Amerikanen stellen sancties in kwestie overheidsorders uit; EG doet concessie aan VS

BRUSSEL, 30 MAART. De Europese Gemeenschap is een escalatie uit de weg gegaan in handelsconflict met de Verenigde Staten over de toewijzing van openbare aanbestedingen. Tijdens overleg in Brussel, gisteren, toonde EG-commissaris Sir Leon Brittan zich tegenover de Amerikaanse handelsafgevaardigde Mickey Kantor bereid om een door de Amerikanen gewraakte bepaling te schrappen waarin Europese bedrijven worden bevoordeeld boven niet-Europese bij het verwerven van overheidsopdrachten. In ruil voor die toezegging zullen de VS voorlopig afzien van eerder aangekondigde sancties.

De afspraken betekenen nog niet dat de EG en de VS hun geschil over de procedures bij openbare aanbestedingen hebben bijgelegd. Brittan heeft namens de EG een pakket nieuwe voorstellen op tafel gelegd, waarin ook van de Amerikanen concessies worden gevraagd. Kantor bestempelde die voorstellen “op het eerste gezicht” als “constructief”. Maar hij zei met nadruk dat er nog geen overeenstemming bestaat, dat de VS zeker tegenvoorstellen zullen doen en dat er nog veel werk verzet moet worden. Beide partijen zullen elkaar op 19 en 20 april opnieuw ontmoeten in Washington. Het is de bedoeling dat dan een akkoord wordt gesloten. Indien overeenstemming uitblijft, zijn beide partijen niet langer gebonden aan de gemaakte afspraken.

Tijdens de komende ontmoeting zullen Kantor en Brittan ook proberen een akkoord te sluiten over het verlagen van importtarieven voor een groot aantal industriële produkten. Het onderwerp "markttoegang' maakt deel uit van de huidige Gatt-onderhandelingen over liberalisering van de wereldhandel. De EG en de VS streven er naar om, naar voorbeeld van het eerder gesloten akkoord over landbouw, met elkaar tot overeenstemming te komen en dat bilaterale akkoord vervolgens voor te leggen aan de andere Gatt-partners.

Pag.17: Brittan verwacht ook concessies van de VS

Kantor zei dat de EG en de VS onderhandelen over een veel ruimer pakket dan waarover tot dusver werd gesproken, zowel wat betreft de hoeveelheid produkten waarvoor de martktoegang wordt verbeterd, als de mate waarin invoertarieven worden verlaagd.

Brittan ontkende gisteren dat hij op het punt van de openbare aanbestedingen concessies heeft gedaan aan de VS zonder daarvoor iets terug te krijgen. De Europese Commissie onderhandelt namens de gemeenschap, maar het zijn uiteindelijk de ministers van de twaalf lidstaten die hun goedkeuring moeten geven aan het onderhandelingsresultaat. Brittan zei dat hij een voorstel zal voorbereiden waarin de EG-ministers wordt gevraagd om de omstreden bepaling in de EG-richtlijnen voor openbare aanbestedingen te schrappen. Maar het weghalen van het betreffende artikel zal pas daadwerkelijk geschieden indien hij en Kantor op 19 en 20 april in Washington een bevredigend akkoord hebben bereikt, waarbij ook van Amerikaanse kant concessies worden gedaan.

De richtlijnen voor openbare aanbestedingen vormen een belangrijk onderdeel van de regelgeving ten behoeve van de interne Europese markt. Door de eenwording van de markt, per 1 januari, moesten er binnen de EG uniforme procedures worden afgesproken voor het toewijzen van overheidsopdrachten. De VS storen zich daarbij aan artikel 29 in de betreffende Europese richtlijn. Dat artikel bepaalt dat een Europees bedrijf de voorkeur krijgt boven een niet-Europese onderneming, ook al valt de offerte van het Europese bedrijf tot 3 procent duurder uit. Bedrijven die voor meer dan 50 procent gebruik maken van apparatuur en diensten van niet-Europese origine vallen geheel buiten de boot.

De VS verwerpen de omstreden bepaling als “dicriminatoir”. Daartegenover staat het verweer van de EG dat de Europese overheidsmarkt veel opener is geworden ten opzichte van de oude situatie toen de twaalf lidstaten ieder hun eigen markten nog afschermden. Bovendien, stelt Brussel, discrimineren ook de Amerikanen buitenlandse mededingers bij het verwerven van overheidsopdrachten. De VS kennen onder andere een Buy American Act die Amerikaanse leveranciers een substantieel prijsvoordeel bieden. Bovendien houden de VS verschillende sectoren gesloten, zoals openbare dienstverlening (vervoer, luchthavens) en telecommunicatie.