Niederlandische Bucher

De Berlijnse uitgeverij Twenne beroept zich erop de enige uitgeverij in Duitsland te zijn die uitsluitend Nederlandse literatuur brengt. “Misschien zijn we zelfs wel de enige ter wereld die dit doet” voegt Hans-Ulrich Jäckle er lachend aan toe. Nadat hij een paar jaar in boekhandels had gewerkt, besloot hij drie jaar geleden een eigen uitgeverij te beginnen. Hij wist dat er in Duitsland al vele honderden uitgevers waren en begreep dat specialisatie noodzakelijk zou zijn. Hij koos voor Nederlandse literatuur.

“Sommigen noemden deze keuze moedig, anderen dachten dat ik knettergek was, maar ik wil graag bewijzen dat ik niet knettergek ben.” Een belangrijke overweging was dat zijn vriendin Mariëtte Rissenbeek, zijn huidige compagnon, uit Nederland afkomstig was. Zij had Duits gestudeerd in Utrecht en Berlijn, en kende de Nederlandse literaire en uitgeverswereld. Twenne kan daardoor beter dan de grote Duitse uitgevers volgen wat er in Nederland uitkomt. Even belangrijk voor hun keuze was echter dat Nederland in 1993 themaland zou worden op de Frankfurter Buchmesse. Jäckle weet dat dit een toenemende belangstelling voor zo'n land met zich mee brengt.

Tegen het najaar hoopt Twenne voldoende te zijn doorgedrongen in de Duitse boekenmarkt om van het Schwerpunkt te kunnen profiteren. Tot nu toe brachten ze acht Nederlandse boeken in vertaling uit. Naast Helga Ruebsamen en Huub Beurskens geven ze Mensje van Keulen uit, Marion Bloem, René Appel, Vonne van der Meer en Wanda Reisel. En in de loop van dit jaar zullen in ieder geval nog boeken van Tip Marugg en Andreas Burnier verschijnen.

Tot nu levert de uitgeverij nog niet voldoende op om van te bestaan, Mariëtte Rissenbeek heeft nog een baan bij een filmdistributeur, maar binnen twee jaar hoopt zij voldoende omzet te hebben om er niets meer naast te hoeven doen. Er komen elk jaar vier titels uit, die intensief met lezingen en auteursbezoeken worden begeleid. Het afgelopen najaar hebben Jäckle en Rissenbeek veel tijd gestoken in het persoonlijk bezoeken van boekverkopers in het westen van Duitsland. Het gevolg is dat er op dit moment in Duitsland ongeveer dertig goede boekwinkels zijn die het fonds met enige overtuiging uitstallen en proberen te verkopen.

Nederlandse bestsellers zijn door de geringe omvang en de betrekkelijke onbekendheid van de uitgeverij nog moeilijk te krijgen. Rissenbeek herinnert er met spijt aan dat zij de eerste was die belangstelling toonde voor Eerst grijs dan wit dan blauw van Margriet de Moor. “Ik had het meteen na verschijnen gelezen, en wist dat het voor de AKO-prijs was genomineerd.” Uiteindelijk ging het toch naar een grotere uitgever. Jäckle: “Het hangt er van af hoe de Nederlandse uitgever zo'n boek ziet. Denkt hij het goed te kunnen verkopen, dan zijn we kansloos, maar hij kan daar ook niet te lang mee wachten. Als geen enkele grote uitgever het wil uitegeven, bestaat het risico dat niemand het meer wil.”