Nasdaq biedt Europese bedrijven goedkope toegang tot kapitaalmarkt VS; Schermenbeurs concurrent Wall Street

AMSTERDAM, 31 MAART. Europese ondernemingen kunnen goedkoop Amerikaans kapitaal aantrekken door een notering op Amerika's tweede beurs, Nasdaq, aan te vragen. Dat is de boodschap waarmee de Charles Balfour, vice-directeur van Nasdaq, dezer dagen door Europa reist.

Op dit moment is Balfour in gesprek met een aantal Nederlandse bedrijven over een notering. Welke bedrijven dit zijn wil hij niet zeggen. Concerns als Akzo, Ahold en Océ-van der Grinten staan al op Nasdaq genoteerd. Volgens Balfour zijn de noteringskosten bij Nasdaq aanzienlijk lager dan op Wall Street.

Voor Europese bedrijven die actief zijn in de VS is een notering op een Amerikaanse beurs een manier om de naamsbekendheid te vergroten en werknemers de mogelijkheid te bieden aandelen in de onderneming te kopen.

Nasdaq, Amerika's tweede beurs, is de afgelopen tien jaar enorm gegroeid en heeft vorig jaar geprofiteerd van een omslag in de computerindustrie. Hardware-producent IBM dat op de grootste beurs, de New York Stock Exchange (NYSE), genoteerd staat, ging onderuit en softwarebedrijf Microsoft en chipsmaker Intel, beide op Nasdaq verhandeld, maakten gouden tijden mee.

Gevolg van deze omslag was dat de beurswaarde (aantal aandelen maal de koers) van Microsoft begin dit jaar voor het eerst in de geschiedenis hoger was dan die van IBM. Voorts steeg de Dow Jones Industrial, de indice die op Wall Street waar de NYSE is gevestigd, wordt gebruikt, minder snel dan de Nasdaq Composite. De Dow Jones werd behalve door IBM ook geremd door General Motors, terwijl de topfondsen op Nasdaq juist de wind in de rug hadden.

Nasdaq is niet alleen de tweede beurs in de VS, maar ook de tweede in grootte (gemeten in dollaromzet) ter wereld. In 1992 bedroeg de omzet op Nasdaq 890,8 miljard dollar, tegen 480,9 miljard dollar in Tokio, de nummer drie van de wereld.

Nasdaq, opgericht in 1971, is in tegenstelling tot de oude gerenommeerde broer op Wall Street een geheel geautomatiseerde beurs zonder vloerhandel. Op de NYSE zijn nog opgewonden mannen in hemdsmouwen te bewonderen. Bij Nasdaq draait alles om 25.000 computerschermen verspreid over de gehele wereld. In Nederland zijn bijna 700 Nasdaq-terminals.

Nasdaq herbergt 4100 fondsen. Ter vergelijking: aan de Amsterdamse effectenbeurs staan ruim 200 ondernemingen genoteerd. De meerderheid van de Nasdaq-fondsen wordt gevormd door jonge bedrijven die actief zijn in de sectoren biotechnologie, high-tech en telecommunicatie. Aanvankelijk werd er vanuit gegaan dat deze ondernemingen als ze groter werden zouden overstappen naar de NYSE. Nu Nasdaq zelf ook is gegroeid, blijven bedrijven als Apple, Microsoft op Nasdaq genoteerd. Volgens Balfour heeft dat te maken met het elektronische karakter van de beurs. “Deze bedrijven komen uit de computerwereld en voelen zich thuis op een geautomatiseerde beurs.”

Ondanks de forse groei is Nasdaq met name in Europa nog relatief onbekend. “Misschien juist omdat we zo snel gegroeid zijn”, zegt J.D. Spillman, woordvoerder van Nasdaq. Een ander probleem is dat de beurs geen gezicht heeft omdat er geen beursvloer is. Spillman is al enige tijd met de Britse zakenkrant The Financial Times in gesprek over het opnemen van de Nasdaq Composite naast de Dow Jones en de Standard & Poor's op het tweede katern van de krant. “De Dow Jones geeft slechts een beeld van een gedeelte van de Amerikaanse markt”, zegt Spillman. Het gedeelte waar de “dinosaurussen”, grote concerns die moeite hebben zich aan te passen aan de snel veranderende omgeving, de hoofdrol spelen.