SPD en FDP eisen het vertrek van in opspraak geraakte minister

BONN, 30 MAART. De Duitse minister van verkeer, Günther Krause (CDU), is opnieuw in opspraak geraakt. Vanuit de SPD en de FDP is hij gisteren opgeroepen om af te treden nu het weekblad Der Spiegel heeft gemeld dat hij politieke invloed heeft gebruikt voor een inmiddels failliet bouwbedrijf uit Rostock.

Dit bedrijf, Elbo-Bau, zou op grote schaal met steekpenningen hebben gewerkt. Bij Elbo zou ook zó gefraudeerd zijn dat nog een bedrag van 40 miljoen mark "zoek' is, heet het. Volgens een woordvoerder van het openbaar ministerie in Berlijn is een gerechtelijk vooronderzoek bijna klaar, twee Elbo-managers zijn aangehouden op verdenking van “economische criminaliteit”.

Der Spiegel schrijft dat het Oostduitse echtpaar Krause vertegenwoordigers van Elbo en een later opgerichte Elbo-dochter "Heimbau Nordost' heeft geholpen bij het voordelig aankopen van huizen en bouwgrond. Het kantoor van het nieuwe bedrijf staat op grond van de Krauses, die in het dorp Börgerende in Mecklenburg wonen. Heimbau Nordost heeft begin 1992 van mevrouw Krause voor 1,2 miljoen mark akkerland gekocht dat de gemeenteraad vervolgens binnen enkele maanden aanmerkte als bouwgrond.

De minister bevestigt dat zijn vrouw grond aan de Elbo-dochter heeft verkocht. Maar hij betwist dat de plaatselijke gemeenteraad de bestemming daarvan onder druk van hem heeft veranderd. Krause was begin vorige week al pijnlijk in het nieuws geraakt toen bleek dat zijn vrouw een langdurig werkloze Oostduitse in dienst had genomen als huishoudster en een groot deel van haar salaris - conform een subsidieregeling die voor zulke gevallen soms geldend kan worden gemaakt - had geclaimd bij de plaatselijke sociale dienst.

Aanvankelijk ontkenden de Krauses dat zij zo'n claim hadden ingediend, de sociale dienst had hen op die mogelijkheid gewezen, zeiden zij. Later vorige week bleek dat zij wel degelijk zelf het initiatief hadden genomen en dat de regeling in dit geval bovendien eigenlijk niet van toepassing was. Krause beloofde vervolgens het salaris van de huishoudster voortaan geheel zelf te betalen en al ontvangen subsidies terug te storten.

Krause, die in '91/'92 in het nieuws kwam wegens onduidelijke kwesties rondom de verlening van (goedkope) concessies aan exploitanten van restaurants aan de Oostduitse autowegen (zoals aan de Nederlandse Van der Valk-keten), was onder de laatste DDR-premier, Lothar de Maizière, staatssecretaris. De nu 39-jarige minister verwierf destijds groot respect als onderhandelaar met de Westduitse regering over het Duitse eenwordingsverdrag (van augustus 1990).

Begin 1991, nadat De Maizière van het politieke toneel was verdwenen wegens vroegere contacten met de Oostduitse staatsveiligheidsdienst, vroeg kanselier Helmut Kohl de snel gerezen politieke ster Krause als minister. Sindsdien geldt hij als eerste man van de 66 Oostduitse leden van de CDU-fractie in de Bondsdag, die vorig jaar zomer al eens hebben gedreigd een eigen parlementaire groep te vormen. In samenspraak met Krause wisten Kohl en CDU-fractieleider Wolfgang Schäuble dat toen te voorkomen. Gezien de toenemende kritiek uit die groep op het beleid van de regering en de CDU in Oost-Duitsland is Krause dus méér dan een "gewone' minister, wat het voor Kohl ook moeilijker maakt om hem te vervangen. Mevrouw Ingrid Matthäus-Maier, vice-voorzitter van de SPD-fractie in de Bondsdag, zei gisteren dat Krause “voor een ministerspost eenvoudig de karakterstructuur mist”. Ook het FDP-bestuurslid Westerwelle vroeg hem af te treden.