Russische politiek is onwerkelijk; Het ideaal van Michail Bakoenin is nu bijna gerealiseerd

Collega X van de nieuwe krant Segodna (Vandaag) is tevreden. Twee weken geleden liep hij in de wandelgangen van het Kremlin al rond in de gevechtsplunje uit zijn tijd als dienstplichtig militair. Journalist X, toch een serieus mens, heeft z'n battledress daarna niet meer uitgedaan. Afgelopen week is gebleken waarom hij zich juist nu zo vermaakt. “Eindelijk, we hebben Joegoslavië weer van de voorpagina's verdreven”.

Het sentiment van journalist X staat niet op zichzelf. Veel Russische vakgenoten voelen zich eveneens meer circus-recensent dan verslaggever. Ze vertolken daarmee nu ten lange leste de gevoelens van het volk, zij het niet met een vlaggetje, een hoedje en een toeter, zoals Corry Vonk ooit zong. Want dat politici slechts "spelletjes' boven de hoofden van de toeschouwers spelen, is een wijsheid die de Russische burger al heel lang voor in de mond bestorven ligt. Je daartegen verzetten, al is het maar onder het motto dat politiek in een democratie onvermijdelijk is en dat je als individu daarom moet proberen om de politisering van jouw eigen leven tegen te gaan, is zinloos. Het is namelijk waar. De Russische politiek heeft inderdaad echt niets te maken met de alledaagse werkelijkheid. Het politieke conflict, dat de gemoederen dezer dagen bij ons in het Westen bezighoudt, laat de burgers die er in eerste instantie iets mee te maken hebben ijskoud. Dat collega X en al die andere journalisten zich nu al wekenlang met niets anders bezighouden dan die vierkante kilometer tussen Kremlin en witte huis vinden zelfs de meest fatsoenlijke Russen dan ook raar. “Kom je vanavond langs? Ik heb prima vis uit Tjoemen meegenomen?” “Nee, er is sjezd (congres).” “Oh ja, maar dat is in december toch al afgelopen?” “Nee. Er is nu opnieuw een congres van volksafgevaardigden bijeengeroepen.” “Nou en?” “Ze willen er Jeltsin uitkleden.” “Zo?!” “Ik moet dus werken.” “Maar dat kan morgen toch ook.” “Dat gaat niet, wie weet wat er morgen weer gebeurt.” “Je begrijpt er echt helemaal niets van. Hoelang woon je hier nu al?”

Zulke conversaties zijn in Moskou eerder regel dan uitzondering, zij het dat bovenstaande dialoog enigszins gekuist is omdat de gemiddelde onderdaan in Rusland al lang niet meer in staat is zijn opvattingen over de leiding van zijn land zonder krachttermen onder woorden te brengen.

Mede daarom kan de politieke elite in Rusland onderling relatief juist ongestoord zijn gang gaan. Wie de beelden van de betogingen, die de Europese en Amerikaanse omroepen hun kijkers steeds maar weer voorschotelen, goed bekijkt, zou dat kunnen weten. Die beelden staan namelijk bol van bejaarden, arbeidsongeschikten, gedeklasseerde ex-communisten die de overstap niet hebben kunnen maken, jonge opgeschoren knokkers en echte dronkelappen. Hun politieke voorkeur is vaak alleen te herkennen aan de vlaggen of leuzen die ze meevoeren en aan de aanwezigheid van de fascistische jeugd. Maar of zou nu voor Jeltsin zijn of juist tegen hem, deze duizenden zijn in feite niet veel meer dan demonstratie-vee. Het hart van de samenleving (de jonge én oude ondernemers, de onderwijzers, de middelbare academici, de geschoolde arbeiders en de studerende jeugd) laat zich op straat niet zien. Deze burgerij is hooguit bereid om zich, als het echt niet anders kan, naar de stembus te slepen om erger te voorkomen. Zonder dat dit overigens iets verandert aan hun visie op het leven van henzelf en dat van Rusland.

Over deze mensen zou het Westen het moeten hebben als het zijn portemonnee wil trekken. Maar dat is kennelijk te veel gevraagd. Goed versus fout: dat is nog altijd een hanteerbaarder schema, een electoraler schema vooral. Held Michail Gorbatsjov mag dan inmiddels zijn vervangen door Boris Jeltsin en boeman Anatoli Loekjanov (voormalig sovjet-parlementsvoorzitter) door speaker Roeslan Chasboelatov, het denkpatroon is niettemin gelijk gebleven. Het zij zo. De keuze is bovendien al gemaakt. Het kon ook niet anders. Want welke politicus zou zijn belastingbetalende kiezer durven uitleggen dat hij zijn geld verspeeld heeft aan die onbetrouwbare en vaak ook louche coalitie die Chasboelatov om zich heen heeft verzameld?

