Chinese premier stuit op weerstand

PEKING, 29 MAART. China's nieuwe achtste Nationale Volkscongres heeft in zorgvuldig geënsceneerde verkiezingen macht en functies in de staatshiërarchie herverdeeld, zonder dat er enig nieuw gezicht op het toneel is verschenen. Het staatshoofd, de 85-jarige generaal Yang Shangkun, trad af en de 66-jarige partijleider, Jiang Zemin, werd tevens met deze grotendeels ceremoniële functie belast. Li Peng kreeg zoals verwacht een nieuwe ambtstermijn van vijf jaar als premier, maar met een onverwacht groot aantal tegenstemmen.

Wan Li, de 77-jarige voorzitter van het Volkscongres, trad eveneens af en werd vervangen door de 69-jarige veiligheidschef Qiao Shi, die tevens tot de top zes van het politburo behoort. Als vice-president werd de 77-jarige "patriottische kapitalist' Rong Yiren gekozen, tot dusver vice-voorzitter van het Volkscongres. Hij nam de plaats in van Wang Zhen, een maoïstische generaal en een van China's zes overgebleven "acht onsterfelijken' die niettemin op 12 maart overleed.

Drie vice-premiers zijn afgetreden en de ministers van buitenlandse zaken en handel, Qian Qichen (64) en Li Lanqing (60), zijn tot vice-premier gepromoveerd. Vice-premier Zhu Rongji wordt nu als eerste van de vier vice-premiers beschouwd.

De verkiezing van Jiang Zemin tot staatshoofd maakt hem de eerste partijleider sinds wijlen Mao Zedong die gelijktijdig hoofd van partij, leger en staat is. Als partijleider is hij echter, ondanks zijn zeer zware gestalte, een lichtgewicht stroman van de hoogbejaarden en als legerleider een klucht, aangezien hij nooit een uniform heeft gedragen.

De functie van staatshoofd is hem gegeven om zijn zwakke positie te versterken en om hem in staat te stellen beter internationaal te functioneren. Aangezien er vrijwel geen regerende communistische partijen meer zijn is het moeilijk voor een partijleider zonder staats- of regeringsfunctie reizen naar het buitenland te maken. De vereniging van de functies in de persoon van Jiang beoogt ook om Chinese staatsbezoeken naar Westerse landen te vergemakkelijken, aangezien vooral premier Li Peng daar een omstreden figuur blijft.

Uit de stemming afgelopen weekeinde bleek ook dat de kleurloze Jiang grotere aanvaardbaarheid geniet dan de neo-stalinistische Li Peng. Jiang kreeg 2.858 stemmen, 35 tegen en 25 onthoudingen. Li Peng kreeg slechts 2.573 stemmen voor, 210 tegen en 120 onthoudingen, gezien het streng geregisseerde karakter van deze verkiezingen een ongewoon hoog aantal. De antipathie tegen Li vindt niet alleen haar oorzaak in de initiërende rol die hij heeft gespeeld in de gewelddadige onderdrukking van de studentenbeweging in 1989, maar ook in zijn conservatieve economische ideeën. Hij heeft zich zo lang mogelijk verzet tegen een hervatting van de in 1988 stagnerende economische hervormingen, met name tegen de door opperste leider Deng Xiaoping bevolen radicalisering van de hervormingen vorig jaar. Tijdens het vorige Volkscongres bepleitte Li een lage groei van 6 procent, maar zijn regeringsrapport werd op 150 plaatsen geamendeerd.

Wel werd Li Peng geprezen voor het terugdringen van inflatie en oververhitting in de periode 1989-1990. Ook nu dreigt er weer economische oververhitting maar op last van Deng Xiaoping mag daar niet openlijk over gedebatteerd worden omdat orthodoxe marxisten dat gebruiken als voorwendsel om de opmars naar de markteconomie te blokkeren.

Maar volgens politieke waarnemers is de belangrijkste reden waarom Deng, zij het met tegenzin, Li Peng handhaaft dat zijn aftreden door de publieke opinie zou worden opgevat als een koerswijziging tegenover het bloedbad van 1989, dat toen door de partij als een "contra-revolutionaire rebellie van straatbandieten' werd bestempeld. Zo'n wijziging zou tot nieuwe eisen voor democratische hervormingen, instabiliteit en chaos kunnen leiden.

De verkiezing tot vice-president van Rong Yilren is een gebaar naar niet-communisten en de herboren ondernemersklasse. Rong is een vooroorlogse fabrikant uit Shanghai, die in tegenstelling tot vele collega's niet naar Hongkong vluchtte en daarvoor tijdens de Culturele Revolutie zwaar geboet heeft. In 1978 werd hij gerehabiliteerd en beloond met hoge functies, onder andere voorzitter van de "China International Trust and Investment Corporation' en vice-voorzitter van het Nationale Volkscongres.