"Fries is geen standaardtaal, maar ook geen echt dialect'

LEEUWARDEN, 30 MAART. De Friese taal is niet een volwaardige standaardtaal, maar ook geen dialect. Het Fries zit er tussenin. Dat concludeert neerlandicus en "frisist' drs. P. Breuker in zijn proefschrift "Noarmaspekten fan it hjoeddeiske Frysk' (Norm-aspecten van het hedendaagse Fries) waarop hij donderdag promoveert tot doctor in de letteren aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Breuker, geboren en getogen Fries, keek in zijn onderzoek onder meer naar de vorm en de functie van de taal. Het Fries kan wat vorm betreft worden beschouwd als een taal, omdat spelling en grammatica zijn vastgelegd en er woordenboeken Fries bestaan. Maar doordat er zoveel variaties mogelijk zijn in woorden, neigt het meer naar een dialect. “Een verschil met bijvoorbeeld het Nederlands of Engels is dat er voor bepaalde woorden meer variatie is”, aldus Breuker. “Zaterdag in het Fries is "sneon', maar je kunt ook "saterdi' gebruiken.”

Het Fries kent een aantal hoofddialecten, waaruit een keuze wordt gemaakt die leidt tot het "genormeerd' Fries. Het bereik van deze "echte', opgetekende Friese taal is klein, stelt Breuker. “Het genormeerd Fries is maar bij een klein aantal Friestaligen bekend, zoals schrijvers, journalisten, mensen in het onderwijs en Friezen die een sterke taalideologie hebben”, concludeert de frisist. “Uit onderzoek is gebleken dat 76 procent van de Friese bevolking Fries spreekt. Maar de meesten hebben onvoldoende kennis van de taal en de regels die gelden, omdat ze geen Fries lezen en de echte taal ook niet geleerd hebben op school.”

Het Fries wordt het meest gebruikt in het informele circuit: "thuis', onder vrienden en in de familie. Wel wordt het steeds meer gebruikt in het formele domein, aldus Breuker. “Vanaf de jaren zestig heeft het Fries het onderwijs, de media en het bestuurlijke verkeer bescheiden veroverd”, constateert hij.

De vraag of het Fries wel of geen volwaardige taal is, interesseert Breuker minder dan de vorm en de functie van de Friese taal. Verrast onderging hij de afgelopen dagen talloze interviews over zijn bevinding dat Fries geen echte taal is. “Je ziet dat de begrippen taal en dialect beladen zijn. Taal verschaft status, een dialect is iets minderwaardigs.”

“Friezen moeten hun taal meer buiten het informele circuit horen spreken”, vindt de frisist. Hij pleit voor meer lesuren Fries in het basisonderwijs, meer culturele en literaire Friestalige manifestaties, meer Friestalige radio en televisie. Om het Fries in de rest van het land een positiever imago te geven, zou meer Friestalig proza moeten worden vertaald in het Nederlands. Breuker: “De beeldvorming van het Fries is nu te negatief. Vertalingen, congressen en manifestaties kunnen dat beeld bijstellen.”