Maar in wie hebben Clinton, Major, Kohl, Mitterrand en Kooymans dan wel vertrouwen? Zeker, Boris Jeltsin is geen bang mens. Hij heeft in augustus 1991 de terugkeer naar de Sovjet-Unie als communistische eenheidsstaat weten te voorkomen. Hij spreekt bovendien veel en vaak over markteconomie en democratie. Maar wellicht is het ook goed om Jeltsin een beetje op zijn feitelijk gedrag te beoordelen. Wat heeft hij de afgelopen anderhalf jaar bijgedragen aan de economische hervormingen, waarover hij eind 1991 zelf expliciet de leiding heeft genomen en derhalve meer dan symbolisch aanspreekbaar is?

De meeste decreten die hij in zijn jaar van volmachten heeft uitgevaardigd, hebben er niets toe gedaan. Rusland is een verzameling economische stadstaten geworden, de privatisering stagneert, de vouchers zijn nog maar een kwart waard en in de ogen van de beoogde volkskapitalisten dus een lachertje, de dollar bestaat wettelijk officieel al bijna een jaar niet meer (al die valutawinkels zijn kennelijk fata morgana) doch blijft heer en meester, de belastingdienst chanteert slechts, de produktieval en inflatie zijn niet tot staan gebracht en diefstal van staatseigendommen is norm geworden.

Deze fiasco's zijn hem wellicht niet zeer euvel te duiden. Een markteconomie dient zich immers van onderop te ontwikkelen. Doe laat zich dus niet vanaf de Olympus decreteren, zeker niet als het parlement dwars ligt.

Maar wat te denken van de democratisering van de samenleving die hij zegt voor te staan? Daarop is de invloed van Jeltsin als politicus groter geweest en het resultaat nog droeviger. Er is een heel verhaal over op te hangen. Jeltsins weigering om een politieke partij te vormen, diens onvermogen om de simpelste oekaze uitgevoerd te krijgen, zijn loze dreigementen aan de volksvertegenwoordiging tot nu toe, zijn afwijzing gistermorgen van tussentijdse verkiezingen omdat hij weet dat hij ook in een nieuw parlement geen meerderheid zal hebben: het zou er allemaal bij gehaald kunnen worden.

Maar alles is afgelopen week eigenlijk samengekomen in de wijze waarop Jeltsin nu het hem zo vijandige parlement te lijf is gegaan. Met de dezelfde middelen als de volksvertegenwoordiging hem aanpakt: dat wil zeggen, met leugen en bedrog. De burgers die vorige week zaterdag 20 maart bijvoorbeeld de moeite hebben genomen naar Jeltsins "oproep tot het volk' te kijken, hebben de president allemaal horen zeggen dat hij die dag een decreet had ondertekend waarmee hij "speciaal bestuur' had afgekondigd. Als diezelfde burgers donderdag de krant uit de bus zouden hebben gehaald (quod non, de krant lezen is not done in Rusland), hadden ze kunnen zien dat de woensdag uiteindelijk vrijgegeven oekaze in het geheel geen gewag maakt van speciaal bestuur maar desondanks wel op zaterdag 20 maart is gedateerd. In het notariaat heet zoiets valsheid in geschrifte. In de Russische politiek noemen ze het tactiek. Dat wordt door de vakbroeders als machiavellisme hogelijk gewaardeerd. Wie wint heeft immers altijd gelijk.

Ook de kiezers, die Jeltsin gisteren weer heeft opgetrommeld voor een bewust vaag gehouden "vertrouwensstemming' over hemzelf en zijn nog altijd onbekende ontwerpgrondwet, weten dat deze discrepantie tussen gesproken woord en geschreven tekst niet wijst op een beginnende vorm van aderverkalking bij hun president. Voor hen is het een wet van Meden en Perzen dat politici en bestuurders newspeak spreken. Dat democraten zich daar ook van bedienen verbaast hen niet. Ze wisten het reeds.

Wellicht is deze vergaande vorm van vervreemding tussen politieke leiders en burgers een prachtig resultaat. Rusland is nu hét land waar het ideaal van Michail Bakoenin nu nagenoeg gerealiseerd is. De staat is er afgestorven en de gemeenschap voorziet ondertussen in haar eigen behoeften. Wat er vandaag of morgen in het Kremlin mag gebeuren, dat proces gaat gewoon door. Rusland heeft zijn eigen dynamiek. Ook Clinton en Kooymans hebben daarop geen invloed.

Dat politici "spelletjes' boven de hoofden van de toeschouwers spelen ligt Russische burger al heel lang voor in de mond bestorven