Kantor laat Brussel nog in het ongewisse

BRUSSEL, 31 MAART. De Amerikaanse handelsafgevaardigde Mickey Kantor is twee dagen op bezoek geweest, maar erg veel wijzer is Brussel nog niet geworden over de precieze bedoelingen van het Amerika van Clinton. Dat Kantor economy class had gevlogen, daarmee de no nonsense aanpak van de nieuwe regering demonstrerend, is aardig om te weten, maar het zegt niets over de ultieme vraag of de Verenigde Staten een open dan wel protectionistische koers gaan varen. Evenmin werpt Kantors opmerking “Ik ben een optimist, noch een pessimist. Ik ben realist” veel licht in de duisternis.

Maandag onderhandelde de 53-jarige Kantor onder andere met zijn Europese tegenvoeter, EG-commissaris Sir Leon Brittan, en gisteren mochten enkele honderden diplomaten, ambtenaren en industriëlen op uitnodiging van de Amerikaanse Kamer van Koophandel in België een lunchtoespraak bijwonen van de handelsafgezant. Plaats van handeling: het gloednieuwe gebouw van het Conrad Hotel aan de prestigieuze Avenue Louise in Brussel. Algemene indruk: een mooie toespraak waaraan niemand zich hoeft te storen.

Al vanaf het aantreden van president Clinton proberen de Europeanen angstvallig enige tekening te ontdekken in de tegenstrijdige signalen die vanuit Washington komen. Belangrijkste ijkpunt daarbij is de Amerikaanse bereidheid om snel een wereldwijd akkoord te sluiten over liberalisering van de handel in het kader van de GATT (Algemene overeenkomst inzake tarieven en handel).

Zijn de Amerikanen eigenlijk nog wel geïnteresseerd in versterking van een multilateraal handelsforum als GATT, of hechten ze meer belang aan het opzetten van regionale samenwerkingsverbanden, aan het creëren van eigen handelsblokken, zoals sommigen in Europa vrezen? Wat dat betreft zorgde Kantor gisteren niet voor opluchting. Hij zei dat de VS een belangrijkere rol willen gaan spelen in de Pacific Rim (Zuidoost-Azië en het gebied van de Stille Zuidzee), hij wees op het vrijhandelsakkoord met Canada en Mexico en hij toonde zich opvallend positief over “ambitieuze” hervormingen die in verschillende landen in Zuid-Amerika worden doorgevoerd.

Kantor - een voormalig advocaat uit Californië, voorzitter van de verkiezingscamapgne die het duo Clinton/Gore in het Witte Huis bracht - week gisteren in zijn speech in feite niet af van de tot dusver bekende benadering van de Democraten, namelijk één die voor tweeërlei uitleg vatbaar is. Enerzijds benadrukte hij het belang van een succesvolle afronding van de zogeheten Uruguay-ronde. Daarmee wordt immers een vertrouwensinjectie gegeven aan de slabakkende wereldeconomie. Anderzijds liet hij dreigend weten dat de Amerikanen de voorkeur geven aan een "goed' akkoord boven een "snel' akkoord, daarmee aangevend dat de VS nog wel wat te wensen hebben.

Net zo multi-interpretabel is de verwijzing die Kantor maakte - in navolging van president Clinton eerder - naar de relatie tussen een gezonde binnenlandse economische ontwikkeling in de VS en het nationale veiligheidsbeleid. De regering-Clinton beschouwt "handel' als een van de sleutelelementen in het totale buitenlandse beleid. “We zullen onze bijdrage blijven leveren aan het goed functioneren van het internationale handelssysteem, maar we zullen er evenzeer op aandringen dat onze handelspartner hun deel van de verantwoordelijkheid op zich nemen”, aldus Kantor. Als praktiserend pragmaticus voegde hij er meteen maar aan toe dat hij weinig zin had om verzeild te raken in een langdradig theoretisch debat over vrijhandel versus protectionisme.

“Niks nieuws. Een beetje een in- en uitpraatverhaal”, oordeelde een vertegenwoordiger van een groot concern na afloop van de bijeenkomst. “Ja, hij laat blijken dat de VS de zaken wat tougher zullen aanpakken, maar dat zeggen de Amerikanen altijd”. Ook Europarlementariër Gijs de Vries heeft de indruk dat Kantor zijn kruit de afgelopen dagen nog wat droog heeft gehouden. Hij veronderstelt dat uiteindelijk Clinton zelf de piketpaaltjes zal gaan uitzetten op handelsgebied, maar dat de president voorlopig al zijn aandacht nog nodig heeft om de begroting door het Congres te krijgen. Voorlopig heeft het binnenland de prioriteit. “De Amerikanen weten echt nog niet wat ze willen” op het terrein van de handel, zegt De Vries.

Toch is De Vries niet negatief over hetgeen hij van Kantor heeft gehoord, of juist niet heeft gehoord. De Amerikaanse handelsafgevaardigde noemde in zijn speech vier punten, waarover de VS in de GATT-ronde nader willen onderhandelen: markttoegang voor goederen en diensten, bescherming intellectuele eigendom, het betrekken van milieufactoren bij het maken van handelsafspraken en toegang tot de markt van televisieprogramma's.

Die punten vormen geen onneembare drempel, meent het lid van het Europese Parlement. Maar wat wellicht nog hoopvoller is: Kantor heeft met opzet niet gesproken over het landbouwakkoord dat de EG en VS eind vorig jaar hebben gesloten en waartegen niet alleen in Frankrijk maar ook in de VS verzet is gerezen. Daaruit mag worden afgeleid dat Washington geen pogingen zal ondernemen dat onder Bush gesloten akkoord weer open te breken. Een GATT-akkoord zou, afgaande op Amerikaanse verklaringen, tegen het eind van het jaar gesloten moeten worden, of helemaal niet meer tot stand komen. Dat betekent dat de VS nog ruim een half jaar nodig denken te hebben om een goed akkoord te bereiken. Dat is minder snel dan we eigenlijk zouden willen, maar niet zo lang als we hadden gevreesd, zegt De Vries, daarmee de onzekerheid aan Europese zijde nog eens onderstrepend.

Alle ogen zijn nu gericht op de afspraak die Sir Leon Brittan en Kantor hebben gemaakt voor hun volgende ontmoeting, op 19 en 20 april in Washington. Dan moeten de EG en de VS een oplossing zien te vinden voor het hoogoplopende geschil over toewijzing van openbare aanbestedingen, en moet er een vergaand akkoord op tafel liggen over verbetering van de markttoegang van een groot aantal industriële produkten. Brittan heeft maandag hoog ingezet door de Amerikanen te verrassen met de bereidheid om een discriminerende bepaling in de EG-richtlijn voor overheidsopdrachten te schrappen. Maar in ruil daarvoor moet Kantor wel gedaan zien te krijgen dat de VS zich op de een of andere manier bereid tonen om bij overheidsopdrachten Europese bedrijven een eerlijke kans te geven. Waarnemers in Brussel verwachten dat dat nog een uiterst moeilijke klus zal worden.