IJshockeyteam doorstaat de eerste serieuze test op WK

EINDHOVEN, 31 MAART. Het Nederlands ijshockeyteam heeft de eerste serieuze test voor het wereldkampioenschap voor B-landen doorstaan. Na een matige eerste periode begonnen de aanvalslijnen te lopen. Japan werd gisteren in Eindhoven met 5-3 (0-1, 4-1, 1-1) verslagen. Dave Livingston nestelde zich met twee treffers bovenaan de topscorerslijst. Hij maakte acht doelpunten in vier wedstrijden, Nederland heeft acht punten uit vier wedstrijden.

Maar de beslissende wedstrijd wordt vanavond gespeeld tegen Groot-Brittannië. Als de Britten winnen, promoveren ze vrijwel zeker naar de A-poule en rest Nederland de strijd tegen Denemarken en Polen om een plaats in het kwalificatietoernooi voor de Olympische Spelen. Dat toernooi wordt gespeeld in september.

Japan was een klasse beter dan China, Bulgarije en Roemenië, de drie landen waar Nederland tegen mocht warmdraaien. De Nederlandse spelers werden dan ook bijna verrast door het hoge tempo van de lichtvoetige Japanners. Ze waren door de matige oppositie tot nu toe - het team koesterde een doelsaldo van plus dertig - in slaap gesukkeld. Na een blunder van Leo van den Thillart die voor de goal langs uitverdedigde en daarbij de puck verspeelde, kwam Nederland met 1-0 achter. Drie fraaie reddingen van doelman Marcel Nijland hielden de ploeg in de wedstrijd.

“Het was even schrikken”, moest bondscoach Larry van Wieren toegeven. “Maar we veroorzaakten de problemen zelf. De spelers zijn jong, jagen te veel, speelden te onrustig. In die eerste drie wedstrijden ga je toch nonchalant spelen. Zo stonden toen de lijnen te lang op het ijs. Daarom had ik gehamerd op snel wisselen. Dat ging daardoor weer te gehaast. Ook de powerplay en de penalty killing stonden voor het eerst onder druk en liepen minder goed.”

Van Wieren is tevreden over zijn eerste aanvalslijn. Livingston had de laatste twee maanden in de competitie wat problemen, maar heeft zijn gevoel voor doelpunten hervonden. “Blijf schieten. En zoek niet te lang naar de juiste opening”, was het eenvoudige advies van de coach. Tom Hartogs en Robert Herckenrath completeren de eerste lijn. Op het ijs staan een doelman en vijf spelers. Daarvan zijn er twee verdedigers (een links, een rechts) en drie aanvallers (een center in het midden, en op iedere vleugel een winger). De aanval en de verdediging speelt grotendeels in vaste combinaties. Bij het wisselen gaan meestal de drie aanvallers tegelijk van het ijs, net als de twee verdedigers.

Het Nederlands team heeft in theorie vier aanvalslijnen en drie verdedigende combinaties. De spelers van de verschillende clubs wennen snel aan elkaar. “Je weet van iedere Nederlandse speler hoe hij denkt en beweegt, dat is geen probleem”, zei Hartogs gisteren. Als het team gedegen moet gaan spelen (minder wisselen) of juist moet forceren, kan de coach terugschakelen naar drie aanvalslijnen. Hij offert dan de vierde lijn op, hij vervangt een speler uit de eerste drie lijnen door één uit de vierde lijn. Zo bestond de tweede aanvalslijn gisteravond uit aanvoerder Ron Berteling en Theo van Gerwen. Zij kregen het eerste kwartier gezelschap van "vaste' partner Chris Eimbers en daarna afwisselend van Risto Mollen en Frank Janssen, die eigenlijk in de vierde lijn thuis horen.

Behalve de vaste lijnen zijn er ook special teams voor een man-méér of een man-minder situatie, voor de powerplay en voor de penalty-killing. Daar haperde nog het één en ander. Geen van beide powerplay-combinaties - waarin bijvoorbeeld Tommy Speel in plaats van Herckenrath assisteert bij Hartogs en Livingston - wist te scoren uit vijf kansen. De Nederlandse straffendoders lieten één goal toe in zeven mogelijkheden. Voor powerplay voegt Van Wieren Speel toe aan de eerste lijn, omdat het tempo van de puck dan zo hoog mogelijk moet zijn. Bij een penalty-killing zet hij bijvoorbeeld Herkenrath of Mollen in. Dat zijn jongens die goed kunnen schaatsen, voortdurend op de puck jagen en hun checks beheersen.