Waarde-overdracht geregeld; Pensioenbreuk door afspraken deels verdwenen

ROTTERDAM, 31 MAART. Met ingang van 1994 zal circa 80 procent van de Nederlandse werknemers bij de overstap naar een andere baan geen last meer hebben van pensioenbreuk.

Dat is het gevolg van afspraken tussen een groot aantal bedrijfs- en ondernemingspensioenfondsen over een nieuw circuit van waarde-overdracht.Mr P. R. de Vlam, aftredend secretaris van de Vereniging van bedrijfspensioenfondsen deelde dit gisteren mee op de ledenvergadering van zijn vereniging.

De fondsen die aan het nieuwe circuit meedoen zullen deelnemers die om overdracht van hun aanspraken naar een andere pensioenfonds verzoeken de volledige waarde meegeven van de pensioenaanspraken die zij hebben opgebouwd. Bij die overdracht zal ook begrepen zijn een stuk opgebouwde winst. Juist dit laatste maakt het volgens mr. de Vlam mogelijk dat het nieuwe pensioenfonds de overgedragen aanspraken volledig kan vertalen in dienstjaren in de nieuwe pensioenregeling. De pensioenfondsen zullen bij de mee te geven waarde een rekenrente van vier procent hanteren.

Nu wordt nog vaak een aftrek toegepast omdat de overgedragen middelen ontoereikend zijn om de pensioenen waardevast of welvaartsvast te maken. Vaak moet een nieuwe werkgever bijpassen.

De Vlam verwacht dat veel van de in totaal 78 bedrijfstakpensioenfondsen aan de nieuwe regeling zullen meedoen. Twee hele grote fondsen, het ABP (ambtenaren) en de PGGM (zorgsector) hebben hun medewerking al toegezegd. Hetzelfde geldt voor voor een aantal pensioenfondsen van grote ondernemingen.

De regeling geldt uitsluitend voor werknemers. Ondernemers, en mensen met vrije beroepen vallen er niet onder. De Vlam verwacht dat over een jaar of tien pensioenbreuk voor alle werknemers tot het verleden zal behoren.

De Nederlandse particuliere pensioenfondsen zijn de afgelopen jaren steeds meer gaan beleggen in aandelen. De aandelenbeleggingen namen toe van 5 procent van het balanstotaal in 1980 tot 24 procent in 1992. De particuliere pensioenfondsen voorzien daarmee in circa 10 procent van de kapitalisatie van de Nederlandse aandelenmarkt voor hun rekening.