Directeur gevangenis vreest uittocht zure gedetineerden

AMSTERDAM, 26 MAART. Of hij, in verband met de begrafenis van zijn 91-jarige moeder in Canada, van het Amsterdamse gerechtshof zijn paspoort niet kon terugkrijgen? Met die vraag stond de 64-jarige Canadees E.M. eergisteren voor het hof. De raadsheren wezen zijn verzoek resoluut af.

Een maand eerder had het hof zich nog een stuk toeschietelijker getoond. Na betaling van een borgsom van 150.000 gulden en inlevering van het paspoort, schorste het gerechtshof de voorlopige hechtenis van de eerder door de rechtbank wegens oplichting tot drie jaar cel veroordeelde Canadees. Hij mocht de gevangenis verlaten omdat hij last had van depressies en cel-angst.

Die rechterlijke beslissing wekte nogal wat verontwaardiging. De directeur van de gevangenis Demersluis waar M. verbleef, J.E.A. Elbers, is bij het horen van het besluit bijkans van woede ontploft, zo blijkt uit een uitgelekte vertrouwelijke brief van Elbers van 8 maart jongstleden aan het ministerie van justitie. Het op vrije voeten stellen van de Canadese oplichter is volgens hem het resultaat van een ingewikkelde samenzwering van zijn advocaat mr. A. Moszkowicz en de psychiater dr. H. de Jong. Zij hebben het hof zo gek gekregen om “naar vorm en inhoud een ontsnapping te veroorzaken”, aldus Elbers die om een onderzoek van de rijksrecherche vraagt naar de gebeurtenissen.

“Deze beschuldiging is van de dolle”, reageert de vice-president van het Amsterdamse hof mr. J.H.M. Willems, die de Canadees in vrijheid stelde. “Het is wel boeiend dat die gevangenisdirecteur zo'n joculant verhaal weet te verzinnen maar het is zo zot dat ik me er niet druk over maak”, aldus de raadsheer.

Elbers zelf geeft geen toelichting op zijn brief. Hij heeft inmiddels, net zoals vele betrokkenen in deze zaak, door het ministerie van justitie een spreekverbod opgelegd gekregen. In zijn schrijven geeft hij echter uitvoerig aan waarom hij denkt dat er kwaad opzet in het spel is.

“Alhoewel ikzelf een ruime klinische ervaring als psychotherapeut heb, heb ik nooit waargenomen dat de heer M. ernstig depressief zou zijn. Bewaarders omschreven hem als een "zure man' en in dit jargon wordt dan bedoeld: sjacherijnig, beetje boos, de pest in hebben”, aldus Elbers.

Als dergelijke zure klanten niet in een gevangenis zouden kunnen verblijven, schrijft Elbers verder, dan zouden “met dezelfde maat gemeten, tientallen gedetineerden in mijn huis van bewaring eveneens detentie-ongeschikt zijn. In ieder geval kan ik op objectieve criteria wel vijf gedetineerden aanwijzen die ernstig lijden vanuit hun detentie doch ook niet worden ontslagen”.

Dat M. wel zijn cel mocht verlaten, komt volgens Elbers omdat Moszkowicz psychiater De Jong heeft bewogen onder valse voorwendsels M. te bezoeken en een dubieus rapport op te stellen. De psychiater heeft volgens Elbers volledig in opdracht van de verdediging geopereerd om, zo suggereert hij, “een flinke financiële bonus” te kunnen opstrijken.

De Jong is woedend over de aantijgingen maar meer dan zeggen dat hij deze“uitermate schandelijk” vindt, kan hij niet, want ook De Jong heeft een spreekverbod. Collega's van De Jong die enigszins op de hoogte zijn van de zaak M. noemen de beschuldigingen dat de psychiater zich heeft laten omkopen belachelijk. Wel zou De Jong mogelijk iets al te naïef zijn geweest en sluiten ze niet uit dat de Canadees - een geroutineerde oplichter - de gedragsdeskundige om de tuin heeft weten te leiden. Dat laatste is ook het standpunt van het openbaar ministerie.

De man die volgens Elbers het “aardige plan” voor M. heeft bedacht, de jongste telg van de advocatenfamilie Moszkowicz, Abraham, sluit niet uit dat de gevangenisdirecteur door de ontsnappingen uit zijn inrichting paranoïde is geworden. Een aanwijzing daarvoor staat in de brief van Elbers als hij vergelijkingen maakt met de spectaculaire uitbraak van een belangrijke XTC-verdachte die zich door kameraden liet ophalen die als nep-agenten waren verkleed.

Moszkowicz overweegt inmiddels Elbers via een kort geding tot een rectificatie te dwingen. Hij vraagt staatssecretaris Kosto (justitie) om disciplinaire maatregelen tegen de gevangenisdirecteur. Ook de deken van de Amsterdamse orde van advocaten mr. E. Swaab wil van Kosto opheldering over de wilde beschuldigingen aan het adres van haar confrère. De aantijgingen van Elbers zijn schadelijk voor de hele advocatuur, meent Moszkowicz. Ze passen volgens hem “in de algehele tendens om succesvolle strafpleiters in een kwaad daglicht te stellen”.