Franse socialisten verwachten weinig van zondag; Jean-Marie Le Pen is in district van Nice nog niet zeker van een parlementszetel

PARIJS, 26 MAART. De Franse socialisten zullen zondag, na de tweede ronde in de Franse parlementsverkiezingen, ten hoogste 60 zetels halen in de Nationale Vergadering, die in totaal 577 afgevaardigden telt. Maar waarschijnlijk keren slechts 52 socialisten terug op het rode pluche van het Palais Bourbon - net te weinig om als zelfstandige fractie een motie van wantrouwen tegen de toekomstige regering van gaullisten en liberalen te kunnen indienen. Een dergelijke motie vereist de handtekening van tien procent van het totale aantal afgevaardigden, 58 dus.

Deze berekeningen zijn afkomstig van medewerkers van president François Mitterrand in het Elysée. Mitterrand betreurde het in zijn afscheidsspeech tot de vertrekkende regering van Pierre Bérégovoy woensdag dat hij zich niet krachtiger had ingezet voor een ander kiesstelselsel. Het geldende "meerderheidssysteem' werkt sterk in het voordeel van grote partijen - de gaullistische RPR en de liberale UDF krijgen met slechts de stemmen van circa 40 procent van de kiezers naar schatting tachtig procent van de parlementszetels. Maar Michel Rocard, premier toen een eventuele wijziging van het kiesstelsel aan de orde was, verzette zich tegen invoering van een proportioneel systeem.

In het Elysée wordt met leedvermaak vastgesteld dat Rocard, de "natuurlijke' presidentskandidaat van links, zelf het slachtoffer lijkt te worden van de electorale slachting die de Parti Socialiste afgelopen zondag onderging. Als afgevaardigde van een kiesdistrict rond het stadje Conflans-Sainte-Honorine nabij Parijs waarvan hij zestien jaar burgemeester is, behaalde Rocard slechts 27 procent van de stemmen, tegen 39 procent voor zijn belangrijkste tegenstander, de "sociale liberaal' Pierre Cardo, de populaire burgemeester van het nabijgelegen Chanteloup-les-Vignes, die zich op een witte motorfiets Kawasaki 1000 pleegt te verplaatsen.

Het slaperige Conflans is deze week Frankrijks bekendste strijdperk in de verkiezingen geworden. De liberalen stuurden "kanonnen' als secretaris-generaal Bayrou van de UDF en zelfs oud-premier Raymond Barre om hun onorthodoxe kandidaat Cardo te helpen - de overwinning op Rocard zou het symbool van de historische nederlaag van de socialisten zijn. Op zijn beurt kreeg Rocard steun van de populaire Bernard Kouchner, de minister van gezondheid en humanitaire actie. Een bezoek van de twee aan een kinderhuis en een bejaardencentrum werd een "media-event': acht tv-stations, twee radiozenders en enkele gewone verslaggevers volgden de campagne van het laatste uur met alle chaotische toestanden die daarbij horen.

Rocard is een van de vele kopstukken van de Parti Socialiste die hun zetel in het parlement dreigen te verliezen. Ook Mitterrands intieme vriend Roland Dumas, de minister van buitenlandse zaken, lijkt in Dordogne het onderspit te delven. Dumas, die volgende week een bureau in het Elysée betrekt, kreeg in de eerste ronde slechts 22,5 procent van de stemmen. De gaullist De Peretti, burgemeester van Sarlat, behaalde 43 procent en lijkt te zullen winnen. Dordogne (in totaal vier zetels) was een traditioneel links bolwerk, net als Haute-Garonne, waar ex-partijleider en oud-minister van onderwijs Lionel Jospin eveneens weinig kans op herverkiezing maakt.

De lijst van socialisten-in-problemen kan moeiteloos worden uitgebreid. Premier Pierre Bérégovoy kreeg in zijn kiesdistrict in de Nièvre (centraal-Frankrijk) slechts 16 stemmen meer dan zijn gaullistische uitdager. Partijleider Laurent Fabius ziet zijn aanhang in Haute-Normandie dramatisch verschrompeld. In 1988 kreeg Fabius in de eerste ronde 61 procent van de stemmen, afgelopen zondag slechts 27 procent. Michel Delabarre, de burgemeester van Duinkerken, verloor 27 procentpunten in vergelijking tot 1988. Links dreigt het industriële noorden, een traditioneel bolwerk, te verliezen.

Aan de rechterzijde van het politieke spectrum gaat de meeste aandacht uit naar Lyon. In Frankrijks tweede stad is burgemeester Michel Noir in een spectaculair gevecht gewikkeld met Alain Mérieux, een lokale industrieel die de steun heeft van de RPR-partijcentrale in Parijs. RPR-leider Chirac heeft Noir nooit vergeven dat deze de RPR verliet om als een Franse Kennedy de politiek te vernieuwen, een project dat inmiddels op de klippen is gelopen. Noirs prestige is zwaar aangetast door een financieel schandaal over zijn schoonzoon Botton. Chirac heeft voorts zijn zinnen gezet op alle parlementszetels in Parijs dat al lang een gaullistisch bolwerk is.

Onzeker zijn de kansen van Jean-Marie Le Pen, de leider van het extreem-rechtse Front National, die in Nice kandidaat is. Le Pen heeft de steun gekregen van Jacques Médecin, de corrupte burgemeester van Nice die naar Uruguay vluchtte om aan de justitie te ontkomen. Le Pen kreeg 27 procent van de stemmen in de eerste ronde, zeven punten meer dan de liberaal Salles. Een lokale FN-kandidaat, Peyrat, maakt kans op een zetel in een ander district in deze stad, waar het Front National de grootste partij is en de verkiezingsstrijd met alle middelen, ook onoirbare, voert.

Bernard Tapie, de miljonair die links werd, maakt in een district nabij Marseille kans op een zetel, hoewel hij slechts 25 procent van de stemmen kreeg. Het Front National handhaaft zijn lokale kandidaat (18,7 procent) om RPR/UDF dwars te zitten. Met behulp van de communisten (18 procent) lijkt Tapie boven de gaullistische kandidaat te zullen eindigen. Voor Tapie is de parlementszetel de opmaat naar het burgemeesterschap van Marseille. Hetzelfde zou kunnen gelden voor Le Pen want ook Nice is aan een nieuwe burgemeester toe. Beide heren ontkennen in alle toonaarden dat ze een "geheime deal' hebben gesloten. De verkiezingen van zondag zullen echter bevestigen dat het Front National in beide steden een politieke factor van betekenis blijft.