten minder vingers dan Osewoudt kogelgaten in zijn lichaam had.