Een peen voor de vijand; Oorlogsroman van Sebastien Japrisot

Sébastien Japrisot: De lange zondag van de verloving. Vertaald door Rosalie Siblesz. Uitg. Meulenhoff, 309 blz. Prijs ƒ 39,50.

In Cahiers secrets de la Grande Guerre van maarschalk Fayolle staat te lezen hoe Pétain, de held van Verdun in de Eerste Wereldoorlog, zou hebben besloten om vijfentwintig soldaten die zichzelf hebben verminkt door zich door de hand te schieten, niet te laten fusilleren, maar hen gebogen over de borstwering van de loopgraaf te zetten op een plek waar de vijand het meest nabij is. Op deze wijze hoeft hij geen Franse kogels aan hen te verspillen. Het is een van die gruwelen die men zich nauwelijks kan voorstellen, en die de schrijver Sébastien Japrisot heeft genspireerd tot zijn roman Un long dimanche de fiançailles, nu door Rosalie Siblesz in mooi Nederlands vertaald als De lange zondag van de verloving.

In zijn boek gaat het om vijf soldaten die zich uit pure wanhoop, en ook wel zonder al te zeer na te denken over de consequenties, op een dergelijke manier hebben verwond, en na het vonnis van de krijgsraad door een sergeant, Daniel Esperanza, begeleid worden naar de voorste loopgraaf, die de schilderachtige naam "Bingo crépuscule' draagt. Daar worden zij overgedragen aan de bevelvoerende kapitein Favourier, die niet al te zeer in zijn nopjes is met de klus: "Verdomme, Esperanza, had u echt geen kans kunnen zien die arme kerels onderweg kwijt te raken? (-) De andere kant opkijken zodat ze konden vluchten, ze een schop onder hun reet geven zodat ze hun benen uit hun gat hadden gelopen, dondert niet wat!' Maar nu ze er zijn heeft Favourier geen andere keuze dan het vonnis van de krijgsraad ten uitvoer te brengen en de slachtoffers 's avonds met de handen op de rug gebonden het niemandsland in te sturen.

Maar voor het zover is hebben zij een laatste brief mogen schrijven aan hun dierbaren. Esperanza verstuurt de brieven na er eerst kopieën van te hebben gemaakt en als hij na de oorlog, stervend aan de Spaanse griep, in een ziekenhuis ligt in de omgeving van een van de geadresseerden, vraagt hij haar hem te komen bezoeken. Ze was de verloofde van de jongste van de vijf, de negentienjarige Manech, of "Groentje' zoals hij werd genoemd en ze krijgt te horen wat zich in werkelijkheid heeft afgespeeld.

Het meisje krijgt de briefkopieën en de adressen van de andere nabestaanden en plaatst een advertentie, in de hoop meer getuigenissen te krijgen. Zo maakt ze kennis met andere vriendinnen van soldaten en met een van de weinige soldaten die de gebeurtenissen heeft overleefd. Door deze contacten krijgt zij inzicht in de levens van de slachtoffers en er ontstaan ook verschillende versies over de de bewuste nacht. Onzeker is of alle vijf wel gesneuveld zijn. Over haar Manech, die volkomen in de war was, hoort het meisje dat hij in het niemandsland bezig was een sneeuwman te maken, en dat de Duitsers hem zelfs een peen toewierpen voor de neus.

De naam Sébastien Japrisot is een anagrammatisch pseudoniem van Jean-Baptiste Rossi. Hij is hier in Nederland nog niet zo bekend, hoewel al eerder, ook bij Meulenhoff, Moordzomer, (L'été meurtrier) verscheen. Zoals meer van zijn boeken werd ook deze thriller verfilmd. De lange zondag van de verloving, die op dit moment wordt verfilmd, werd in 1991 genomineerd voor de Prix Goncourt, en kreeg uiteindelijk de Prix Interallié. Een verdiende bekroning, want het uitzonderlijke gegeven van het boek heeft Japrisot op meeslepende wijze weten uit te werken. Zijn ervaring als thrillerauteur heeft hem hierbij ongetwijfeld goede diensten kunnen bewijzen. Heel bijzonder is ook de stijl waarin cynisme, verontwaardiging en deernis met de slachtoffers een verbinding aangaan die net de juiste toon oplevert voor de weergave van het macabere verhaal. De lange zomer van de verloving is, kortom, een boek dat de lezer, ook als het uit is, niet snel zal loslaten.