Bedreigde consensus

ZAKELIJKHEID en psychologie dienen de politiek van de nieuwe Franse regering.

De zakelijkheid zorgt voor continuïteit in het op Bondsrepubliek en Bundesbank afgestemde stabilisatiebeleid. De psychologie is gereserveerd voor de behandeling van het algemene ongenoegen dat de socialisten de kop heeft gekost. De snel groeiende werkloosheid is van dat ongenoegen een belangrijke oorzaak. En omdat bestrijding van de werkloosheid niet goed samengaat met volgehouden soberheidspolitiek, is een afleidingsmanoeuvre op haar plaats. De (illegale) immigratie zal van nu af hard worden aangepakt. In één beweging hebben de centrum-rechtse leiders aldus de nationalistische vleugel van de gaullistische RPF, die tegen het Verdrag van Maastricht ageert, gedisciplineerd. Zijn aanvoerder, Charles Pasqua, mag op binnenlandse zaken vorm geven aan de afweer van ongewenste vreemdelingen.

Gezien de consensus die er, afgezien van Pasqua en de zijnen, onder de gevestigde partijen, winnaars èn verliezers, bestaat over de Europese oriëntatie van Frankrijk via "Maastricht', zou de "tweede cohabitatie' tussen de socialist Mitterrand en centrum-rechts weinig problemen hoeven opleveren. De toekenning van de voor de president gevoelige portefeuilles van buitenlandse zaken en defensie aan respectievelijk de gaullist Alain Juppé en de liberaal François Léotard zal, evenmin als de benoeming van de pragmatische Edouard Balladur tot premier en de loyale Edmond Alphondery op financiën, politiek inhoudelijk grote moeilijkheden veroorzaken.

MAAR HET EINDE van de ideologieën dreigt de persoonlijke verhoudingen te belasten, omdat de persoon van de politicus nòg belangrijker is geworden, ook in het op de persoonlijkheid van De Gaulle geënte Franse presidentiële stelsel. Mitterrand heeft de uitnodiging van "rechts' om vervroegd af te treden naast zich neer gelegd en aangekondigd dat hij zijn executieve voorrechten op het gebied van internationale betrekkingen zal blijven opeisen. In hoeverre het staatshoofd zich door persoonlijke geldingsdrang dan wel door trouw aan zijn partij en haar herstel zal laten leiden, moet worden afgewacht.

Behalve met de koppige aanwezigheid van president Mitterrand heeft de nieuwe regering rekening te houden met de presidentiële ambities voor het verkiezingsjaar 1995 van Jacques Chirac en Valéry Giscard-d'Estaing, de bewust buiten de regering gebleven politieke leiders van de coalitiepartijen. Temeer omdat de continuïteit van het regeringsbeleid niet onder alle omstandigheden zal sporen met wat dit tweetal opportuun acht om straks een gooi te doen naar het Elysée. Een periode van nog geen twee jaar is niet veel om de economie uit het slop te halen, zeker niet als monetaire zelfbeheersing de orde van de dag is.

De nieuwe premier heeft, zoals al is opgemerkt, te maken met drie bazen. De feitelijke consensus loopt dan ook een stevig risico te worden verscheurd nog voor hij tot resultaten heeft geleid.