Wallage: autonomie scholen vergt meer invloed van gemeente

DEN HAAG, 26 MAART. De autonomie van scholen kan niet groter worden, tenzij de gemeentelijke overheid een grotere rol krijgt in het onderwijsbeleid. Als deze samenhang wordt verbroken, zal het autonomieproces dat sinds enige jaren het streven van de regering is, mislukken. Dit zei staatssecretaris Wallage (onderwijs) gisteren tijdens een overleg met de Kamer.

Dit “samenhangende pakket” wordt gesteund door een Kamermeerderheid van PvdA, VVD, D66 en Groen Links. Het CDA is tegen een rol voor de gemeente in het onderwijsbeleid. Het vreest vooral voor het benadelen van het bijzonder onderwijs, dat nu niets te maken heeft met de gemeentelijke overheid. De SGP beschuldigde Wallage van "koppelverkoop'.

Sinds kort hebben scholen meer zeggenschap over hun personele uitgaven. Volgens de plannen krijgen ze over een aantal jaar één budget ("lump sum') voor alle materiële en personele kosten. Alle partijen in de Kamer vinden dat het streven naar meer autonomie voor de scholen een goede zaak is.

Wallage zei dat er bij grotere autonomie van de scholen meer behoefte zal zijn aan onderlinge afstemming en samenwerking op gebieden als achterstandsbeleid, tweede-taalonderwijs, huisvesting en aansluiting op de arbeidsmarkt. “De neiging op een eiland te gaan zitten mag bij de autonome school niet gaan overheersen”, aldus Wallage.

Kamerlid D. de Cloe (PvdA), partijgenoot van Wallage, zei gisteren dat de gemeente als een “knopendoorhakkende instantie” moest gaan functioneren. Kamerlid Hermes (CDA) zei zich te kunnen vinden in een "activerende rol' voor de gemeente maar verklaarde zich mordicus tegen “een bevelspositie van de gemeente ten aanzien van bijzondere scholen”.

De Kamer, op het CDA na, was verder van mening dat àls de gemeente meer onderwijstaken op zich neemt, zij dan het bestuur over het openbaar onderwijs moet overdragen aan een aparte commissie van ouders en andere betrokkenen waarover zij dan alleen nog in hoofdlijnen controle kan uitoefenen. Het CDA heeft zich overigens al eerder voorstander van een aparte bestuurscommissie voor het openbaar onderwijs verklaard, maar dan omdat op die manier de invloed van de ouders op de school van hun kinderen vergroot kan worden.

De gehele Kamer was verder van mening dat na de huidige fusiegolf in het onderwijs de grens van schaalvergroting is bereikt. Het wordt dan tijd dat de schoolbesturen gaan fuseren of samenwerken. Wallage zei dat een middelbare school van 800 leerlingen in staat is met één "lump sum'-budget te werken, maar dat deze school dan wel onderdeel moet zijn van een groter verband om onverwachte risico's te kunnen opvangen. Momenteel leiden fusies er toe dat er scholen worden gevormd van 2000 leerlingen of meer.